Kleine beller trekt weinig profijt uit liberalisering

Bijna een jaar na de liberalisering kan de beller binnen Nederland nog niet of nauwelijks geld besparen. Soms is de consument zelfs duurder uit.

UTRECHT, 12 JUNI. Beter laat dan nooit, moet de Consumentenbond gedacht hebben. Bijna een maand na bekendmaking van de nieuwe telefoontarieven en tweeëneenhalve maand na de behandeling van de nieuwe telecommunicatiewet in de Tweede Kamer trekt hij aan de bel over de eerste gevolgen van de liberalisering van de telecommarkt. “De consument wordt genadeloos aan de zijlijn gezet”, aldus E. Aberson gisteren namens de belangenorganisatie op een drukbezocht congres over telecommunicatie in Utrecht.

Woensdag eiste de Consumentenbond in een brief aan Opta, toezichthouder op de telecommunicatiemarkt, dat de per 1 juli aangekondigde verhoging van de KPN-tarieven voor bellen tussen 18.00 en 20.00 uur niet doorgaat. Ook wil de bond dat klanten met een goedkoop KPN-abonnement ('Belbudget') de mogelijkheid krijgen te bellen via een concurrent.

Opta-voorzitter prof. J. Arnbak ging gisteren niet direct in op de eisen. Hij wees erop dat de veranderingen in de tarieven onlosmakelijk verbonden zijn met de liberalisering van de markt en Europese regelgeving. Een eventuele handhaving van de daltarieven tussen 18.00 en 20.00 uur bijvoorbeeld zal daarom via prijsverhogingen elders moet worden terugverdiend, aldus Arnbak.

Bij de behandeling van de telecommunicatiewet in de Kamer is het risico dat 'kleine bellers' door de liberalisering met een hogere rekening worden geconfronteerd uitvoerig aan de orde geweest. Een harde garantie dat geen enkele (kleine) beller met hogere telefoonkosten mag worden geconfronteerd haalde geen meerderheid. De wat ruimere verplichting dat economisch minder bedeelden er niet wezenlijk op achteruit mogen gaan, werd wel aangenomen.

Brusselse regelgeving eist dat KPN kruissubsidiëring van gesprekstarieven naar het vaste abonnement staakt. Dat zal de concurrentie bevorderen, stelde Arnbak. In internationale telefonie zijn concurrentie en bijbehorende prijsverlagingen feiten, maar binnenslands zijn de mogelijkheden voor besparing, zeker voor de consument, nog minimaal.

Arnbak becijferde dat er telecommunicatiebedrijven zijn die, dankzij de lagere interconnectietarieven die zij per 1 juli betalen voor gebruik van het KPN-net, de voormalige monopolist op prijs kunnen aanvallen. De Opta-voorzitter ziet met name kansen voor aanbieders van telefonie tussen verschillende regio's en voor aanbieders met een net dat tot in wijken doordringt (zodat ze alleen het allerlaatste stukje van het KPN-net hoeven te gebruiken).

Arnbak erkende dat de concurrenten van KPN het in de slag om lokaal telefoonverkeer niet gemakkelijk zullen hebben. Hij deed een oproep aan de telecom-bedrijven die hebben aangegeven de prijzenslag aan te gaan hun beloften snel waar te maken. “Misschien zijn er marktpartijen die juist in de dure avonduren van KPN, tussen 18.00 en 20.00 uur, zullen proberen marktaandeel te winnen.”

Behalve op een prijzenslag in telefonie via vaste netwerken (in de grond) vestigt Arnbak ook hoop op nieuwe aanbieders van mobiele telefonie, waarvan er waarschijnlijk drie (Telfort, Federa en TeleDanmark) tot de Nederlandse markt toetreden. P. Gelderman van de Rabobank zei gisteren dat Federa (France Telecom, ABN Amro en Rabobank) begin 1999 de markt op komt. Algemeen directeur K. van der Meulen verwacht dat Telfort (NS en British Telecom) al dit najaar zijn eerste dienst introduceert.

Of de consument snel van de komst van de twee nieuwe aanbieders profiteert bleef ongewis. Telfort en Federa lieten weinig los over hun plannen. Van der Meulen wilde wel kwijt dat Telfort telefonie via vaste lijnen met mobiele telefonie zal combineren en dat het zijn klanten één rekening en één telefoonnummer wil bieden in plaats van de huidige combinatie van mobiele en vaste telefoonnummers. “Daar is een enorme markt voor”, aldus Van der Meulen.

Terwijl Telfort en Federa zich opmaken om met KPN en Libertel te concurreren, laten de kabelmaatschappijen op zich wachten. De alliantie Enertel (binnenkort over te nemen door het Amerikaanse Worldport) biedt grote gebruikers telefonie via het net van KPN, A2000 is commercieel actief en Casema (in handen van France Telecom) experimenteert met het aanbieden van telefonie. Maar het overgrote deel van de ruim zes miljoen Nederlandse huishoudens heeft nog geen uitzicht op telefonie via de kabel binnen afzienbare termijn. “Concurrentie via een alternatief netwerk [tot aan de voordeur van de consument] zal veel meer tijd kosten”, voorspelde Arnbak.

Namens ABN Amro betoogde dr. P. Renaud dat het bezit van infrastructuur een zeer belangrijke factor is om te overleven op de markt voor telecommunicatie. Namens de grote zakelijke gebruikers ging C. Tromp van de belangenvereniging BTG nog een stap verder: “Als het gaat om concurrentie, is carrier selectie [aanbieden van telefonie via het netwerk van de concurrent en een tevoren in te toetsen code] fake. Zo'n dienst is volledig gebaseerd op het netwerk en de kostenstructuur van KPN.”

Algemeen directeur T. Aurik van de Nederlandse dochter van het Zweedse Tele2, aanbieder zonder eigen netwerk, liet zich hierdoor niet uit het veld slaan. Voor niet lokaal telefoonverkeer binnen Nederland hanteert Tele2 tarieven die iets lager zijn dan die van KPN.

Het bedrijf investeert in Nederland vooral in personeel, marketing en overeenkomsten voor interconnectie. Sinds de start vorig jaar is daaraan 8 miljoen gulden besteed.

Volgens Aurik moet Tele2 niet veel groter worden dan de 55 mensen die het nu in dienst heeft. Met een omzet van 70 tot 80 miljoen over drie jaar hoopt Tele2 binnen drie tot vijf jaar uit de kosten te zijn.

    • Michiel van Nieuwstadt