Tweede Kamer wil tweede prinsjesdag

DEN HAAG, 11 JUNI. In de volgende kabinetsperiode moet er een tweede prinsjesdag komen: de 'derde woensdag' in mei. Staat de derde dinsdag van september in het teken van het nieuwe begrotingsjaar, de derde woensdag van mei zou de dag van de verantwoording over het afgelopen jaar moeten worden.

Voor dit plan van een werkgroep van de vaste commissie voor rijksuitgaven bleek gisteren brede politieke steun te bestaan. De PvdA wil er tijdens de formatie van het nieuwe kabinet al afspraken over maken. Volgens het Kamerlid Van Zijl kunnen die dan in het regeerakkoord worden vastgelegd. Ook VVD en D66 staan positief tegenover het plan. Tweede-Kamervoorzitter Van Nieuwenhoven meent dat het een “belangrijke verbetering in de controlefunctie” van het parlement zou betekenen.

Op dit moment bestaat voor de debatten over afgesloten begrotingsjaren weinig belangstelling. Alle aandacht gaat naar de nieuwe plannen van het kabinet, die op Prinsjesdag worden gepresenteerd. In het rapport van de werkgroep wordt gepleit voor financiële rapportages waarin verantwoording wordt afgelegd over het gevoerde beleid. Ook zouden ze niet alleen toegankelijk moeten zijn voor financiële specialisten, maar voor alle leden van het parlement.

Het zou volgens de werkgroep “een goed signaal” zijn wanneer het debat op de derde woensdag van mei “op politiek hoog niveau gevoerd wordt”. Dat betekent, net als bij de algemene politieke beschouwingen, dat de fractievoorzitters debatteren met de minister-president.

Demissionair staatssecretaris Vermeend (Financiën), die gisteren het rapport namens het kabinet in ontvangst nam, zei dat “er veel voor te zeggen is dat de derde woensdag in mei even belangrijk wordt als prinsjesdag”.