Luide opening van Holland Festival nr. 51

AMSTERDAM, 11 JUNI. Het 51ste Holland Festival is gisteravond op het Amsterdamse Leidseplein op zeer luide wijze geopend met het muziekspektakel Gevels van componist Harry de Wit. De voorgevel van de Stadsschouwburg was getransformeerd tot een enorme rood-wit-blauwe vlag, die bestond uit tientallen kleine vlaggen.

Die Hollandse festival-gevel blijft intact tot het eind van het festival op 27 juni. Achter het monumentale rood-wit-blauw stonden musici, die samenspeelden met collegae op stellages tegen de gevel van het Hirsch-gebouw en op het dak van het KLM-gebouw.

Het eerste Holland Festival van directeur Ivo van Hove, die zelf aanwezig was op het dirigeerplatform, leek met deze vijftien minuten durende opmaat vanaf het begin te willen breken met een deel van het verleden door duidelijk te maken dat het ingekorte Holland Festival met een vernieuwde programmering mikt op een deels nieuw en jonger publiek. Duidelijke voorbeelden daarvan waren op de openingsavond de optredens van de Limburgse popgroepen De Heideroosjes en Rowwen Hèze in Paradiso. Ook aansprekend voor een jong publiek is, later deze maand in Carré, de serie voorstellingen van de Amerikaanse tapdancer Savion Glover, een co-productie met Joop van den Ende. 'Anders' is eveneens Big Yellow Taxi, een ode aan Joni Mitchell in het Concertgebouw op 16 juni.

Niettemin herinnerde de muziek van De Wit mij sterk aan het Holland Festival van 1974, toen in het Concertgebouw een uitvoering klonk van het verpletterende Como una ola de fuerza y luz (Als een golf van kracht en licht) van Luigi Nono, met de pianist Maurizio Pollini als solist. De Wits muziek - lange akkoorden van koperblazers, klavierspelers, slagwerkers en een cellist met gezongen en gedeclameerde teksten van een vocaliste - leek in opzet op die van Nono, maar overtrof die nog ruim in volume. Zelfs in de buitenlucht was Gevels voelbaar dreunend en oorverdovend. De bedoeling was dan ook dat heel Amsterdam zou horen dat het Holland Festival was geopend.

Ondertussen werd de Stadsschouwburg nog 'bestormd' door een danseres die via een schuine evenwichtsbalk langzaam van de straat naar de Grote Foyer liep. Het samenspel tussen de drie groepen muzikanten was symbolisch voor de ambitie van Van Hove's Holland Festival contacten te leggen tussen de diverse kunstvormen en deelpublieken. Dat doel spreekt ook uit de affiches met stekkers en stopcontacten. Het slot van Gevels - dertig pizzakoeriers op scooters reden claxonerend de stad in - duidde eveneens op een drang om Amsterdam te veroveren door verbindingen te leggen. Aan de andere kant: door deze opening - bijgewoond door honderden veelal toevallige voorbijgangers - werden de tramverbindingen door de Leidsestraat een tijd lang onmogelijk.

Het Holland Festival nam met deze opening onbetwistbaar bezit van het Leidseplein, waar de Stadsschouwburg niet alleen het podium is voor theater- en operavoorstellingen, maar ook functioneert als festivalcentrum met horecavoorzieningen en discussiebijeenkomsten. Volgens het festival kwam de kaartverkoop laat op gang, maar verloopt die nu “goed”.

    • Kasper Jansen