'Groei haven vergt grotere Maasvlakte'

Het havenbedrijf van Rotterdam presenteerde gisteren een nieuwe toekomstverkenning. Opnieuw bepleit het uitbreiding van de Maasvlakte.

ROTTERDAM, 11 JUNI. Het economisch belang van de Rotterdamse haven neemt de komende twee decennia toe, maar de werkgelegenheid neemt er af of groeit nauwelijks. Daarom moet de eventuele aanleg van een (vracht)luchthaven op de Maasvlakte aan de orde komen als het kabinet komend najaar bepaalt hoe het de groei van het luchtverkeer in Nederland opvangt.

Dit zei de Rotterdamse havenwethouder Hans Simons (PvdA) gisteren bij de presentatie van de studie '2020, integrale verkenningen voor haven en industrie'. Uit deze toekomstverkenning van het Gemeentelijk Havenbedrijf Rotterdam (GHR) blijkt dat bij een economische groei van 3,25 procent per jaar al in 2002 ruimtegebrek kan ontstaan. Het havenbedrijf, dat op de Maasvlakte nog slechts 280 hectare terrein heeft voor uitgifte aan bedrijven, ziet hierin een nieuw argument voor een snel besluit over uitbreiding van de Maasvlakte met duizend hectare (inclusief havens).

De Rotterdamse haven verandert de komende decennia van olie- tot containerhaven. Bij een voortgezette gunstige economische ontwikkeling stijgt de overslag van 4,8 miljoen TEU (20 voet-containers) in 1995 tot 17,8 miljoen TEU's in 2020. Dit komt ook de distributiesector ten goede.

De chemische industrie zal de olieraffinage (die ongeveer constant blijft) overvleugelen. Containers, chemie en distributie in de Rotterdamse haven dragen verhoudingsgewijs het meest bij aan de groei van de toegevoegde waarde voor de Nederlandse economie. Die neemt toe van bijna 40 miljard gulden nu tot 60 à 100 miljard in 2020.

In de 'Verkenningen 2020' is uitgegaan van twee scenario's die ook het Centraal Planbureau hanteert. Dat zijn het Global Competion-scenario (GC), dat uitgaat van een jaarlijkse groei van Nederlands bruto binnenlands product met 3,25 procent, en het Divided Europe-scenario (DE), dat uitgaat van slechts 1,5 procent groei per jaar. De werkgelegenheid die de Rotterdamse haven in Nederland genereert stijgt in het GC-model van 315.000 tot 375.000 banen in 2020. In het minder gunstige scenario daalt het aantal arbeidsplaatsen tot 304.000. In de Rotterdamse regio blijft de werkgelegenheid in beide gevallen ongeveer stabiel.

Wethouder Simons zei dat een (vracht)luchthaven op de vergrote Maasvlakte een hoognodige impuls voor de werkgelegenheid in het Rijnmondgebied kan betekenen. Gezien de lange voorbereiding zou het kabinet deze herfst al moeten beslissen hoe de groei van de luchtvaart in Nederland moet worden opgevangen. Simons bepleit een parallel besluit over eventuele uitbreiding van Schiphol en uitbreiding van de Maasvlakte, die volgens Rotterdam nodig is om nieuwe chemische en containerbedrijven plaats te bieden. Bij het formatieoverleg over Paars 2 is gisteren overigens overeengekomen dat de Maasvlakte niet voor een luchthaven in aanmerking komt.

Bij de overslag van goederen in de Rotterdamse haven - 310 miljoen ton in 1997 - is in het gunstige scenario sprake van een gemiddelde jaarlijkse groei van 2 procent, tot 480 miljoen ton in 2020. De toename van het aantal containers dat wordt overgeslagen is volgens directeur Willem Scholten van het Gemeentelijke Havenbedrijf 'conservatief' berekend: alleen in het eerste kwartaal van dit jaar groeide de containeroverslag in Rotterdam met 10 procent.

De toekomstverkenning is een met meer gegevens aangevuld vervolg op het zogeheten Goederenomslagmodel 6 uit 1990. Dit was de basis voor het Havenplan 2010, dat voorziet in aanleg van talrijke havenfaciliteiten, uitbreiding van het havenbedrijfsterrein en infrastructurele voorzieningen als de Betuwelijn en uitbreiding van de A15. Ook de voorgestelde 'natte' uitbreiding van de Maasvlakte met duizend hectare is gebaseerd op dit model. Volgens de verkenning 2020 ontstaat in het GC-scenario een tekort van 1260 hectare. Daarbij is rekening gehouden met het benutten van bestaand bedrijfsterrein voor nieuwe activiteiten.

Het Havenplan 2010 behoeft nauwelijks te worden aangepast op grond van de verkenning 2020, aldus B en W van Rotterdam in een toelichting aan de gemeenteraad. Spoor en binnenvaart krijgen een groter aandeel in het vervoer van containers. Niettemin zal ook het containervervoer over de weg aanmerkelijk toenemen. Volgens B & W moet daarom extra aandacht worden besteed aan innovaties op verkeers- en vervoersgebied. Wethouder Simons zei gisteren te denken aan ondergronds vervoer.

Ondanks intensiever ruimtegebruik en de groei van de chemische industrie zal het milieu in de Rotterdamse regio verbeteren. Er is een belangrijke uitzondering: de uitstoot van kooldioxyde stijgt door toename van energiegebruik en (vracht)verkeer.