Sorgdrager 'weet misschien niet alles' over zaak-Lancée

Minister Sorgdrager (Justitie) heeft destijds de Tweede Kamer in de affaire-Lancée “slordig” ingelicht, zo bleek gisteren bij een Kamerdebat met de demissionaire minister.

DEN HAAG, 10 JUNI. Minister Sorgdrager (Justitie) zuchtte diep en stak haar handen omhoog. “Het is ook allemaal zo ingewikkeld”, riep ze toen, vermoeid. Ze begreep de nieuwste commotie rond de affaire-Lancée niet zo goed. Ze had nooit de bedoeling gehad de Tweede Kamer iets te onthouden. “Politie en justitie zijn oprecht bezig geweest deze zaak goed af te handelen. Ik geloof dat echt.” De demissionaire minister kreeg gisteren zware kritiek van de Tweede Kamer voor de wijze waarop zij het parlement heeft ingelicht over de affaire-Lancée. “Slordig”, zei PvdA-Kamerlid E. Kalsbeek. “Mistig”, noemde haar GroenLinks-collega M. Rabbae haar handelen. “Onjuist”, was de kwalificatie van VVD'er H. Kamp.

Sorgdrager had op 1 oktober vorig jaar de Tweede Kamer meegedeeld dat ze nog een onderzoek wilde doen naar de wijze waarop het openbaar ministerie in Groningen had ingelicht over de beslissingen die waren genomen in de affaire rond ex-politiechef R. Lancée van Schiermonnikoog, die in 1996 door zijn zeventienjarige dochter Bianca valselijk was beschuldigd van incest. Maar op 1 oktober had Sorgdrager al de nota 'Onderzoek Informatieverstrekking door OM inzake Lancée' gekregen van haar juridisch adviseur. De Kamerleden rekenden het Sorgdrager zwaar aan dat zij hierover had gezwegen. De minister had als verklaring dat ze deze nota nog op rechtspositionele consequenties wilde bekijken. Daarom lichtte ze pas in januari van dit jaar de Tweede Kamer over het onderzoek in.

Volgens de vertrouwelijke nota heeft de Groningse plaatsvervangend hoofdofficier van justitie M. van Capelle de minister onjuist ingelicht. Van Capelle stelde in een ambtsbericht dat de beslissing om Lancée met een arrestatieteam op Schiermonnikoog aan te houden, was genomen nadat Lancée op vrijdagavond 26 april telefonisch dreigementen zou hebben geuit tegen dochter Bianca. Op de inzet van het arrestatieteam kwam later veel kritiek, omdat dit overdreven zou zijn geweest. De beslissing tot de inzet van het arrestatieteam bleek, anders dan Van Capelle beweerde, al eerder die bewuste vrijdag te zijn genomen. De nota zet ook vraagtekens gezet bij rol van de toenmalige Groningse hoofdofficier R. Daverschot en procureur-generaal D. Steenhuis. Zij brachten een belangrijk evaluatierapport van de politie Groningen niet meteen ter kennis aan de minister.

De Tweede Kamer wilde gisteren nog geen conclusies trekken na de verklaring van Sorgdrager. Volgende week komt de affaire nogmaals aan de orde. Sorgdrager wilde gisteren niets zeggen of er tegen Van Capelle nog maatregelen worden genomen. “Daar doe ik geen mededelingen over. Er is al genoeg over fouten van ambtenaren in de openbaarheid gekomen.”

CDA-Kamerlid W. van de Camp eiste nog dat Sorgdrager een beschuldiging introk dat hij gelekt zou hebben uit de vertrouwelijke nota van de juridisch adviseur. De minister stelde in een brief, dat Van de Camp over de nota “publiekelijk mededelingen” had gedaan. Sorgdrager zei dat ze Van de Camp niet had beschuldigd van “lekken of zo”. Ze had Van de Camp niet als persoon in een kwaad daglicht willen stellen. Het Kamerlid nam genoegen met de uitleg.

Lancée hoorde gisteren het debat met tevredenheid aan. Alle grote fracties vonden dat hij recht had op een ruimhartige schadevergoeding. Ook Sorgdrager zei dat een “passende genoegdoening voor het gezin-Lancée” op zijn plaats is. De onderhandelingen over een schadevergoeding zijn echter vastgelopen. Lancée eist 950.000 gulden van justitie, terwijl hem 550.000 gulden is geboden. De kans dat Lancée naar de rechter stapt lijkt groot. Sorgdrager zei dat er sprake is van een eindbod. Ze vindt verder dat publieke excuses en rehabilitatie op zijn plaats zijn.

Terugkeer bij de politie sluit Lancée uit. Hij wil een eenmalig bedrag, geen wachtgeld. “Ik wil helemaal van de overheid af zijn. Als ik dat geld krijg kan ik mijn gang gaan.” Lancée overweegt met zijn vrouw te verhuizen naar Spanje. De affaire-Lancée heeft een belangrijk deel van het ministerschap van Sorgdrager beheerst, zo zei ze zelf. “Het gevoel bekruipt me nog wel eens, of ik over deze zaak nu wel alles weet.”

    • Herman Staal