Scholen wachten nog steeds op digitale revolutie

De computerrevolutie op scholen blijft uit. De eerste scholen zouden in januari beginnen met digitale lessen, maar ze wachten nog op de 272 miljoen gulden die minister Ritzen beloofde.

ENSCHEDE, 10 JUNI. Aardrijkskundeleraar J. Brandenbarg van het Ichtus College in Enschede voelt zich dezer dagen een roekeloze computergek. Deze week nog moet hij 180 nieuwe machines bestellen, een multimediacomputer, en een passend netwerk. Aan keuze geen gebrek - fabrikanten lopen de deur plat - maar de vraag is of minister Ritzen (Onderwijs) zijn belofte inlost. De drieëneenhalve ton die hij de school vorig jaar heeft toegezegd, is nog steeds niet op de rekening bijgeschreven. Het zweet staat Brandenbarg op de handen. “Een onheilspellend gevoel bekruipt me dat Ritzen zijn plan en geld alsnog intrekt.”

Het is verwarring troef rond het prestigieuze computerproject voor basisscholen en middelbare scholen, dat Nederland in vier jaar moet opstoten tot de Europese voorhoede in onderwijs met informatie en communicatietechnologie (ict). De 101 basisscholen en 119 middelbare 'voorhoedescholen' die vanaf 1 januari met computers zouden experimenteren, zitten al vijf maanden met de handen over elkaar. De systeemeisen voor de aan te schaffen netwerken en randapparatuur ontbreken. Leraren kunnen nog niet worden bijgeschoold want het 'digitale rijbewijs' laat op zich wachten. En waar blijft het geld om voor elke tien leerlingen een computer aan te schaffen?

“Ik pleit ervoor dat alle voorhoedescholen zich terugtrekken”, briest Roger Leppers, docent informatiekunde van het Goois Lyceum in Bussum, op Internet. Waarom computeronderwijs uitproberen als Ritzen zijn beloften breekt en scholen maar wat laat aanrotzooien? “De eerste de beste leerling die zoiets flikt, krijgt op zijn donder.” Zijn directievoorzitter G. Bonhof van de Gooise Scholenfederatie drukt zich diplomatieker uit: “Dit neigt naar onbehoorlijk bestuur.” Omdat zij van afblazen niets wil weten (“voor leerlingen zijn computers een vanzelfsprekendheid”) zal zij voorfinanciering voorstellen. “Maar ik zeg u dit: we gaan door op de ingeslagen weg niet dankzij de plannen van Ritzen maar ondanks zijn plannen. Want die kennen vooral onzekerheden.”

Dat verwijt moet Ritzen bekend voorkomen. Al in het vroege voorjaar bestempelden Onderwijsraad, Sociaal Economische Raad en een aparte ICT-commissie in de Tweede Kamer het computerplan als onduidelijk, vaag en onoverzichtelijk. Bovendien, zo klonk het eensgezind, ging Ritzen in zijn streven naar meer machines en een gemeenschappelijk scholennet voorbij aan afschrijvingskosten en systeembeheer en ontbeerde het plan een heldere onderwijskundige onderbouwing. Onbegrijpelijk, zo vonden de critici, temeer omdat eerdere computerprojecten in het onderwijs om precies deze redenen sneuvelden.

De minister leek zich de kritiek aan te trekken. Hij zette spoorslags een 'procesmanagement ict' aan het werk, een clubje specialisten dat de voorhoedescholen terzijde moet staan. Maar zij hebben tot dusver weinig kunnen uithalen, aldus het verontwaardigde spreekkoor dat scholen op de website aanheffen. Tegenslagen doorkruisten hun daadkracht. Zo bleek er voor middelbare scholen dit jaar minder geld beschikbaar: niet driehonderddertig gulden per leerling maar tweehonderd. Ook lukte het niet om de aanschaf van personal computers centraal aan te besteden, zodat scholen nu zelf leveranciers moeten kiezen. En tenslotte liep de ontwikkeling van het scholennet vertraging op. Als de kabelaars op schema werken is dit Edunet op zijn vroegst in oktober toegankelijk. Los daarvan staat nog het feit dat de minister voor 'achterhoedescholen' die niet experimenteren geen geld heeft gereserveerd, terwijl een volgend kabinet daar minimaal 1,3 miljard gulden voor moet uittrekken, becijferde Ritzen. Bittere noodzaak, oordeelt de Onderwijsraad: “Anders ontstaat er een onaanvaardbare tweedeling tussen scholen.”

De vraag rijst of die toekomst gloort voor het computerproject. Clemens Cornielje, Tweede Kamerlid voor de VVD, is daar somber over. “Ritzen laat een vreselijk dossier achter met een hoge onbetaalde rekening.” De 272 miljoen gulden die dit jaar beschikbaar is, is al beloofd aan de voorhoedescholen. En investeringen door een komend kabinet ter waarde van 1,3 miljard gulden, zijn hoogst onzeker, aldus Cornielje, die een belangrijk adviseur is van VVD-onderhandelaar Bolkestein. Het computeronderwijs moet op de onderwijsbegroting de concurrentie aangaan met het dure maar bij de partijen onomstreden plan voor klassenverkleining in de laagste groepen op de basisschool.

Andere mogelijkheid is een pot aanspreken met geld voor infrastructuur, maar daar azen verschillende ministeries op. Cornielje, verontwaardigd: “Ritzen heeft willen scoren met de methode 'snelkookpan'. Hij heeft gedacht als we maar beginnen, dan krijg ik met maatschappelijke druk de rest van het geld wel op tafel. Nou, dat kan alleen als je denkt: na mij de zondvloed”.

En laten de scholen die zouden experimenteren zich die de vertraging opnieuw welgevallen? Nee. Scholen van Winschoten tot Weert en van Assen tot Bussum maken aanstalten op eigen krachten door te gaan. Projectleiders zetten nascholingscursussen op voor leraren en vaksecties gaan op zoek naar goede software - geen sinecure, ook omdat veel Nederlandse uitgevers zeggen voor een prikkie geen software te kunnen ontwikkelen. Maar de scholen zijn ervan overtuigd dat de computers zo snel mogelijk de les in moeten. Want dan kunnen de LTS'ers computergestuurd leren tekenen, examenkandidaten hun scriptie schrijven met informatie van Internet en brugklassers met emailprojecten een vreemde taal aanleren.

's Middags hangt er in het computerlokaal van het Nassau College in Assen een klamme lichaamsgeur. Zo'n vijftien docenten zitten gebogen over computers, sommigen met een rood hoofd van de inspanning. Ze volgen een 'knoppencursus', die hen moet inwijden in de do's and don'ts van databases, spreadsheets en Microsoft Office. Hoewel computercoördinator H. Grömmel nog niet weet of de cursus voldoet aan de nog onbekende richtlijnen voor het digitale rijbewijs, is hij toch maar vast begonnen. “Anders gaat de motivatie verloren.”

Spijt heeft hij niet. Slechts twee van de in totaal 100 docenten in demoderne vreemde talen en de beroepsgerichte vakken voelen zich er te oud voor. De anderen zijn razend enthousiast. Carla Zijlstra, lerares Engels, ziet in het Engelse spellingcheckprogramma een uitkomst voor haar bijlessen. “De computer helpt leerlingen die worstelen met spelling veel gestructureerder en preciezer dan ik kan doen.” En ook J. Boonstra van de VBO-afdeling consumptief ziet handenwrijvend uit naar het nieuwe schooljaar. Hij wil zijn leerlingen computergestuurd brood leren bakken. Zodat ze op het computerscherm kunnen zien hoe de eiwitten na tien minuten gestremd raken en het zetmeel na 20 minuten verstijfselt. “Want omdat de computer het onderwerp tastbaarder maakt, zullen ze het ook beter oppikken.”