Peuterbranche uit kinderschoenen

In ongeveer 350 kinderdagverblijven staken vandaag de leidsters voor een betere CAO in de welzijnssector. De opvang van peuters heeft inmiddels 'economisch aanzien' gekregen - en is dus belangrijk.

UTRECHT, 9 JUNI. Mariska Verkade (28) zit al negen jaar op peuterstoeltjes. Ze moet wel, want in de lokalen van kinderdagverblijf 't Springertje zijn geen andere stoelen. Verkade staakt vandaag van harte.

Al enige tijd ontvangt ze het maximale salaris van 3.285 gulden bruto per maand bij een vijfdaagse werkweek. Verkade werkt drie dagen, heeft haar ATV-dagen ingeleverd en ontvangt netto zo'n 1.730 gulden. Het steekt haar vooral dat leidsters in peuterspeelzalen meer verdienen. “Dat is eigenlijk hetzelfde werk, alleen meer spelen. Hier ben je ook nog uitgebreid bezig met eten en naar bed brengen tussen de middag.” Ze denkt niet dat ze het werk tot haar 65ste volhoudt. “Ik krijg nu al meer last van mijn knieën, mijn rug. Die stoeltjes zitten niet echt lekker.”

Ongeveer 350 kinderdagverblijven staken vandaag voor een betere CAO Welzijn. 't Springertje, gelegen in het centrum van Utrecht, wilde eigenlijk helemaal dichtgaan, maar daarvoor hadden de groepsleidsters hun actie te laat aangemeld. Daarom is er noodopvang voor kinderen die nergens anders terecht konden, zoals de anderhalfjarige Mees. “Mijn oudste zus had mijn moeder al gecharterd en buren en vrienden konden ook niet”, zegt haar moeder. Maar de meeste groepsleidsters doen mee met de actie in de Jaarbeurs die vanochtend om elf uur begon. Behalve de kinderdagverblijven staakt ook een aantal buurthuizen, asielzoekerscentra en peuterspeelzalen, die onder dezelfde CAO vallen.

Dat juist de kinderdagverblijven zo nadrukkelijk van zich laten horen is geen toeval, meent Ans Gademan, hoofd advies en training van kinderopvangbureau Link. Begonnen in de jaren zeventig als kleine branche van hoofdzakelijk vrijwilligers, is de kinderopvang de laatste jaren uitgegroeid tot een volwassen sector met 21.000 gediplomeerde werknemers. “Het wordt nu ook gezien als sociaal-economisch instrument. En als iets economisch belangrijk wordt krijgt het aanzien”, aldus Gademan. Ze meent dat de kinderopvang niet meer tussen de buurthuizen in de non-profitsector past, nu ouders en werkgevers een groot deel van de kosten betalen. “Ze zijn een vreemde eend in de bijt. Eigenlijk werken ze volledig marktconform.”

De leidsters van 't Springertje staken ook om greep te houden op hun werk onder de druk van de markt. Ze zijn fel tegen het werkgeversvoorstel om de normen voor groepsgrootte uit de CAO te schrappen. Dat zou hun werkgever, de Stichting Welzijn Utrecht Centrum, er toe kunnen brengen de groepen te vergroten, vrezen ze. “De stichting is noodgedwongen toch vrij commercieel bezig”, zegt Verkade. Leidster Gitta van Bijsterveld (30) denkt dat de kinderen hieronder zullen lijden. “Het gebeurt nu soms al dat ik een kind aan het eind van de dag helemaal niet heb gezien.”

Mariska Verkade vindt haar werk de afgelopen jaren behoorlijk veel zwaarder geworden. Eerst kwamen de kinderen op vaste dagen, nu mogen de ouders kiezen, zodat de samenstelling van de groepen dagelijks verandert. “Dat zet veel meer druk op de ketel.” Ook ging de creche een uur langer open. Voor de leidsters was het gevolg dat ze vaker alleen moesten werken.

Op reguliere dagen zoals gisteren huisvest 't Springertje zestig kinderen tussen de 0 en 4 jaar, verdeeld over baby- en peutergroepen. Rosita (19) staat er tot half tien alleen voor met acht à tien baby's en vraagt assistentie. Een stagiaire springt bij. Rosita neemt een mat af, terwijl de stagiaire Jim op schoot rustig probeert te houden, die kwijlt en zich in allerlei bochten wringt. Sophie ligt te dreinen in haar 'wipper'. Rosita verschoont haar en brengt haar naar bed. Dan verzamelt ze de vaat. “Thijs eet de vingers van Lieke op”, deelt de stagiaire mee. De tweeling ligt gestrekt op de grond. “Dat is niet de bedoeling, want Thijs kan heel hard bijten”, zegt Rosita. Met Jim in de ene hand haalt de stagiaire met de andere hand de tweeling uit elkaar.

Ouders zijn behoorlijk veeleisend, vindt Mariska Verkade. Ze vindt dat niet verkeerd. Het komt regelmatig voor dat ouders bellen of het goed gaat met hun kind, vooral als het nieuw is in de crèche of huilde bij het afscheid. De leidsters proberen ouders aan het eind van de dag de bijzonderheden te vertellen. “Is het kind gevallen, heeft het in zijn broek geplast, hoe lang heeft het geslapen, dat wil je zo goed mogelijk doorgeven.” Bij de baby's houden de leidsters een schrift bij, maar bij de peuters is dat afgelopen. “Dat is niet haalbaar voor 15 kinderen”, zegt Verkade. “Sommige ouders hebben het daar moeilijk mee.”

Om kwart over twaalf is het spitsuur in Verkade's peutergroep van vijftien drie- en vierjarigen. De lunch loopt ten einde en nu moeten ze naar bed. “Daar komt een muisje aangekropen”, zegt Ruben pesterig, terwijl zijn hand richting chocopasta beweegt. Er is zonder vork gegeten, want de huishoudelijk medewerkster is ziek en de leidsters proberen de vaat te beperken. “Saskia, Mimi, Anne tandenpoetsen”, roept Verkade. De drie meisjes, al in pyama, stuiven naar de ruimte met de wasbak, waar ook drie lage toiletpotten staan. De stagiaire begint alvast met vegen. Met haar broek op haar voeten komt Saskia weer naar buiten en begint vrolijk te springen.

Humpy voelt niet veel voor actie

De 56 kinderdagverblijven die vallen onder de Stichting Kinderopvang Nederland functioneren vandaag normaal. “We zijn een niet-gesubsidieerde instelling, dus heeft het ook weinig zin om actie te voeren”, zegt stichting-directeur A.J. Weeber. “Wij zijn een particuliere organisatie en elk dubbeltje dat bij ons binnenkomt, moet van de klanten komen. Als we zouden staken, jagen we de ouders alleen maar tegen ons in het harnas.” Humpy in Den Haag behoort tot de kinderdagverblijven die vandaag gewoon open zijn. “Er is wel een aantal ouders geweest die bij ons hebben geïnformeerd of we open zouden zijn. Het is overigens wel zo dat ook wij vraagtekens zetten bij de honorering van de mensen die hier werken, maar de actiebereidheid was hier niet groot”, aldus directrice Jolanda Tettero. Bij Humpy komen ongeveer 33 kinderen van nul tot vier.

    • Joke Mat