Holland Festival start onofficieel tijdens Matinee

Concert: Radio Filharmonisch Orkest en Toimii Ensemble o.l.v. Esa-Pekka Salonen. Werken van Lindberg, Ravel en Salonen. Gehoord: 6/6 Concertgebouw Amsterdam. Uitzending Radio 4 23/6 20.02 uur.

De Matinee op de Vrije Zaterdag ging er bij de planning van het laatste concert in dit seizoen vanuit dat het Holland Festival zoals steeds op 1 juni van start zou gaan. Dit jaar echter werd het feest in tijd en omvang ingekrompen, zodat zaterdagmiddag in het Amsterdamse Concertgebouw een Holland Festivalconcert werd gegeven, terwijl de officiële opening op 10 juni nog moet plaatsvinden.

Dan verzorgt Harry de Wit een 'buitenconcert' op het Amsterdamse Leidseplein voor blazers, sprekers en pizzabezorgers met brommers.

Zaterdagmiddag bevatte het binnenconcert evenzeer een spectaculair werk, waarin veel werd gelopen en gerend, al begon het concert dan vrij tam. De Finnen Esa-Pekka Salonen en Magnus Lindberg studeerden samen muziektheorie en begonnen ongeveer gelijktijd met componeren. Voor de pauze betoonden ze eer aan elkaar. Eerst was het de beurt aan Lindberg met een lente-achtige Campana in Aria (1998) rond een superieur geblazen solo van Hans Dullaert: Salonen studeerde de hoorn, vandaar.

De solo wordt gereflecteerd door twee andere hoorns in het orkest en het zijn deze welluidende echo's die het klankbeeld bepalen. Smaakvol gedaan, Berio zou er zich niet voor hoeven schamen. Maar toch: een niemandalletje en allerminst typerend voor Lindberg! Salonens Gambit (1998) citeert Lindberg, zoals Lindberg op zijn beurt Salonen citeerde. Er wordt krachtig in geroffeld, maar de opbouw is nogal clichématig.

Gelukkig, na de pauze werd met Lindberg Kraft (1985) uit een ander vaatje getapt. Hier loopt Lindberg naast de afgrond, pakt hij je bij je strot en maakt hij zijn credo meer dan waar, daarbij strevend naar een combinatie van hypercomplexe met het primitieve. Kraft is een soort concerto grosso voor het vijfkoppige, elektronisch versterkte Finse Toimii Ensemble en groot symfonieorkest, waarvan de musici over de zaal uitwaaieren met in het midden een aan het plafond bevestigde gong.

Salonen leidde overtuigend, waar nodig met het gezicht naar de zaal. In het metaalklinkend eerste deel staat de gong centraal en als de piccolo's zich in de zaal bij het slagwerk hebben gevoegd, is daarmee het tweede deel voorbereid, waarin vooral blazers een belangrijke rol vervullen. Enkele muzikale scènes staan los naar elkaar, waardoor een statisch karakter overheerst, Lindberg slaagt er niet geheel in alle klankverkenningen te integreren.

Aan energie is geen gebrek, de innerlijke gloed die voor de pauze ontbrak deed nu het vuur bij zowel musici als luisteraars ontbranden. Een mooi beeld boden de steigers voor de renovatie van de Grote Zaal, waarmee het ruige, ter plekke dichtgemestelde klankkarakter werd benadrukt en tevens een brug geslagen naar de volgende manifestatie, het buitenconcert woensdag op het Leidseplein.

    • Ernst Vermeulen