Het snelle leven van mooie Marco

Voor de rechtbank in Amsterdam moet zanger Marco Bakker zich morgen verantwoorden voor de dood van een 38-jarige vrouw die hij met zijn auto aanreed. Auto's, geld, roem en vrouwen zijn steekwoorden in het leven van de zestigjarige bariton.

Marco Bakker heeft altijd iets gehad met auto's. Als kleine jongen nam zijn vader hem vaak mee naar het circuit in Zandvoort. Een aantal jaren terug is Bakker daar zelf gaan racen in Mini's. Hij kreeg er de bijnaam 'de Brokkenpiloot'. Impresario Jacques Senf: “Hij is gek van auto's. Als ik een afspraak met hem heb, rijdt hij altijd zelf.” Ook bas-bariton Lieuwe Visser kent deze voorliefde van Bakker. “Hij wilde altijd graag laten zien wat voor auto hij had. Marco was ook een van de eersten die een telefoon in zijn auto had. Dat soort dingen vond hij belangrijk.”

De liefhebberij van Bakker bezorgde hem een tv-spot bij verzekeringsmaatschappij Ohra. Drie jaar geleden speelde hij daarin zichzelf: de beroemde zanger die na een botsing niet de behandeling krijgt die hij met het oog op zijn roem vanzelfsprekend vindt. Hij komt verongelijkt uit zijn wagen en roept tegen de persoon die hem aanreed: “Dat is fraai zeg! Tsjonge wat een oen, je ziet toch dat ik van rechts kom?” Vervolgens komt een sleepdienst de auto van de man weghalen. Bakker, die niet bij Ohra is verzekerd, blijft tierend achter. Bakker liet voor het spotje geen stuntman in de auto zitten, maar ensceneerde de botsing zelf.

Op 31 oktober 1997 raakte Bakker op het VIP-dek van de Amsterdamse Arena na een gala van Volkswagen-importeur Pon in een slip en kon een 38-jarige vrouw uit Snelrewaard niet meer ontwijken. Ze overleed de volgende dag aan haar verwondingen. Bakker moest door de brandweer uit zijn auto worden bevrijd en raakte lichtgewond. Inmiddels rijdt hij alweer enige tijd zelf in de Ford Mondeo van zijn vrouw.

Volgens berekeningen van het Gerechtelijk Laboratorium had de zanger een alcoholpromillage van tussen de 1,1 en 1,8 in zijn bloed, hetgeen volgens Veilig Verkeer Nederland betekent dat hij ongeveer tien glazen drank had genuttigd. De alcoholtest werd pas enkele uren na het ongeluk afgenomen. In een interview met Henk van der Meyden in De Telegraaf, vier dagen na het ongeluk, beweerde Bakker dat hij die 31ste oktober niet meer dan “anderhalf glas wodka” had gedronken. Zijn advocaat R. Verbunt liet later weten dat zijn cliënt “zich had vergist” in het aantal glazen. Bakker verklaarde na het ongeluk ook dat de cruise control van zijn Opel Omega MV6 niet goed had gewerkt, waardoor hij de auto niet onder controle had. De auto-fabrikant deed die lezing meteen af als “uiterst onwaarschijnlijk”.

De leugen van Bakker over het aantal glazen dat hij had gedronken, leverde hem veel kritiek op, ook van goede kennnissen van de zanger. Zij zeggen dat hij het vraaggesprek nooit had moeten geven. “Het was heel erg onhandig. Daar is Marco behoorlijk mee de fout in gegaan. Dat was not done”, zegt manager F. de Rek van Bakker en De Rek Producties. “Maar zo'n ongeluk kan iedereen overkomen. Marco ervaart het als een complete ramp.”

Bakkers vriend en collega-zanger Ernst-Daniël Smid: “Zo'n interview? Dat zou ik zo nóóit hebben gedaan.” Ook impresario Senf heeft geen goed woord over voor de manier waarop Bakker zich zelf in de media vrijpleitte. “Een ongeluk is een ongeluk. Dat staat op zichzelf. Maar hoe hij over het ongeluk heeft gesproken, is heel erg dom geweest. Dat weet hij zelf ook. Daar heeft hij enorm veel spijt van, dat heeft hij mij gezegd en geschreven.”

Bij zijn geboorte kreeg de zanger de namen Jacob Marinus mee. Maar iedereen noemde hem Jaap. Toen hij naar het conservatorium ging, realiseerde Bakker zich dat Jaap voor een artiest in spe niet echt lekker klonk. Jaap? Als hij nog eens beroemd zou worden, zouden ze die naam in het buitenland niet eens kunnen uitspreken. Hij besloot voortaan als Marco door het leven te gaan. Marco was gevormd uit delen van zijn twee voornamen.

Vader Bakker, een bankemployé, was in Beverwijk voorzitter van het operakoor waarin moeder Bakker zong. Twee van de drie zusjes van Marco waren lid van een kinderkoor. Marco speelde gitaar. Bij de muziekles op de toenmalige Rijkskweekschool in Haarlem gingen leerlingen graag naast Bakker zitten als ze iets van een papiertje moesten voorzingen. Bakker zong dan stiekem, de andere student play-backte. Zo zong Bakker heel wat voldoendes bij elkaar, meldden medescholieren in het tv-programma Klasgenoten in 1991.

Arie Langendoen zat op de Rijkskweekschool tussen 1955 en 1957 bij Bakker in de klas en is nu conrector van scholengemeenschap De Waerdenborch in Holten: “Bakker heette toen nog gewoon Jaap. Ik fietste wel eens met hem van Beverwijk naar Haarlem. Wij moesten hard studeren bij het vak muziek, maar Jaap zong alles ongezien. Op aanraden van de muziekleraar koos hij voor het conservatorium.”

Langendoen omschrijft Bakker als “een aardige, sportieve vent” die bij atletiekvereniging Suomi bijzonder goed kon hoogspringen en nog jeugdkampioen van Noord-Holland is geweest. De klasgenoot herinnert zich een veldloopje bij Suomi in Velsen. “Dat ging over een heel smal bospaadje met brandnetels. Jaap ging met zijn forse lijf voorop lopen, zodat niemand er meer langs kon. Zo werd hij eerste.” Op de zolder van zijn villa in Breukelen, waar Bakker met echtgenote Willeke van Ammelrooy woont, staat een roeimachine. Bakker is een geoefend duiker en om in conditie te blijven zit hij regelmatig op een racefiets.

Rond zijn twintigste was Bakker verbonden aan de strandwacht in Wijk aan Zee. In Klasgenoten vertelde hij dat hij in die tijd zeven mensen het leven heeft gered. Voor één van die heroïsche daden wordt hij genoemd in de boeken van het Carnegie Heldenfonds, dat “personen onderscheidt die met gevaar voor eigen leven mensen hebben gered of probeerden te redden”. In het archief van het fonds staat letterlijk: “J.M. Bakker (22), student wonende te Beverwijk, stak op 11 augustus 1960 op het strand te Wijk aan Zee met een roeiboot in zee om een man te redden die bij het zwemmen in moeilijkheden was geraakt.”

Marco Bakker was een laatbloeier. Pas na zijn dertigste rees zijn ster snel, zegt Willem Duys, ex-televisiecoryfee, muziekkenner en radiopresentator. Vanuit zijn woonplaats in Zuid-Frankrijk vertelt Duys dat hij Bakker als zanger heeft ontdekt en voor diens “grote doorbraak” zorgde. “Hij werd me in 1967 aangeboden door een tussenpersoon, een of andere scharrelaar.” Marco zag er “verdomd goed” uit, had een prachtige stem en een groot repertoire, zo herinnert Duys zich. Hij nodigde Bakker in zijn tv-programma Voor de vuist weg. Duys' eigen platenmaatschappijtje Iramac haastte zich de zanger onder contract te nemen. De eerste plaat die hij maakte was Dunkelrote Rosen, “een beroemd operettelied”, weet Duys nog.

Bakker heette al snel 'De Operetteprins', omdat hij (in een eigen tv-programma) veel operettes en musicals zong. “Ik beschouw mezelf als een vocalist, die alleen dat zingt wat hij mooi vindt. Vroeger heb ik nogal wat zijwegen bewandeld, het middle-of-the-road genre. Mijn grote voorkeur gaat uit naar de opera, het grote toneel en de orkesten”, zei hij in 1995 tegen dagblad De Stem. “In mijn leven heb ik maar drie operettes gezongen en in wel 47 opera's gestaan.”

In december zal Bakker zijn come-back maken in de opera, kondigt Jan Bouws aan, hoofd regie van de Nederlandse Opera in Amsterdam. Bouws regisseert dan Macbeth van Verdi met Bakker in de titelrol. Dat gebeurt in Tilburg, samen met het amateurkoor Souvenir des Montaguards. “De mensen denken dat Bakkers stem niet meer geschikt is voor opera”, vervolgt Bouws. “Dat is een vergissing. Bakker heeft zo vaak Strauss gezongen, hij is o zo veelzijdig. Hij is een Italiaanse bariton, dat toonde hij bijvoorbeeld goed in La Traviata van Verdi. Italiaans past goed bij het timbre van zijn stem.”

Bakker maakte zijn debuut in een opera op 27 februari 1959, in de Stadsschouwburg van Amsterdam. Het was een voorstelling ter gelegenheid van de Boekenweek: De zwarte bruid van Géza Frid. Bakker was een van de 'Beursheren'. In totaal verzorgde hij ruim veertig optredens bij De Nederlandse Opera waarmee hij grote bewondering oogstte. Karakteristiek voor zijn operacarrière is dat hij een mengeling van licht (operette) en serieus (Monteverdi, Händel, Mozart, Donizetti, Verdi, Wagner, Puccini, Richard Strauss, Berg, Britten, Strawinsky) op zijn repertoire had. Zijn voorlopig laatste operarol was die van Fabrice in de kleine opera Eline (1990) in Den Haag. Bakker, die nog regelmatig de Christus-partij in de Matthäus Passion zingt, heeft herhaaldelijk opgetreden in het Engelse Glyndebourne, een van de belangrijkste zomerfestivals. Bouws: “Daar komt alleen de echte internationale elite. Hij had er bijzonder veel succes.” Maar, “Bakker is nu een beetje weggedreven bij de opera, dat bedoel ik niet negatief. Hij ging naar de operette. Dat kan gebeuren.”

Ben Holthuis heeft Bakker vaak geïnterviewd voor het roddelblad Story. Hij meent dat Bakker “op een knappe wijze” zijn klassieke opleiding gebruikt “om het gewone volk te bereiken” en zo veel geld te verdienen. “Hij is beminnelijk, charmant tegenover iedereen, hij weet ieders sympathie te winnen”, aldus Holthuis. “Is een wit jasje in de mode, dan heeft hij een wit jasje aan. Maar niet als eerste - hij volgt de trend op de voet.” En: “Hij houdt van glamour, succes en geld.”

Marco Bakker is twee maal eerder getrouwd geweest: acht maanden met Anita Radier, een balletdanseres die hij in May Fair Lady had leren kennen. Vervolgens acht jaar met de Amerikaanse zangeres Patty Madden met wie hij een zoon (Richard) heeft. In 1989 trad hij in het huwelijk met zijn huidige echtgenote, de actrice Willeke van Ammelrooy. “Marco heeft zijn fysieke verschijning altijd mee gehad”, vertelt de bas-bariton Lieuwe Visser. “Hij zag er goed uit en kreeg televisiewerk aangeboden. Er kwamen reacties en toen was zijn carrière niet meer te stuiten. Maar het is zonde dat hij met zijn forse bariton niet verder is gegaan in de opera. Hij had als full-prof operazanger net zo'n loopbaan kunnen maken als hij nu heeft gedaan. Hij heeft zijn keus een beetje door de markt laten bepalen. En ook door het vele geld dat hij daarmee kon verdienen.”

Bakker treedt de laatste jaren vaak op als een van de Drie Baritons (samen met Ernst-Daniël Smid en Henk Poort) - het Nederlandse antwoord op de drie tenoren Luciano Pavarotti, Placido Domingo en José Carreras. “Smid is een echte bariton. Hij is veruit de beste van de drie, ook wat betreft zijn persoonlijkheid op het podium”, zegt Willem Duys, die Bakker als “verdomd ijdel” omschrijft. Smid: “Marco en ik zijn goede vrienden, maar we hebben ooit wel problemen gehad. We zitten in hetzelfde stemvak als zanger. We waren absolute concurrenten van elkaar. Marco had nogal de neiging om zijn postitie heel erg te beschermen, dat zorgde wel eens voor wrijvingen. Maar hij is de man om wie ik ben gaan zingen. In de jaren zeventig kocht ik een plaat van hem, die vond ik zo mooi klinken dat ik hem ging imiteren.”

Naast zijn zangcarrière was Bakker ook als acteur actief. In de film Theo & Thea en de ontmaskering van het tenenkaasimperium van Arjan Ederveen speelt Bakker zichzelf, een operettezanger. Hij is een mannelijk sekssymbool voor oudere dames en ironiseert zijn eigen imago zonder problemen. Hij lokt Theo (in travestie) het bed in met de onvergetelijke woorden: 'Hier is je warme Bakkertje'. Thea roept op een gegeven moment: “Oh meneer Bakker, u ziet er in werkelijkheid nog jonger uit dan u er uit ziet.” De filmrol van Bakker wordt door critici omschreven als 'verbazend goed'.

Smid belt zijn 'maatje' Bakker in deze moeilijke tijden elke veertien dagen op. Smid: “Bakker werkt nu heel erg hard aan zichzelf. Hij is bezig om zich fysiek helemaal af te matten om zich geestelijk weer goed te voelen. Ik hoop dat ooit het moment weer komt dat we met ons drieën kunnen gaan zingen, maar uit piëteit met de familie van de omgekomen vrouw moeten we dat voorlopig maar niet doen.”

Willem Duys heeft het leed van Bakker vanaf de Rivièra gevolgd. Bakker is hier “meer dan eens” bij me op bezoek geweest, zegt Duys. “Dan dronken we wel eens een glas witte wijn. Maar het laatste waar ik aan dacht bij dat ongeluk was dat hij had gedronken. Dat was heel stom van hem. Het verhaal over zijn op hol geslagen auto geloof ik in het geheel niet.”

Op verschillende plaatsen waar hij de afgelopen maanden zou optreden, was Bakker na het drama niet meer welkom. Manager De Rek: “Er zijn nogal wat afzeggingen geweest, maar dat is logisch, gezien de druk van de publiciteit. Er stonden wat concerten in de buurt van de woonplaats van het slachtoffer op het programma. Die hebben we afgezegd. Je kunt niet vrolijk staan zingen in de omgeving van de nabestaanden. We hebben pas op de plaats gemaakt, het is een stuk rustiger nu.”

    • Koen Greven
    • Guido de Vries