Een verovering cadeau voor jarig Den Haag

De krijgsmacht greep het 750-jarig bestaan van Den Haag aan om op nimmer vertoonde schaal acte de présence te geven voor een groot publiek. Een live reclamespot op het Scheveningse strand.

SCHEVENINGEN, 8 JUNI. Een meisje van een jaar of acht hangt een halve meter boven de grond. Haar handjes klemmen zich aan de loop van een tank. “Mam, kijk eens”, roept ze. Geschrokken haalt haar moeder het kind direct van het legervoertuig af. Even verderop staan jongetjes aan de Scheveningse boulevard in de rij om automatische geweren leeg te schieten. De Nederlandse krijgsmacht hield afgelopen zaterdag een grootschalige militaire manifestatie in Scheveningen. Landmacht, luchtmacht, marine en marechaussee traden voor één keer samen op. De Operatie Oranje, waaraan tweeduizend militairen deelnamen, werd door Defensie gepresenteerd als cadeautje aan het 750-jarige Den Haag. “Een betere wervingspot is er niet voor Defensie”, zegt C. Ladan, adjudant van de luchtmacht en mede-organisator van de dag.

Op zaterdagochtend stort de regen met bakken uit de hemel. Ontploffingen op het strand moeten concurreren met natuurlijke donderslagen. Op bijna drie kilometer voor de kust is het amfibische transportschip de Hr.Ms. Rotterdam als een schim zichtbaar. Veertig rubberbootjes en een tiental landingsvoertuigen stomen op richting kust voor een landing. Ze moeten het wegens het slechte weer zonder de beloofde luchtsteun doen. Geen probleem, want ook de vijand ontbreekt. Een groepje demonstranten van de actiegroep Onkruit Vergaat Niet! probeert spontaan die rol op zich te nemen en breekt door de barricades heen. De vredesactivisten worden onder goedkeuring van het publiek door marechaussee en politie tegen de grond gewerkt en afgevoerd.

De organisatie heeft vantevoren zoveel mogelijk geprobeerd om de agressie uit de demonstraties te halen. Zo werd de naam Operatie Scheveningen uiteindelijk vervangen door Operatie Oranje. Schieten werd zoveel mogelijk beperkt en vrolijk gekleurde rook komt uit vliegtuigen en bootjes. “Maar wil je het jonge publiek trekken dan moet je toch wat knalwerk hebben”, zegt Ladan op het terras van het Kurhaus.

Terwijl het publiek zich vermaakt met spel en de demonstratie van de krijgsmacht is minister Voorhoeve van Defensie bezig met de realiteit van de dag. Eritrea en Ethiopië zijn met elkaar in gevecht geraakt. Ongeveer vierhonderd Europeanen moeten uit de brandhaard worden geëvacueerd. Het Nederlandse fregat Hr.Ms. Abraham van der Hulst, dat vanuit de Perzische Golf de reis naar Nederland wilde inzetten, heeft de opdracht gekregen om naar Eritrea af te reizen. “Het is nu van grote waarde dat we daar een schip hebben liggen”, zegt Voorhoeve. De volgende dag worden enkele honderden Europeanen van de Eritrese havenstad Massawa naar Hudadia in Jemen overgebracht.

Het Scheveningse publiek, over de hele dag ongeveer honderdduizend mensen, kijkt en luistert nietsvermoedend naar een optreden van de Marinierskapel (Je moet erbij zijn, bij de marine) en slaat een luchtshow gade. Negen vliegtuigen van het Italiaanse demonstratieteam Frecce Tricolori schieten in formatie door de lucht. De vliegtuigen blijven op veilige afstand van het publiek sinds een ongeluk bij een show in Ramstein in 1988 waarbij na een botsing van drie toestellen 45 doden vielen. Na een looping vliegen de Italiaanse toestellen rakelings langs elkaar. “Bij precies zo'n manoeuvre ging het mis in Duitsland”, zegt adjudant Ladan.

Even later vliegen een F-16 en een Spitfire als heden en verleden naast elkaar door de lucht. De F-16 maakt een oorverdovend lawaai, de Spitfire bromt. Om vier uur wordt voor de tweede kaar een landing op het strand uitgevoerd, dit keer met parachutisten. De wolken hebben zich dan al weer samengepakt boven Scheveningen. De actievoerders die niet hebben kunnen voorkomen dat er 'Oorlog in Scheveningen' is geweest zijn ook al afgedropen. Als de militairen het strand opstormen hebben de meeste toeschouwers al dekking gezocht voor de regen.

T-shirtjes met de tekst 'D-day op Scheveningen, ik was erbij', vinden gretig aftrek. Een jongetje die langs de schiettent loopt trekt aan de jas van zijn vader. “Nog één keer”, zegt hij. “Nee”, is het antwoord. De 'vredesdemonstratie' is over. De volgende dag kondigt Voorhoeve aan dat er moet worden gebombardeerd in Kosovo.