Ter communie

Er was een tijd dat ik een moord had willen doen voor de heilige hostie. Vriendinnetjes die het geluk hadden katholiek te zijn, kregen omstreeks hun zesde verjaardag ter gelegenheid van hun eerste communie een oogverblindende witte nylon jurk, witte sokjes en - het allermooiste - zwarte lakschoentjes. Mijn ouders vonden dat soort kleren bespottelijk en om te voorkomen dat ze voor mij ook zo'n tenue moesten aanschaffen, maakten ze me wijs dat je zoiets alleen mocht dragen als je in God geloofde. Ik was daartoe ook nog wel bereid, maar omdat een verlangen naar zwarte lakschoentjes in de ogen van mijn ouders iets anders was dan een oprechte bekering, bleef mijn bede om de hostie en de bijbehorende parafernalia onverhoord.

Op de middelbare school kreeg ik opnieuw een kortstondige aanval van roomsheid en nu iets serieuzer. In verrukking over de mystieke teksten van Hadewych probeerde ik via het katholicisme de hartstochtelijke Visioenen (orewoet, minne) van deze dertiende-eeuwse non te doorgronden. Om de zalige staat van de mystica te bereiken ben ik, onder begeleiding van een katholieke klasgenoot, zelfs ter communie gegaan. Maar toen de hostie eenmaal op mijn tong lag te smelten (kauwen was ten strengste verboden, werd me verteld) gebeurde er niets. Het lichaam van Jezus was smakeloos en de eenwording met de Heer waar Hadewych zo prachtig over schreef, bleef uit. De handeling maakte een bizarre indruk op me, terwijl de symboliek (het opeten van Christus in de gedaante van een stukje ouwel) me ineens erg onsmakelijk voorkwam.

Deze week kreeg ik een brief van mijn negentienjarige stiefdochter die voor een jaar in Rome woont, dicht bij de bron dus. En jawel hoor: 'Ben periodiek katholiek om optimaal van Dantes Inferno te kunnen genieten', schrijft ze. 'Bekeer je snel voor het te laat is - de gruwelen die ik aan me voorbij heb laten gaan zijn te imposant voor woorden.' Ze laat zich meeslepen door de taal van de grote dichter, natuurlijk, maar hopelijk komt ze tot het inzicht dat diens woorden ook te begrijpen zijn zonder het gebaar te maken waarmee prinses Juliana, prins Bernhard en prinses Margriet zoveel opschudding veroorzaakt hebben. Ik hoop kortom dat dit periodiek-katholieke kind niet vandaag of morgen naar de Sint Pieter snelt om ter communie te gaan. Tenzij ze echt katholiek zou worden natuurlijk.

Om 'het mysterie' te voelen van de communie, het hoogtepunt van de eucharistie, moet je vermoedelijk een gelovige katholiek zijn of ten minste in die traditie zijn grootgebracht. Wie de hostie in ontvangst neemt om andere redenen - in de hoop een tekst na te voelen, uit beleefdheid, om de oecumene te steunen, om te provoceren of om wat voor gebaar dan ook te maken - pleegt in wezen heiligschennis. Hiermee oordeel ik niet over de motieven van protestanten die ter communie gaan. Het lijkt me dat niemand het recht heeft te treden in de persoonlijke religieuze beleving van iemand anders. Toch kan ik me wel voorstellen dat kardinaal Simonis vreest voor een verwatering van een ritueel dat zijn betekenis verliest als het niet meer verbonden is met de leerstelligheid van zijn kerk.

Enquêtes wijzen uit dat de overgrote meerderheid van de Nederlandse bevolking geen enkel probleem ziet in de deelname van protestantse vorstelijke personen aan de katholieke communie. Het laat geseculariseerd Nederland koud hoe iemand zalig wil worden. 'Maakt me niet uit' en 'geen mening' waren dan ook de hoogst scorende antwoorden bij een opiniepeiling in opdracht van NOVA. Desgevraagd zou ik ook hebben ingevuld: 'kan me niet schelen'. Kerk, monarchie en huwelijk beschouw ik alle drie als irrationele overblijfsels van een onverlicht verleden. De drievuldigheid van een kerkelijke koninklijke trouwpartij levert in mijn ogen dus weinig anders dan anachronistisch theater op.

De Telegraaf vroeg zijn lezers of zij de 'strakke', 'formalistische' opstelling van de kerkelijke leiders terecht vinden. Maar liefst 94 procent van de respondenten zei nee. Wie wil er nou strak en formalistisch zijn. Scherpslijpers zijn een kleine minderheid geworden, gelukkig maar. Een heel andere vraag had mij interessanter geleken, namelijk: zou u als niet-katholiek ter communie gaan? Zo ja: waarom? Zo nee: waarom niet?

Want wat mij ondanks mijn onverschilligheid jegens de betrokken instellingen boeit in de discussie, is dat het hier gaat om persoonlijke gewetensbeslissingen. Hebben de protestantse communiegangers van koninklijken bloede tot uiting willen brengen dat zij hun geloof stellen boven elk kerkelijk protocol? Maar hoe staan zij dan tegenover het eigen protocol van de monarchie, een staatsvorm die juist bij gratie van het ritueel en de traditie bestaat?

Protestanten die ter communie gaan zou je kunnen vergelijken met pseudo-republikeinen die pleiten voor een monarchie zonder erfopvolging (zie het programma van GroenLinks). Men bagatelliseert in zekere zin datgene wat het katholicisme tot katholicisme maakt en de monarchie tot monarchie. Dat kan nooit goed aflopen.

Na mijn periodieke katholicisme ben ik nog een tijd eurocommunist geweest, een soort Acht-Meibeweging binnen het communisme. De bedoeling daarvan was om het communisme van zijn stalinistische essentie te ontdoen, uiteraard onder fel, maar begrijpelijk, protest van de dogmatische evenknieën van Simonis in de linkse kerk. Deze critici hadden gelijk, want toen de operatie gelukt was (de uitverkoop van traditioneel gedachtegoed en rituelen voltooid) bleek de communistische patiënt op sterven na dood.

Ik weet niet in hoeveel ingezonden brieven en artikelen ik nu al gelezen heb dat met het ter communie gaan van enkele Oranjes de Tachtigjarige Oorlog definitief voorbij is. Dat geloof ik pas als Willem-Alexander zich terwille van zijn toekomstige bruid tot het katholieke geloof bekeert en desondanks staatshoofd mag worden. Maar zover zal het niet komen. Een koninklijk oecumenisch intercommunaal homo-huwelijk zou in dit land nog eerder tot de mogelijkheden behoren.