Kerkelijk huwelijk (6)

Wie voor de uitzending van het prinselijk huwelijk het gefilmde interview met pastoor Oostvogel en dominee Ter Linden zag, wist wat hem te wachten stond. Met innige tevredenheid stelde Oostvogel aangaande zichzelf en Ter Linden vast dat zij de oecumene vér voorbij waren, waar hadden de mensen het nog over.

Dat is een mogelijk standpunt. Het is niet een mogelijk standpunt voor een gezonden ambtsdrager die juist omdàt hij dat is, in die trouwdienst namens zijn kerk kon optreden. Deze man zaagt de poten onder zijn eigen stoel vandaan - óf hij vertegenwoordigt de kerk die hem gezonden heeft en volgt leer en discipline van die kerk óf hij wijst die leer en discipline af en vertegenwoordigt die kerk niet meer.

De kwestie is niet of bepaalde personen ten onrechte in een r.k. mis te communie zijn gegaan, de kwestie is niet het dogmatisme van de 'orthodoxen' (of zelfs welk dogma ook), de kwestie is dat de geestelijke regisseurs van deze trouwdienst zich niet hebben ontzien - ten koste van dat roerend-beminnelijk prinselijk paar en hun familieleden - de bediening van het sacrament van de eenheid en de liefde (de eucharistie) tot een kerkpolitiek pronunciamento te verlagen. De verontruste protestanten behoeven zich niet echt gekwetst te voelen, wat hier gebeurde was aan alle oecumene vér voorbij.

    • F.P. Tros