Kamerlid klikte, vermoedt Sorgdrager

DEN HAAG, 6 JUNI. Minister W. Sorgdrager (Justitie) houdt het voor mogelijk dat het CDA-Tweede Kamerlid W. van de Camp informatie uit vertrouwelijke documenten over de zaak-Lancée heeft verspreid onder journalisten. Het Kamerlid zegt niet te hebben gelekt.

In een gisteren aan de Kamer gestuurde brief schrijft de minister dat “niet uit te sluiten valt” dat Van de Camp “publiekelijk mededelingen heeft gedaan over de inhoud van een interne ambtelijke nota”. Zij baseert zich hierbij op publicaties in het Algemeen Dagblad en Trouw.

Het is ongebruikelijk dat bewindslieden Tweede-Kamerleden met naam en toenaam in verband brengen met lekken zonder dat ze over een bewijs beschikken.

Van de Camp zegt “ontzettend boos” te zijn over de mededeling van de minister. Hij “ontkent” vertrouwelijke informatie te hebben verspreid en zegt dat Sorgdrager “op kwalijke wijze op de man probeert te spelen”. Het Kamerlid ziet hierachter een strategie van Sorgdrager om “het eigen voortuintje schoon te houden”.

In de door Sorgdrager aangehaalde publicaties is geciteerd uit vertrouwelijke documenten over de zaak-Lancée die volgens het Algemeen Dagblad bewijzen dat de minister de Tweede Kamer onjuist heeft geïnformeerd. Het gaat daarbij om de vraag op welk tijdstip het openbaar ministerie destijds heeft besloten de toenmalige politiechef van Schiermonnikoog, Lancée, te arresteren op verdenking van incest. Deze verdenking bleek later onjuist.

Uit de vertrouwelijke documenten zou blijken dat de minister op 14 januari van dit jaar aan de Kamer onjuiste mededelingen heeft gedaan over het besluit tot arrestatie over te gaan.

De minister ontkent dit maar weigert op verzoek van dezelfde Van de Camp de betreffende documenten openbaar te maken. De Tweede Kamer debatteert volgende week dinsdag over de zaak.

Van de Camp beraadt zich op een nadere reactie op de beschuldiging van Sorgdrager.