Verdachte bekent moord op Frans kamerlid Piat

PARIJS, 5 JUNI. Lucien Ferri (26) heeft gisteren bekend dat hij de moordenaar is van het Franse Kamerlid Yann Piat. Hij heeft kort na de moord in 1994 bekend maar daarna steeds ontkend bij de aanslag in het Zuid-Franse Hyères betrokken te zijn geweest. Volgens Ferri waren de opdrachtgevers afkomstig uit de werelden van politiek en georganiseerde misdaad.

Het optreden van Ferri in de vijfde week van het Piat-proces in Draguignan kwam als een verrassing. Hoewel een toenemend aantal van de meer dan 150 getuigen zijn verdedigingslijn - “ik ben op die avond nooit op de plaats des onheils geweest” - onhoudbaar maakten, was Ferri blijven zwijgen. Nu nam hij de schuld op zich: “Ik heb zes kogels afgevuurd, geen vijftig, zoals wel is beweerd.”

De triomf voor het openbaar ministerie was niet compleet. Ferri maakte duidelijk dat niet Gérard Finale, de baas van de havenbar Le Macama, de regisseur was van de eerste moord op een Frans parlementslid sinds generaal De Gaulle in 1958 de Vijfde Republiek stichtte. Wie wel? “Er zijn twee kampen opdrachtgevers: de onderwereld en de politiek.” Verder ging Ferri niet. Hij was bang voor het welzijn van zijn dochtertje van vier en dat van de rest van zijn familie.

Ferri had als enige van de 'Macama-bende' diverse keren met de betrokkenen vergaderd ter voorbereiding van de afrekening. In het departement Var moesten vier personen worden geëlimineerd, onder wie het vrouwelijke Kamerlid. Ferri wilde niet alle redenen geven waarom hij haar had vermoord. Eén was dat hij geld nodig had, dat hij echter nooit heeft gekregen.

Eerder was de reconstructie van het drama aanzienlijk geholpen door de coherente getuigenis van een studente uit Straatsburg. Zij is het ex-vriendinnetje van Marco Di Caro, die de motorfiets bestuurde waarvan Ferri als bijrijder de fatale schoten kon lossen. Deze Virginie had destijds weken lang de verhalen aangehoord over de hit-lijst van vier die de jongens moesten afwerken. “Marco zei dat hij koning van de stad [Hyères] zou zijn, dat hij in het geld zou zwemmen dankzij Gérard [Finale]. Joseph Sercia [Zuid-Frans politicus] bracht alles op gang door te zeggen dat als hij het burgemeesterschap won, Finale over de horeca zou regeren.”

Sercia was jaren de rechterhand van Maurice Arreckx, 'peetvader van de Var', burgemeester van Toulon en voorzitter van de departementsraad van de Var, later van de regioraad van Provence-Alpes-Côtes-d'Azur. Hij zit een gevangenisstraf uit wegens corruptie. Arreckx wilde Sercia in het stadhuis van Hyères installeren. Beiden zagen met lede ogen hoe Yann Piat campagne voerde om anti-corruptie-burgemeester van Hyères te worden.