Kleine tribune met een weids uitzicht

Rijkswaterstaat heeft 'tribunes' geplaatst in Tolkamer en Hoek van Holland, daar waar de Rijn respectievelijk Nederland binnenkomt en weer verlaat.

HOEK VAN HOLLAND, 5 JUNI. Het waait hard, en over de Waterweg voor Hoek van Holland vaart af en toe een boot. Er hangen donkere wolken boven de Maasvlakte en de Zuiderdam. Aan de overkant ligt een zee van hijskranen, fabrieken en schoorsteenpijpen. Aan het einde van de 1900 meter lange pier staat een kleine tribune. Kosten: 25.000 gulden.

Er lijkt plaats voor negen mensen, maar dan zit je wel met je voeten in de nek van degenen onder je.

“Een flinke Noorderstorm en hij waait weg”, zegt een voorbijganger. “Een uitgesproken lelijk ding”, vindt Ab Koning (50), ontwerper van beroep. “Ik kom hier heel vaak. Ik hou van de duinen en de zee. Maar deze grafzerk hoort hier niet.”

Volgens het jubilerende Rijkswaterstaat is de tribune neergezet om “een dialoog met de samenleving” aan te gaan. Uitkijkend over de Noordzee, de Waterweg en de grote boten kunnen mensen “met andere ogen naar Rijkswaterstaat gaan kijken”. Ofwel: beseffen dat Rijkswaterstaat allang niet meer Nederland bedekt onder bruggen en wegen, maar ook oplet of het water wel diep genoeg is voor zeeschepen (24 meter).

Na een kwartiertje vaart een groot, zwart schip voorbij, de Cho Yang. Het is torenhoog geladen met blauwe en rode containers. Iets later volgt een olie-installatie achter een sleepboot. In de verte doemt na een halfuur het derde schip op. Een grote rode die tergend langzaam dichterbij komt. Het is zeker een rustige dag.

Over de pier lopen de wandelaars af en aan. Vier ouderen lezen aandachtig de informatie van Rijkswaterstaat op de achterkant van de tribune.

E. Bossant (70): “Daar steek je toch iets van op, dat Rijkswaterstaat die geulen openhoudt. Ik vind ook wel dat dat ding hier past, zeker met die vormgeving van een golfslag.” Mede-wandelaars knikken instemmend. “En je kan ook nog ergens zitten om uit te rusten.”