Begrafenisbranche sluit eigen CAO af

ROTTERDAM, 5 JUNI. De begrafenisbranche heeft voor het eerst een eigen CAO. De Dienstenbond CNV heeft een CAO afgesloten met de Vereniging van Ondernemingen in de Uitvaartzorg (VOU), die geldt van 1 juli 1998 tot en met 1 mei 2000. Werknemers in de begrafenisbranche krijgen per 1 januari 1999 3 procent salarisverhoging en op 1 januari 2000 nog eens 1 procent.

De Dienstenbond CNV probeert al acht jaar een CAO voor begrafenisondernemingen van de grond te krijgen, maar stuitte keer op keer op verzet van werkgevers. Van de drie branche-organisaties heeft alleen de VOU, die de grote ondernemingen met meer dan 1000 uitvaarten per jaar vertegenwoordigt, ingestemd met de CAO.

Kleine begrafenisondernemingen zijn verenigd in het Nederlands Verbond van Uitvaartorganisaties (NVU) en de Nederlandse Unie van Uitvaartondernemingen (NUVU). Zij hebben altijd stelselmatig geweigerd plaats te nemen aan de onderhandelingstafel.

Nu er een CAO met de VOU is, lijken NVU en NUVU zich welwillender op te stellen. “Binnenkort hebben we een eerste gesprek”, zegt CAO-onderhandelaar R. Vlietman van de Dienstenbond CNV. Hij hoopt de CAO Uitvaartwezen, die nu op slechts 600 werknemers van toepassing is, op termijn uit te breiden naar een CAO voor de hele bedrijfstak, met circa 4000 werknemers. Als de bond uiteindelijk toch niet tot overeenstemming kan komen met NVU en NUVU, gaat Vlietman het ministerie van Sociale Zaken vragen de CAO algemeen verbindend te verklaren.

Overigens bestaat een groot deel van de Nederlandse uitvaartbedrijven uit familiebedrijfjes en kleine zelfstandigen, die met een CAO niks te maken hebben.