Zeilen in schaduw van bomen en windmolens

Twaalf zeilboten varen deze week om het WK matchracen in de Solingklasse. Dwarrelwinden zorgen voor extra spanning op de Kralingse Plas. Een middagje oploeven, aftroeven en bier drinken.

ROTTERDAM, 4 JUNI. De Soling is een schip voor stoere, zwaargebouwde kerels die zoveel mogelijk snelheid maken door de boot zo recht mogelijk over het water te varen. Ballast is het toverwoord, vandaar de grote lijven en de brede schouderpartijen. Op de Kralingse Plas in Rotterdam varen blonde Denen en besnorde Australiërs kriskras door elkaar. Ze zeilen schreeuwend de boeien voorbij en laveren met veel bravoure naar de denkbeeldige finishlijn. Na een paar uur oploeven en afvallen, gijpen en overstag gaan, is het tijd voor bier en hamburgers.

“Je moet de overwinning van een ander ook kunnen vieren”, zegt de 44-jarige Canadees Bill Abbott, die gistermiddag vroegtijdig werd uitgeschakeld in de strijd om de wereldtitel. Abbott is een ervaren zeiler in de Soling, een open kielboot met een lengte van ruim acht meter en een gestileerd omega-teken in het zeil. Hij werd vijfde bij de Olympische Spelen van Atlanta. In Kralingen komt zijn ervaring minder goed uit de verf, maar hij wijt de teleurstellende klassering niet aan de locatie. “It's a funny place to sail”, zegt Abbott terwijl hij in een handomdraai de mast naar beneden haalt.

Matchracen ligt Abbott minder goed dan fleetracen, waar de boten in groten getale gelijktijdig tegen elkaar varen. Bij deze ouderwetse wedstrijdvorm is de spanning minder groot, want de snelste schepen worden niet zo gemakkelijk ingehaald. Ten behoeve van de (televisie)kijker werd in 1988 het onderdeel matchracen toegevoegd aan het olympische zeilprogramma. “Maar ik betwijfel of we ons doel bereikt hebben”, zegt de Nederlandse Soling-kampioen Rudy den Outer. “Zeilen blijft een lastige sport om goed in beeld te brengen.”

Bij matchracen - overgenomen van de America's Cup - komen telkens twee schepen tegen elkaar in actie. De verliezers krijgen veel herkansingen en kunnen bij tijdig herstel op de slotdag nog als winnaar worden uitgeroepen. De laatste vier minuten voor de officiële start kunnen de zeilers penalty's (tijdstraffen) uitlokken bij hun tegenstanders. De werkelijke race duurt ongeveer twintig minuten en is onderverdeeld in twee aandewindse rakken en twee voordewindse rakken. De zeilers proberen elkaar op allerlei manieren af te troeven. Vloeken en tieren hoort bij het spel. Maar na afloop slaan de zeilers elkaar weer triomfantelijk op de schouder.

Bill Abbott is geboren in een land van skiërs en ijshockeyers. Hij leerde zeilen op Lake Huron, een meer ter grootte van de Ierse Zee en in de wintermaanden voorzien van een dikke ijslaag. Abbott is sinds zijn veertiende ook actief als botenbouwer in het plaatsje Sarnia, op honderd kilometer ten noorden van het Amerikaanse Detroit. “Wij wonen aan de goede kant van de grens”, zegt hij met een cynisch lachje. Canadezen hebben gemengde gevoelens als ze over de Verenigde Staten praten.

Abbott is een handelsman onder de zeilers en de botenbouwers. Hij vervoert zijn nieuwe Soling in een container over de Atlantische Oceaan en keert meestal zonder Soling weer naar huis. “Wij slaan twee vliegen in een klap. Hoe meer wij winnen, hoe vaker we een boot verkopen”, zegt de 43-jarige Joanne Abbott, echtgenote van Bill en zelf werkzaam als accountant aan huis.

Joanne Abbott is de enige vrouwelijke deelnemer op de Kralingse Plas. Ze weegt 53 kilogram en ontbeert het ideale postuur voor de Soling. Ze compenseert de fysieke tekortkomingen met haar wendbaarheid (de drie bemanningsleden zitten geen moment stil) en haar onvoorwaardelijke trouw aan haar (stuur)man. “Bill is de baas aan boord. Er is geen plaats voor discussies. Thuis zijn de verhoudingen heel anders. Ik zorg voor het inkomen en het huishouden. Bill kan lekker aan zijn boten klussen, maar een vetpot is het zeker niet.”

De vraag naar nieuwe Solings is de laatste jaren gestagneerd. Er varen momenteel ongeveer drieduizend exemplaren op de mondiale wateren. De Soling is sinds 1972 een olympische klasse en heeft altijd een internationaal karakter gekend. De eerste Soling werd in 1964 door de Noor Jan Linge ontworpen. De Noorse koning Olav de Vijfde, een fervent zeiler, was destijds proefkonijn op de Soling.

De familie Abbott bouwt de polyester boten sinds 1967. “Het was liefde op het eerste gezicht”, zegt kapitein Bill. “Dit model zal nooit verloren gaan. Het is een wendbaar schip dat zich heel lastig laat sturen. Daarom hebben bijna alle Soling-zeilers veel ervaring. Je moet veel trucjes uithalen om te kunnen winnen. Zeker bij het matchracen. Ik vergelijk dit onderdeel altijd met een schaakpartij. Tactiek is even belangrijk als techniek. You need a whole lot of tricks.”

Volgens Nederlands kampioen Den Outer, initiatiefnemer van het Rotterdamse evenement, is de Kralingse Plas zeer geschikt voor matchracen. In de schaduw van windmolens en populieren moeten de zeilers voortdurend attent zijn op verandering van windkracht en windrichting. Met de spreekwoordelijke Hollandse loden luchten is sprake van een typisch Nederlands zeilevenement. “Daarom is het zo jammer we geen Nederlanders aan de start hebben”, erkent Den Outer. “Ik ben nummer vijftig van de wereld. Dan heb je helaas geen recht op een wildcard.”