Migrantenbestaan Hongkong vaak loodzwaar

Op vrijdagavond zit de trein van Hongkong naar China vol met oudere mannen. Ze brengen ieder weekeinde door bij hun vrouwen en kinderen in de Volksrepubliek - dikwijls vele jaren achtereen voordat hun echtgenoten en kroost de toestemming krijgen zich bij hen te scharen in Hongkong. Maar voor veel vrouwen en kinderen blijkt Hongkong een zure ervaring.

HONGKONG, 4 JUNI. Bo Bo grinnikt ongemakkelijk. Ze schaamt zich een beetje voor de openhartigheid van haar klasgenoot Jiang Lei. De 21-jarige jongen met rood geverfd haar, een strak wit shirt zonder mouwen en een grote gouden hippie-ring aan zijn vinger, heeft zojuist gezegd dat hij eenzaam is. Een half jaar is hij al in Hongkong, maar ondanks het feit dat hij Kantonees spreekt en zich kleedt als zijn leeftijdsgenoten, maakt hij geen vrienden. “Op de één of andere manier weten ze dat ik van het vasteland van China kom”, zegt hij. Dat verklaart alles.

Bo Bo, 19 jaar, wordt “gek” van haar vader. Zo lang ze zich kan herinneren zag ze haar vader één keer per week in het weekeinde, als hij haar kwam opzoeken in het dorp, vlakbij Kanton. Maar nu ze evenals Jiang Lei, sinds een halfjaar samen met haar moeder bij haar vader in Hongkong woont, voelt ze zich ondergewaardeerd. “Hij behandelt mij als een klein kind”, zegt ze. “Ik wil een kunstvak leren, maar dat mag niet, daar kan je volgens mijn vader in Hongkong niets mee doen.” Ze rolt haar ogen omhoog van ergernis. Jiang Lei knikt begrijpend.

De jonge Chinezen van het vasteland van China komen wekelijks bij elkaar in het hoofdkantoor van de Hongkongse afdeling van International Social Service (ISS). Daar worden ze bijgeschoold in de Engelse taal en bespreken ze de problemen die migrantenfamilies in Hongkong treffen. Larry So Man-yum, de programma-coördinator van het ISS, vertelt dat zijn organisatie verantwoordelijk is voor de opvang van de honderdvijftig nieuwe migranten die dagelijks uit de grensprovincie Guangdong in Hongkong worden toegelaten. Dat is het maximaal aantal migranten dat het bestuur van Hongkong dagelijks toelaat, maar met slechts twintig sociale werkers en drie bijkantoren, heeft de ISS er handenvol werk aan.

“Aan de andere kant van de grens wachten nog vierhonderdduizend vrouwen en kinderen op toestemming om zich in Hongkong te vestigen”', vertelt So. En daar komen dagelijks veel nieuwe migranten bij. Vrijwel zonder uitzondering gaat het om vrouwen van middelbare leeftijd die al jaren zijn getrouwd met mannen uit Hongkong die veelal tien of vijftien jaar ouder zijn. “Mannen in Hongkong met een lage sociale status, kunnen zich geen vrouw uit Hongkong veroorloven”, vertelt So. “Een vrouw in Hongkong kost je handen vol geld! Die stellen eisen aan behuizing en economische stabiliteit. Vrouwen van het vasteland van China letten daar niet zo op. Die worden gedreven door hun dromen, door de gouden bergen die zij zichzelf in het vooruitzicht hebben gesteld. Dan maakt het niet uit of je als Hongkongse vrijgezel weinig verdient, een wat hogere leeftijd hebt of minder aantrekkelijk bent. Het feit dat je uit Hongkong komt, betekent volgens veel vrouwen in China genoeg.”

Weinigen van hen zien hun dromen bewaarheid. Het echtpaar Ma bijvoorbeeld, woont in een kamer die niet groter is dan het stapelbed en de stoel die er in staan. Het hokje bevindt zich diep in de mazen van een oud wooncomplex in het Wanchai-district van Hongkong Island. “Zet alstublieft niet mijn hele naam in de krant”, zegt mevrouw Ma. “Als ze er thuis achterkomen hoe ik er hier aan toe ben... Mevrouw Ma is nog maar vanaf eind december in Hongkong. Sinds haar huwelijk, in 1985, heeft ze gewacht op toestemming van de autoriteiten om zich hier te vestigen. Maar in de paar maanden die ze in Hongkong heeft doorgebracht, heeft ze alle hoop, waarmee ze al dertien jaar is doorgekomen, verloren. “Als ik dit had geweten...”, zegt ze, en ze begint te huilen. Haar echtgenoot kijkt somber voor zich uit. Hij is 72 jaar, 26 jaar ouder dan zijn vrouw, en hij is ziek. “Ik kan niet werken want ik moet hem verzorgen”, zegt mevrouw Ma. Daarom trekt het echtpaar steun, zo'n 1400 gulden per maand - een bedrag dat in Hongkong, waar al gauw meer dan de helft opgaat aan de huur, amper genoeg is om van de leven.

De oude Ma vertelt zonder schaamte in bijzijn van zijn vrouw, dat hij als kippen- en eendenkoerier geen geld en vooral geen tijd heeft gehad een vrouw in Hongkong te ontmoeten. “Wie wil mij hier nou, met mijn economische status?”, zegt hij, zonder zijn vrouw aan te kijken. Vandaar dat hij destijds naar China vertrok op zoek naar een vrouw. “China was zo dichtbij, en zoveel mannen van mijn leeftijd deden hetzelfde.” Mevrouw Ma blijkt eveneens opportunistische overwegingen te hebben gehad bij de keuze van haar echtgenoot. “Ik heb altijd gedacht dat de levensstandaard in Hongkong veel hoger was dan die in China. Voor mij was Hongkong de hemel, tiankong. Natuurlijk heeft hij mij verteld dat het hier anders zou zijn dan ik mij had voorgesteld, maar ik heb daar nooit echt naar geluisterd. Dat het zó zwaar zou zijn, dat kon ik niet geloven.”

Sociaal hulpverlener Alsa Lam Hon-mui, vertelt later dat het echtpaar haar heeft verteld dat van liefde tussen beiden nooit sprake is geweest. “Die vrouw is zwaar teleurgesteld”, zegt Lam, die de Ma's sinds de komst van de vrouw naar Hongkong heeft gevolgd. “Het is een gangbaar patroon. De echtparen sluiten voorafgaand aan het huwelijk een overeenkomst. Zij helpt hem aan een levensgezel, hij belooft haar een rijk leven in Hongkong. Maar dat laatste kunnen weinigen waarmaken.”

Zodra de nieuwe migranten in Hongkong arriveren blijkt het vinden van acceptabele behuizing in de overbevolkte regio met 6,2 miljoen inwoners, een groot tekort aan woningen en absurd hoge huurprijzen, een onoplosbaar probleem. Door het leeftijdsverschil worden de vrouwen bovendien binnen een paar jaar, wanneer hun echtgenoten met pensioen gaan, geheel verantwoordelijk voor de familie-inkomsten, maar de laag opgeleide vrouwen vinden zelden goed betaald werk.

Toch blijven de vrouwen en kinderen komen. Ze worden aangemoedigd door hun families in het Zuidchinese Guangdong, die evenmin op de hoogte zijn van het leven in Hongkong. Onder elkaar zwijgen de migrantenvrouwen over hun benarde situatie, en familieleden wordt niets verteld - behalve dat het goed gaat. Voor de meer dan honderd moeders die vijf dagen per week aan de Chinese kant van de grens van Sha Tau Kok hun kinderen opwachten, is het niets anders dan het vooruitzicht ooit aan de andere kant van de grens te wonen dat hen al jarenlang geduldig stemt.

Sha Tau Kok is een smalle winkelstraat, waar een grenssteen in het midden de overgang bepaalt. De kinderen, veelal illegaal in Hongkong geboren, maar woonachtig bij hun moeders die na de geboorte van hun kind weer terug zijn gekeerd naar China, mogen even over de grens in Hongkong naar school. De moeders, in afwachting van een vergunning tot permanente vestiging in Hongkong, blijven achter aan de noordzijde van de straat van waaruit ze vijf dagen per week, twee keer per dag, voor en na schooltijd, hun ongewisse toekomst letterlijk in de ogen kijken.