Thom Hoffman

In een reeks profielen van gezichtsbepalende sterren deze week Thom Hoffman, de somberende alleenheerser van het naturel in de Nederlandse speelfilm die nu een engel der euthanasie speelt in Erik Lieshouts Regrets.

Kiest een acteur de rollen die bij zijn karakter passen, of is het omgekeerd, en gaat hij lijken op de karakters die hij speelt? Wie zich verdiept in de carrière van Thom Hoffman (3 maart 1957), zal het antwoord op deze kip-of-ei-kwestie niet snel kunnen geven. Hoffman is bekend geworden met getormenteerde en/of tobberige personages - de doodsdriftige junkie in De witte waan (1984), de wanhopige geliefde in Zoeken naar Eileen (1987), Frits van Egters in De avonden (1989) - en heeft ook in het werkelijke leven het imago van de man die het leed van de wereld op zijn schouders torst. Vers in het geheugen staat zijn optreden in VPRO's Zomergasten, twee jaar geleden, toen hij zelfs de cynische Freek de Jonge tot zwijgen bracht met een cocktail van heilige ernst en verfrissend moralisme.

“Ik heb een donkere kijk op de menselijke drijfveren,” luidt een veel geciteerde uitspraak van Hoffman, die een melancholieke blik, een schuchtere stem en een gekwelde trek om de mond als handelsmerken lijkt te exploiteren. Zijn debuut, in Luger (1982), was daar een illustratie van: onder regie van Theo van Gogh speelde de tandartszoon uit Wassenaar een misantropische gangster wiens wreedheid tegen vrouwen en dieren (de poesjes in de wasmachine!) na de première voor controverse zorgden. De toon was gezet: Hoffman speelde in meer dan twintig films en tv-series, van alle belangrijke Nederlandse regisseurs uit de jaren tachtig en negentig, maar daar zaten geen komedies of lichte tussendoortjes bij.

Zelf noemt Hoffman zich “eerder een harde werker dan een talentvol acteur”, maar dat is valse bescheidenheid. Terwijl zijn tegenspelers zich wel eens verloren in over-acting (Kenneth Herdigein in Zoeken naar Eileen) of theatraliteit (Pierre Bokma in De provincie, 1991), gaf hij zijn personages niet alleen charisma maar ook waarachtigheid mee. Desondanks slaagde hij er nooit in om voet aan de grond te krijgen in het buitenland - iets wat hij wijt aan de deplorabele staat van de commerciële Nederlandse film in de jaren tachtig. Zonder een hoofdrol in een kassakraker ben je in Amerika helemaal niemand, pleegt Hoffman te zeggen; en aan Het Parool vertelde hij ooit hoe hij op de Berlinale van 1984 zijn diensten als acteur had aangeboden aan John Cassavetes. “Thom,” had de regisseur tegen hem gezegd, “I'm sure you're a wonderful actor.” Waarna ze elkaar nooit meer zagen.

De laatste jaren speelt Hoffman, die als fotograaf werkt aan een tweede carrière, in steeds minder films - en niet altijd de meest uitgelezene: op de tv-erie In naam der koningin kon hij niet zijn stempel drukken, en zijn rol als house-dj in Ian Kerkhofs Naar de klote! grensde onbedoeld aan parodie. Maar als gedoemd-verliefde gynaecoloog in Erik Lieshouts en Arno Hagers Regrets maakt hij weer aanspraak op de status die hij jaren lang onbedreigd voerde: als de somberende alleenheerser van het naturel in de Nederlandse film.