ILO: nieuw pact tegen kinderarbeid

GENÈVE, 3 JUNI. De Mondiale Kindermars tegen Kinderarbeid luisterde gisteren de opening op van de jaarvergadering van de internationale arbeidsorganisatie ILO in Genève, waar de komende drie weken wordt gepraat over een nieuw internationaal verdrag tegen kinderarbeid.

Zo'n 150 kinderen uit allerlei delen van de wereld stroomden toe in het Palais des Nations, het lokale hoofdkwartier van de VN-organisatie.

De actievoerders vormden de voorhoede van de mars die in januari in de Filippijnse hoofdstad Manila begon en zo'n tachtig landen, waaronder bijna twee weken geleden nog Nederland, aandeed.

De ILO kent sinds 1973 een verdrag dat alle kinderarbeid verbiedt. Maar slechts 61 van de 174 ILO-lidstaten hebben de overeenkomst volledig aanvaard. Volgens de organisatie werken er wereldwijd zo'n 250 miljoen kinderen.

Vooral arme landen kunnen de doelstellingen uit het verdrag niet waarmaken, zo zei gisteren ILO-topman Michel Hansenne. Het nieuwe verdrag verbiedt daarom alleen de meest extreme vormen van uitbuiting van kinderen onder 18 jaar, zoals slavernij, prostitutie en gevaarlijk werk in mijnen en als parelduikers.

Kailash Satyarthi, de Indiase organisator van de mars, erkende met zoveel woorden de problematiek. Hij pleitte ervoor kinderen voortaan niet meer in te schakelen bij gevaarlijke werkjes in bijvoorbeeld chemie- en glasindustrie. De ILO-jaarvergadering, die tot en met 18 juni duurt, buigt zich ook over een verklaring die naleving vergt van fundamentele arbeidsnormen zoals vakbondsvrijheid. Landen als Frankrijk en de Verenigde Staten wilden via de WTO en de weg van handelssancties naleving van die basisnormen afdwingen. Ontwikkelingslanden, zoals met name India, verzetten zich daar mordicus tegen.

Nederland moet meer steun geven aan basisonderwijs in de Derde Wereld om zo kinderarbeid tegen te gaan. Deze oproep richtte de Novib gisteren tot de Nederlandse regering naar aanleiding van het begin van besprekingen in Genève voor een nieuw internationaal verdrag tegen kinderarbeid.

“Iedereen roept in koor dat goed en gratis onderwijs het beste middel tegen kinderarbeid is, maar in de praktijk laten veel regeringen het erbij zitten”, zegt directeur Max van den Berg van de ontwikkelingsorganisatie Novib.

Hij wijst er op dat van de totale Nederlandse begroting van ontwikkelingssamenwerking van 6,5 miljard gulden slechts 130 miljoen of 2 procent naar basisonderwijs in ontwikkelingslanden gaat. “Dat is peanuts, zeker als je nagaat dat momenteel 130 miljoen kinderen in de lagere-schoolleeftijd nog nooit een basisschool van binnen hebben gezien”, aldus Novib-voorman Van den Berg. (ANP)