Filmdebuut zoekt distributeur

Regrets. Regie: Erik Lieshout en Arno Hagers. Met: Thom Hoffman, Jonna Koster, In: The Movies, Amsterdam, alleen zaterdagmiddag 15u. in de maand juni.

Het gebeurt niet vaak dat een met subsidiegeld tot stand gekomen Nederlandse speelfilm na voltooiïng niet uitgebracht dreigt te worden. Meestal schort er dan wel iets aan de kwaliteit, of zijn de interne conflicten tussen producent en filmmakers hoog opgelopen. In het geval van Regrets, het debuut van regisseurs Erik Lieshout en Arno Hagers, ligt de zaak anders. De op een kort verhaal (Pappa is dansen) van Theo van Gogh gebaseerde speelfilm werd in 1993 opgenomen, zoals wel meer bioscoopfilms met steun van Productiefonds en NPS-televisie. De montage had nogal wat voeten in de aarde, zodat het contract met de NPS over de datum van uitzending verliep. De NPS eiste levering, en een verkorte, nog niet definitieve versie werd vorig jaar uitgezonden in het kader van Het uur van de wolf. Inmiddels is de film wel klaar, in de vorm die Lieshout en Hagens oorspronkelijk voor ogen stond, en nu wil de bioscoopdistributeur, Rieks Hadders van het Nederlands Filmmuseum, niet meer, omdat de film al uitgezonden zou zijn en omdat hij, volgens de Volkskrant, Regrets 'brandhout' vindt.

Over smaak valt te twisten, want de nu in eigen beheer en op eigen risico van producent Roland Wigman op vier zaterdagmiddagen in The Movies vertoonde film is helemaal niet zo slecht, integendeel. De vorm is wel gewaagd, en balanceert op het randje van de kitsch. Romantiek is een beter woord voor dit verhaal over de liefdesrelatie tussen een gynaecoloog (Thom Hoffman) en zijn patiënte (Jonna Koster), die nog maar enkele maanden te leven heeft. Hij neemt haar mee naar een Antwerps hoerenhotelletje en samen beleven ze een grote liefde, die zuiver kan blijven omdat elk toekomstperspectief ontbreekt.

De kracht van Regrets is de non-lineaire, impressionistische vorm. Pas na geruime tijd komt de kijker erachter wat er aan de hand is en wie de mensen zijn, naar wie hij, soms uit de verte, dan weer in extreme close-ups van delen van het lichaam kijkt. Op de geluidsband vertelt Hoffman (en later ook Koster) over de personages, alsof hij (eerst de acteur, later het personage) geïnterviewd wordt. De bijna klinische loskoppeling van beeld en geluid is een belangrijke stijlvorm in Regrets; op zeker moment is er alleen nog maar ruis te horen, gevolgd door een subliem moment van totale stilte. Co-regisseur Hagers is van huis uit geluidsman, en dat valt te merken, evenals de ervaring van Lieshout als maker van reclamespots én van een televisiedocumentaire over Céline.

Het camerawerk van Reinier van Brummelen (assistent van Sacha Vierny bij de films van Peter Greenaway) is een beetje gemaniëreerd, maar oorspronkelijk. Je moet in de Nederlandse filmgeschiedenis teruggaan tot Adriaan Ditvoorsts De witte waan (ook met Hoffman als engel der euthanasie) om zulke ongefilterde grote gevoelens verbeeld te zien worden. Zou het toeval zijn dat juist zo'n film door de bureaucratie van het subsidiesysteem gegijzeld wordt? Regrets verdient een normale distributie, want het is een van de interessantste Nederlandse speelfilms van dit jaar.