Henny's aardappels

NOS Sport is de laatste jaren alomtegenwoordig. Kan niet schelen hoeveel het kost.

Tweehonderd uur WK-voetbal, alle zestig wedstrijden - we gaan ervoor. Roland Garros? Elke dag urenlang, ook al hebben we maar één tennisser die daar een beetje meedoet, als hij tenminste niet met het verkeerde been uit bed is gestapt, wat bij Krajicek nogal eens het geval is. Tour de France? Etappes van vijf uur waarin geen fluit gebeurt - we krijgen het straks weer een kleine maand elke dag op de buis.

“Het is gewoon wenselijk dat we overal bij zijn”, zei Martijn Lindenberg, chef sport van de NOS, zaterdag in deze krant. “We zijn het aan onze stand verplicht.”

Ik vroeg hem laatst in een discussie voor het NOS-radioprogramma Met het oog op morgen hoeveel dat hele sportgebeuren de NOS nu eigenlijk kost. Dat ging mij niets aan, zei hij. Het ging toch om besteding van publieke gelden, zei ik nog. Het kon hem niet vermurwen. (We begonnen elkaar daarna iets te heftig in de rede te vallen, waarna de NOS besloot de hele discussie niet uit te zenden.)

Die week stelden de Volkskrant en John Jansen van Galen van Het Parool soortgelijke vragen aan de NOS. Ook zij kregen geen antwoord.

Ik ben geen sporthater, zoals de lezers van deze rubriek weten. Ik pleit er dan ook allerminst voor dat de sport bij de NOS geheel verdwijnt. Het gaat mij om de vraag of de NOS niet een substantieel deel van de sport aan de commerciëlen moet afstaan. Want de kosten moeten zo langzamerhand de pan uitrijzen: ik schat ze op honderden miljoenen per jaar. Dat zal ook wel de reden zijn waarom de NOS er zo geheimzinnig over doet.

Hoe lang is dit alles nog op te brengen voor het publieke bestel zonder dat het tot onaanvaardbare offers leidt op ander programmatisch gebied? Nu al hoor je de serieuze programmamakers van het publieke bestel steen en been klagen over het gebrek aan financiële middelen. Documentaire- en dramamakers moeten hun hand ophouden bij allerlei subsidiërende instellingen, KRO-directeur Ton Verlind vindt sponsoring zelfs de toekomst voor de publieke omroep.

Gezeur, vinden ze bij de NOS, de kijkers willen al die sport toch graag zien? Dat argument gaat echter lang niet altijd op. De kijkcijfers voor Roland Garros schommelden op doordeweekse middagen tussen 100.000 en 200.000. Voor de meeste hockeywedstrijden van het WK lagen ze niet belangrijk hoger. Dat zijn geen kijkcijfers die grote investeringen rechtvaardigen. Trouwens, het kijkcijfer mag ook niet steeds het doorslaggevende criterium zijn bij de samenstelling van het programma-aanbod van het publieke bestel.

Merkwaardig genoeg liet NOS Sport gisteren een buitenkansje liggen om 'overal bij te zijn'. Het Nederlands hockeyelftal werd wereldkampioen na, zoals dat heet, een zinderende finale. De NOS had ervoor betaald, was er dus bij, maar sloot de rechtstreekse uitzending haastig af nog voordat de huldiging was begonnen. Het was zes uur en Henny Stoel zat te wachten met de aardappels van het NOS-Journaal.

Het is toch maar hockey, zullen ze bij de NOS gedacht hebben, hoewel ze ons de afgelopen week wel elk grassprietje in Utrecht hadden laten zien.

Wat zou er gebeuren als de NOS straks ook zo reageert op een wereldtitel van het Nederlands voetbalelftal?

Seedorf heeft in de laatste minuut tegen de Fransen de winnende treffer gescoord (uit een strafschop), we zien nog net hoe hij gevierendeeld wordt door de andere spelers, terwijl Edje Davids moederziel alleen vanaf de middenstip zijn middelvinger aan het Franse publiek laat zien. Opeens slaat de gong en verschijnt Gijs Wanders in beeld. “Op een industrieterrein in Hummelo is vanmiddag een grote brand uitgebroken die...”

Nog diezelfde avond gaan ook de burelen van de NOS in Hilversum in vlammen op.