VPRO's muzikale goudschat

De eerbiedwaardige collectie live VPRO-opnamen van popconcerten lag te verstoffen op zolders, op stapels, in hoeken. Anton Smit schoonde op, ontdekte en verbaasde zich.

Een jaar geleden begon Oscar Smit met het opruimen van oude geluidsbanden in de villa's van de VPRO. De verhuizing naar het nieuwe gebouw in het Media Park zat er aan te komen, en de talloze banden die overal op stapels lagen moesten nodig op hun bruikbaarheid bekeken.

Drie maanden waren er uitgetrokken voor dit werkje. ,,Toen had ik alle hoeken uitgestoft, de zolders leeggeruimd. En ik kwam de mooiste dingen tegen. Een zeventiendelige serie uit 1970 met toen nog onuitgebracht materiaal van Bob Dylan, The Bob Dylan Story, samengesteld door Wim Noordhoek. En de geluidsbanden van het tv-programma Piknik. In een lommerrijke omgeving traden begin jaren zeventig allerlei grote namen op, waarvan de opnamen dan later werden uitgezonden. Ik herinner me van tv nog Dr. John en Frank Zappa.''

Smit (44), voorheen onder meer werkzaam bij een platenmaatschappij en als popjournalist, werd na de eerste schifting gevraagd om het hele VPRO-muziekarchief uit te zoeken en te organiseren. ,,Op de hoezen van de banden was soms niet meer vermeld dan 'Popfestival in Brabant', of 'Bluesfestival Amstelveen'. Dan moest ik op het gehoor bepalen wie er stond op te treden, of iets maken van de omschrijvingen van onwetende technici. Zo stond er 'COC Band', terwijl het om CCC Incorporated ging.''

Smit maakt van iedere geluidsband een beschrijving en stelt een data-base samen, waarin is terug te vinden welke nummers er gespeeld werden en door wie. Hij heeft bovendien al vier lange radionachten gevuld met teruggevonden opnamen. Aanstaande dinsdag volgt de vijfde aflevering van Muziek Terwijl U Slaapt, met live-registraties van onder anderen Jack Bruce, Nico, Pink Floyd, en Kevin Ayers.

De afgelopen dertig jaar heeft de VPRO een eerbiedwaardige verzameling live-opnames opgebouwd. Bands werden al in een vroeg stadium van hun carriere opgepikt en uitgenodigd voor een optreden in de studio, of de VPRO maakte live-registraties. Van The Byrds in 1970 in het Concertgebouw in Amsterdam, tot Beck in 1994 in de Melkweg, en John Cale in 1974 'live' tijdens het programma van Jan Donkers. 'Cale was dronken! Komt niet tot songs', waarschuwt Smits toelichting. Verschillende groepen hebben later de VPRO-opnamen zelf op cd uitgebracht. Op de postuum verschenen live-cd van Nirvana bijvoorbeeld, From The Muddy Banks Of The Whishkah (1996), stonden maar liefst vier nummers van een VPRO-registratie.

Sommige bands zijn minder gelukkig met de resultaten. 9 Augustus 1969 trad Pink Floyd, nog nagenoeg onbekend, op in Paradiso. Door problemen met de geluidsinstallatie was die avond bij sommige stukken alleen de zang, en bij andere alleen de muziek te horen. Ook deze desastreuze opnamen kwamen boven water. Vorige maand ontving Smit een brief van de advocaten van Pink Floyd waarin ze hem het recht ontzegden de banden te gebruiken voor uitzending.

,,Het is een merkwaardige geschiedenis want ik heb nooit op de radio gezegd dat ik dat van plan was. Ik heb het me alleen laten ontvallen tegenover enkele Pink Floyd-fans, met wie ik contact heb via e-mail.'' Nog merkwaardiger was dat de advocaten schreven dat ze reageerden op een brief van Smit zelf, die om toestemming zou hebben gevraagd voor uitzending. Bij navraag bleek iemand zich voor hem te hebben uitgegeven, compleet met valse handtekening en verkeerd gespelde naam; Oskar Smid. ,,Waarschijnlijk zit er een fan achter. Als je hiermee bezig bent, merk je hoe fanatiek veel fans nog zijn. Juist die van de oude groepen, zoals Pink Floyd, Procol Harum, daar krijg ik ook altijd de meeste reacties op.''

Smit heeft baat bij zijn contacten met fans. Voor de uitzending van komende dinsdagnacht moest hij titels achterhalen van nummers die de Duitse zangeres Nico speelde tijdens een concert in 1972. Hij raadpleegt daarvoor de 'Ultimate Band List', een zoekmachine op Internet voor popgroepen (www.ubl.com). Als er dan nog onduidelijkheden zijn zoekt Smit per e-mail contact met fans van de betreffende groep.

Vijf weken na het optreden in Paradiso speelde Pink Floyd, inmiddels iets bekender, in het Concertgebouw. Op de opnamen is te horen hoe een dame voor aanvang een schrijven van de band voorleest, waarin het concept van het concert wordt uitgelegd. The Man & The Journey gaat over een dag uit het leven van zomaar een man. Hij staat op, doet wat dingen, drinkt thee, gaat weer naar bed. ,,Ineens is het podium helemaal stil, op wat glasgerinkel na. Dan weet je: 'nu zal hij wel thee drinken'. Dat was natuurlijk idioot, midden in een concert.'' Om het allemaal nog conceptueler te maken gaf Pink Floyd de nummers speciaal voor die avond andere titels dan van de plaat bekend waren. ,,Ik begreep er niets van want ik kende de nummers, maar onder andere namen. Via e-mail met fans, die al die setlists verzamelen, kwam ik er toch achter. Pink Floyd had het op die manier maar een paar keer uitgevoerd.''

Op de banden staan vaak ook interviews met muzikanten. Aan de manier waarop over muziek werd gepraat is vaak al te horen uit welke tijd het gesprek stamt. Eind jaren zestig sprak men van 'beatmuziek', 'popmuziek' kwam begin jaren zeventig in zwang. En een band als Soft Machine, die nu voor 'psychedelisch' doorgaat, werd toen 'soulgroep' genoemd.

De kwaliteit van de oude opnamen is uitstekend, zegt Smit. ,,Vooral die van de concerten in het Concertgebouw, daar is een hele mooie akoestiek. Maar er was vaak te weinig apparatuur voorhanden. Dan kwam zo'n band met meer instrumenten dan de technici gewend waren, dus moesten ze snel wat bijhalen. Toen Jefferson Airplane speelde is er meerdere keren op en neer gereden naar Hilversum voor nog wat extra microfoons.''

Smits deed allerlei ontdekkingen. ,,Dat is het leukste aan dit werk. De verrassing van 'bestaat dit nog?'. Dat de VPRO ook Deep Purple heeft opgenomen, daar was ik heel verbaasd over. Dat gold toen waarschijnlijk nog als avontuurlijk.''