Wie is bang voor Frankrijk?

Vervang Frankrijk door Duitsland. Kijk dan naar de resultaten van de recente regionale verkiezingen en vooral naar de score van het Front National. En beoordeel, nog steeds met het gedachte-experiment Duitsland in het achterhoofd, de opportunistische houding van rechtse partijen om met ultrarechtse steun de macht in een aantal regio's te behouden. Vergeet vooral niet de verwoestende verwarring waarin rechts uiteindelijk terechtkwam.

Het Europese Huis zou te klein zijn. Duitsland zou van de Europese publieke opinie, voor zover daarvan kan worden gesproken, een nog negatievere beoordeling krijgen dan het nu al heeft. Het oprukken en salonfähig worden van ultrarechts zou op zijn minst in de hoofdsteden van de buurlanden grote ongerustheid teweegbrengen. Het is niet onmogelijk dat Europees spoedberaad zou volgen over de vraag hoe het zo ver heeft kunnen komen en of het fascisme weer voor de deur staat. Zou de 'operatie euro' wel kunnen doorgaan? Niets van dat alles nu het Frankrijk aangaat. Natuurlijk, er is bezorgdheid, maar vooral latent. De harde taal van president Chirac tegen het extremistische en xenofobe FN trok de aandacht, het bleef echter vooral een binnenlandse kwestie. Dat daar een ultrarechtse beweging blijvend wortel heeft geschoten zorgt buiten Frankrijk niet voor grote opwinding. Van een donkere schaduw die bezig is over Europa te trekken spreekt niemand. Aanslagen tegen buitenlanders in Duitse steden en terreur van met nazi-symbolen provocerende jongeren in de vroegere DDR doen de Europese pavloviaanse alarminstallaties eerder afgaan. Dat laatste is begrijpelijk, zeker gezien de geschiedenis van Duitsland en die van het Hitler-regime in het bijzonder. Toch is het verschil met de Europese lauwheid waarmee het politieke slagveld in Frankrijk wordt waargenomen op z'n minst opmerkelijk.

Misschien is het wel heel ongewoon dat het Duitsland van nu, met ruwweg dezelfde sociaal-economische problemen als in Frankrijk zo rustig blijft en dat er geen prerevolutionaire situatie is ontstaan. De ingrediënten voor politieke en sociale instabiliteit zijn immers ruim voorhanden: een zeer hoge werkloosheid van zo'n vijf miljoen mensen die maar niet wil dalen, een Duitse eenheid die in de praktijk veel moeilijker te bereiken is dan was gedacht, miljoenen vreemdelingen die als zondebok zouden kunnen dienen en het aanstaande verlies van de D-mark, het naoorlogse anker van stabiliteit.

De waarnemer treft een op alle fronten timide natie aan. Een natie die risico's mijdt en angst lijkt te hebben voor zelfontplooiing. Een natie waar werklozen slechts spaarzaam en korte tijd de straat zoeken om te protesteren. Een natie die de grootste moeite heeft de verworvenheden van de welvaartsstaat ter discussie te stellen, wat ook uit de geschiedenis kan worden verklaard. Was niet Bismarck aan het eind van de vorige eeuw de eerste architect van een stelsel van sociale zekerheid? En was de malaise van de jaren dertig niet de voedingsbodem gebleken waarop een misdadig bewind kon groeien?

Een natie die jaarlijks miljarden mark uitgeeft aan instituten voor politieke vorming met activiteiten in binnen- en buitenland en aan het levend houden van de herinnering aan de Holocaust. Een natie ook die als een van de meest Europa-vriendelijke kan worden beschouwd, al was het maar omdat de Europese eenwording haar hielp bij het verwerken van de nationale schande.

Áls die al verwerkt kan worden, want Duitsland is heftiger dan ooit met zijn verleden bezig en het lijkt steeds meer moeite te kosten die zwarte nationaal-socialistische bladzijde definitief om te slaan. Een sociaal-democratische Duitser zei bijvoorbeeld onlangs tegen buitenlandse bezoekers, verwijzend naar de plannen voor een Holocaust-monument in Berlijn: “Ik ken geen volk dat in het midden van de hoofdstad een zo groot monument voor zijn afschuwelijke misdaden opricht.” En hij liet er geen misverstand over bestaan het een absurd idee te vinden.

Het nazi-verleden lijkt eerder een nieuwe opkomst van massaal georganiseerd ultrarechts in Duitsland de pas af te snijden - Republikaner en andere ultrarechtse groeperingen zijn nooit echt van de grond gekomen - dan dat het inspiratie verschaft om het bruine monster opnieuw briesend rond te laten gaan. Het ultrarechtse gevaar zou in het huidige tijdperk dan ook wel eens uit een andere hoek kunnen komen, zoals de recente politieke gebeurtenissen in Frankrijk laten zien.