Tuinbonen

Klei is de koudste grondsoort. Alle groenten behoeven warmte. Ziedaar in twee zinnen mijn verdriet. Niettemin is er één lichtpunt: de tuinboon. Die houdt van kou. Die kan begin maart al in de klei gelegd worden.

Hagel, sneeuw, nachtvorst - het deert hem niet. Is de grond schraal, onbemest, uitgeput - hij komt toch op. Het lijkt alsof hij enkel geschapen is om je een hart onder de riem te steken. In het ene tuinboek lees je: 'Tuinbonen zijn sterk en geven ook bij weinig zorg een goede oogst.' In het andere tuinboek: 'Zij verdragen vrij onvruchtbare grond.' Zelfs in het boekje Biologisch Dynamisch Tuinieren van Pfeiffer-Riese lees je: 'De tuinboon is niet gevoelig voor koude. Hij stelt geen eisen aan bemesting.' Uiteraard volgt dan een mits. Zonder mitsen en maren kun je niet biologisch-dynamisch tuinieren. Hier luidt het voorbehoud: 'Mits de grond zwaar is en rijk aan kalk en er geen gepaste voorteelt aan vooraf gegaan is.' Voorwaar, een eigenaardig zinnetje. Het eerste gedeelte valt te begrijpen. Zware grond, kalk. Maar dan: 'Geen gepaste voorteelt mag vooraf gegaan zijn.' Stel je toch voor dat je in je onwetendheid 'gepaste voorteelt' zou hebben gepleegd! Gepaste voorteelt - het is net zoiets als de zonde tegen de Heilige Geest. Je hebt er geen flauw idee van wat je je daarbij moet voorstellen.

Ik bedek de klei waar ik mijn tuinbonen wil gaan zetten altijd eerst met een laag paardenmest. Vervolgens spit ik hem om. En dan frees ik hem. Zou dat onverhoopt de 'gepaste voorteelt' zijn? Ik denk het niet, want mijn tuinbonen doen het altijd voortreffelijk.

Alleen in het eerste jaar dat ik ze teelde, ben ik in grote problemen geraakt. Uiteraard had ik in de diverse tuinboeken gelezen dat de tuinboon, hoe gemakkelijk de teelt ook is, aan één barre bedreiging bloot staat: luis. De zwarte bonenluis komt eerst aan de onderzijde van de bladeren en valt daardoor niet meteen op. Later worden de groeitoppen 'geheel met luizen bezet', las ik in een van mijn tuinboeken. In een ander tuinboek vond ik: 'Tegen zwarte boneluis kan men spuiten met snel afbreekbare insekticiden als malathion, pyrethrum of derris.' Vanzelfsprekend was er geen haar op mijn hoofd die eraan dacht ooit met zulke vergiften te gaan werken. Pfeiffer-Riese zegt: 'Nadat het 4e tot het 6e paar bladeren zich heeft ontvouwen prep. 501 toedienen, wat de beste remedie (preventief) is tegen luis.' Prep. 501, ook weer zo'n eigenaardig biologisch-dynamisch raadsel.

Ik weet nog goed dat ik indertijd dacht: 'In de polder waarin ik woon is er verder niemand die tuinbonen kweekt. Hoe zou de zwarte bonenluis dan ooit kunnen komen aanwaaien.' Zorgeloos aanschouwde ik dan ook hoe mijn tuinbonen in sneltreinvaart de grond uitkwamen, prachtig in bloei raakten, en groots vrucht begonnen te zetten. En toen opeens, terwijl de peulen veelbelovend rijpten, zag ik enkele lieftallige zwarte luisjes krioelen in de toppen van mijn bonen. Driftige lieveheersbeestjes waren al bezig hun buikjes ermee vol te stoppen. 'Ach, die paar luisjes', dacht ik. Maar luizen worden in één nacht grootmoeder. Reeds de volgende dag waren al mijn tuinbonen vanaf de top tot halverwege de plant bezet met een dikke laag krioelende luizen. Een dag later zag je de planten nauwelijks meer. Je zag één dikke, zwarte kluwen luizen. Het was alsof 'Aäron zijn staf had uitgestrekt en het stof der aarde had geslagen dat het tot luize worde in het gansche Egypteland.' (Exodus 8 vers 16).

Sinds dat echec weet ik dat ik de toppen uit mijn tuinbonen verwijderen moet zodra het derde paar bladeren zich ontvouwen heeft en de bonen in bloei beginnen te komen. Het is eigenaardig dat dat toppen zo effectief blijkt. Kennelijk kan de zwarte bonenluis niks beginnen als hij zich niet in de top kan vestigen om van daaruit de hele plant te koloniseren tot kraamkamer.

Wil je tuinbonen kweken, dan kun je kiezen uit vele rassen. Express, Driemaal wit, Lange hangers, Vroege Witkiem, Veredelde Witkiem, Con Amore. Van Sarah Hart heb ik de 'Jane Austen' gekregen, een verrukkelijk ouderwets tuinboontje. In het algemeen geldt: groene tuinboontjes zijn lekkerder dan grijze, hoe veredeld de witkiem ook is.

Omdat je zelf teelt, kun je vroeg plukken. Dan zijn de boontjes nog piepklein, en adembenemend lekker. Bij schobbejak Montignac staan tuinboontjes op de zwarte lijst. Het zal mij er niet van weerhouden om over twee maanden tuinboontjes zachtjes op de tong te laten smelten. Samen met die andere heerlijkheden die bij de Franse zwendelaar ook op de zwarte lijst staan: nieuwe aardappeltjes!