Schuldhulp

In NRC Handelsblad van 18 maart zegt mevrouw J. Creemers, voorzitter van de nieuwe branche-organisatie voor particuliere hulpverleners, dat schuldhulp meer is dan louter een financiële aangelegenheid. Het gaat ook om begeleiding en zorg. Een nobel en zeer juist uitgangspunt. Het is daarom betreurenswaardig dat mevrouw Creemers dit laat volgen door een wat gemakkelijke zwart-wit tegenstelling tussen commerciële en overheidsinstellingen.

Waarom? Omdat er naast de vele integere 'good guys' in de wereld van commerciële schuldhulpverleners nog flink wat 'bad guys' zijn, kleine bureautjes die hoge tarieven vragen voor schuldbemiddelingswerk dat de toets der kwaliteit lang niet altijd kan doorstaan. Omdat mensen zich ook van deze bureaus afhankelijk maken, kunnen die hun ook veel schade berokkenen.

Er zijn in den lande diverse succesvolle allianties van overheidsorganisaties en instellingen van particulier initiatief aan te wijzen die een effectieve combinatie van financiële bemiddeling en zorg organiseren. Nijmegen is daarvan een voorbeeld: de Gemeentelijke Kredietbank werkt er intensief samen met Sociale Zaken en de NIM, de organisatie voor maatschappelijk werk. De samenwerkende organisaties helpen mensen niet alleen financieel verder met schuldregelingen en beheer, er is ook ruim aandacht voor de langere termijn, door de financiële regeling te koppelen aan begeleiding bij het leren budgetteren. De alliantie zit simpel in elkaar: de organisaties stippelen het beleid uit en de uitvoerende medewerkers werken op kleinschalig niveau (in de wijk) cliëntgericht samen. Een platform met twintig uiteenlopende maatschappelijke organisaties als vluchtelingenwerk, verslavingszorg, kerken en het psychiatrisch centrum volgt de ontwikkelingen en adviseert. Dit is nog een extra garantie tegen een te grote afhankelijkheid van de klant van een enkele organisatie. Deze samenwerkingsalliantie van drie organisaties wordt de klant via een loket als een geheel aangeboden; dit wordt gesymboliseerd door spreekuren van maatschappelijk werkers in het kantoor van de GKB.

Volledig budgetbeheer van een klant met grote schulden is op korte termijn effectief voor een bank (er kunnen immers niet meer schulden worden gemaakt), maar op de langere duur ligt dat anders: de klant leert immers niet om met zijn geld om te gaan en in veel gevallen blijft de oorzaak van het ontstaan van de schulden gewoon voortbestaan. Maar soms is de kans dat de schulden groter worden zo groot, dat beheer de beste oplossing is. Weloverwogen toepassing van het instrument beheer is echter niet de veelkoppige draak die mevrouw Creemers er met haar waarschuwing voor 'massaal toegepaste budgetbeheersing' van maakt. Bovendien is het geen kwestie van of-of. Iemand kan bijvoorbeeld tijdens het beheer al onder begeleiding leren om een gefaseerd toenemend eigen budget te hanteren. Zo kan iemand vrij snel uit de - zeker voor langere perioden onwenselijke - situatie van inkomensbeheer komen.

In de praktijk blijkt dus dat allianties van maatschappelijke organisaties óók uitstekend toegerust zijn om adequate schuldhulp te bieden. Laten we daarom - zeker bij een maatschappelijk ernstig probleem als schulden - geen versimpelde tegenstelling van overheid en markt kweken.

    • Hoofd Hulpverlening
    • Mw.Drs. P.L.M.G. Dings
    • Wnd. Dir. Nim