'Privatisering CIC gaat door'

PARIJS, 31 MAART. Stopzetting van de privatisering van de bank Crédit Industriel et Commercial (CIC) is politiek en economisch gezien hoogst onwaarschijnlijk. De Franse minister van Economische Zaken en Financiën, Dominique Strauss-Kahn, heeft dat maandag in Parijs gezegd tegen een delegatie van vakbondsleiders binnen de CIC.

De bonden hadden uit naam van het personeel gevraagd de privatisering te stoppen. Zij zijn bang dat uitsluitend de hoogte van het overnamebedrag de doorslag geeft. ABN Amro is de enige overgebleven buitenlandse kandidaat voor overname van de groep van elf regionale banken, met 21.000 werknemers en 2 miljoen klanten. De andere twee zijn de Franse banken Société Générale en Crédit Mutuel.

Een echt ideale kandidaat is er volgens de bonden niet. Het personeel vreest dat er alleen naar de enorme bedragen wordt gekekeken, die nog niet officieel bekend zijn. Zeker is dat de BNP, een van de grootste Franse banken, uit de boot is gevallen omdat die niet meer dan 16 miljard franc (5,3 miljard gulden) op tafel wilde leggen. De privatisering zou de Franse staat tenminste 18 miljard franc moeten opleveren.

Uiteindelijk besluit minister Strauss-Kahn wie de uitverkorene wordt, na advies van een speciale commissie voor privatiseringen.

Die bestaat uit zeven gepensioneerde president-directeuren van grote Franse bedrijven en hoge ambtenaren. In juli 1993 zijn zij voor vijf jaar benoemd, en staan dus op het punt definitief met pensioen te gaan. De jongste is 67, de oudste 78. De commissie werkt in volstrekte afzondering.

Daarover maken de bonden zich boos. “Moeten we ons in de luren laten leggen door een club gepensioneerde opa's in een commissie zonder enige democratie of doorzichtigheid?” Zij klagen dat de werknemers van de CIC buiten elke beslissing worden gehouden, en roepen op tot mobilisatie om daaraan een eind te maken voor het te laat is.

De bonden zijn vooral bang dat gezien de hoogte van het overnamebedrag er onmiddellijk daarna gehakt wordt in de werkgelegenheid. Dat willen zij voorkomen. Tevens hopen de bonden het eigen, regionale gezicht van de CIC te bewaren.