'Papon was een ondergeschikte in nazi-terreur'

Jean-Marc Varaut, advocaat van Maurice Papon, moest zijn pleidooi vorige week woensdag onderbreken nadat Papons vrouw was overleden. Achter het spreekgestoelte zet Varaut de dood nu om in een voordeel.

BORDEAUX, 31 MAART. “Zonder Hitler, Heydrich, Himmler en Eichmann geen proces-Papon. Over die verschrikkingen gaat het hier niet meer. Dit is een proces van Fransen voor Fransen. Wat U heeft gedaan is het huis bewaken. Tot de Republiek zou terugkeren.” De toon is gezet. Maître Varaut kijkt bijna trots naar zijn cliënt.

Maurice Papon heeft vrijdag de vrouw begraven waar hij 66 jaar mee getrouwd is geweest. Hij draagt een getinte bril, stemmig pak en zwarte das - een wrak op de beklaagdentroon. In de bijna zes maanden dat 'zijn' proces wegens medeplichtigheid aan deportatie van meer dan 1500 joden uit Bordeaux heeft geduurd, is hij honderd rimpels ouders geworden. Minachting is vervangen door zelfbeklag. Zijn gezicht lijkt bijna binnenstebuiten gekeerd. Morgen heeft hij het laatste woord, voordat de jury zich terugtrekt.

Jean-Marc Varaut heeft buiten de rechtszaal laten weten dat het moeilijk zou worden de draad op te pakken. Zijn pleidooi moest vorige week woensdag worden onderbroken nadat mevrouw Papon was overleden. Achter het spreekgestoelte zet hij de dood om in een voordeel. De pleidooien van de 22 advocaten die voor de nabestaanden optreden zijn weggezakt in de volle geheugens van de drie beroepsrechters en negen lekenleden van de jury. Hetzelfde geldt voor het requisitoir van het openbaar ministerie, dat uitmondde in de verrassende eis van twintig jaar. Voor misdrijven tegen de menselijkheid geldt meestal levenslang.

De uitgangspositie voor Varaut was gisteren onmogelijk, maar niet hopeloos. Hij mikt op vrijspraak. Door discreet Papons rouw met die van de slachtoffers te verweven kon Varaut zeseneenhalf uur lang garen spinnen van het thema 'menselijk drama'. Met gedragen stem, slechts een enkele keer onderbroken door een uitval richting nazi-terreur, schetste hij het beeld van de ondergeschikte ambtenaar op de prefectuur, die - terwijl de stad Bordeaux werd gebombardeerd en iedere burger zijn naasten trachtte te redden - op zijn post bleef. En medemensen uit het jodenregister probeerde te schrappen.

Maurice Papon als jong maar vaderlandslievend ambtenaar, niet meer dan een tandwieltje van de nazi-vernietigingsmachine. Werkend voor het met de Duitsers samenwerkende Franse regime in Vichy, maar zonder enig spoor van antisemitisme, belast met 'joodse zaken', maar zonder eigen vervolgingsijver. Zonder zeggenschap over de Franse politie, die tussen '42 en '44 joodse kinderen, mannen, vrouwen en bejaarden arresteerde, in het Franse kamp Mérignac zette en daarna op transport stelde - alles volgens Duits plan, met door de Duitsers geleide treinen, naar een bestemming die alleen de Duitsers kenden. Die zijn functie niet neerlegde omdat de Duitsers met vergelding dreigden. “De prefectuur is de ambtelijke dienst geweest waar de meeste slachtoffers zijn gevallen”, weet maître Varaut.

“Zo waren ze allemaal.” Zij is eenentachtig, komt van de publieke tribune en vertelt tijdens een koffiepauze over haar oorlog in het zuidwesten van Frankrijk. Bijna monotoon. Vragen over het heden, over het vonnis straks, bereiken haar niet meer. “Hij wist te ontsnappen in Duitsland. Boeren hielpen hem daar. Toen hij terugkwam heeft een Franse politieman hem aangegeven, wegens desertie. Zo waren ze. Laat je niks wijsmaken.”

Dit proces is ook een groepstherapie, al verklaart iedereen om het hardst dat het oordeelt over de daden van één man. Wat die man deed en kon weten. En wat zijn generatie, zijn soortgenoten deden. Was hij werkelijk anders? “Vichy is in Neurenberg niet veroordeeld.” Die verwarring, die innerlijke tegenstrijdigheid in het proces, dat is deze week het speelveld van Varaut.

Niet iedereen bewondert zijn pleitkunsten. “Het was een grote leugen door wat hij vergat te noemen”, zegt na de maandag-aflevering van Varauts pleitmarathon Alain Lévy, advocaat namens de 'Nationale Federatie van gedeporteerde en geïnterneerde verzetsmensen en patriotten'. Voor hem heeft Papons raadsman vrijwel de grens bereikt van wat een advocaat mag doen met de feiten in het ruim 50.000 bladzijden dikke dossier om de schuld van zijn cliënt weg te redeneren.

Varauts sterkste troef blijft de tijd - 55 jaar - verstreken sinds de deportaties. Papon werd direct na de oorlog gezuiverd en gepromoveerd, mèt zijn baas, de prefect van de Gironde, Maurice Sabatier (nooit berecht en inmiddels dood). Tussen '47 en '51 waren alle feiten bekend die in '81 'aan het licht kwamen', volgens Varaut niet toevallig vlak voor de verkiezing van François Mitterrand. De feiten waren even bekend tijdens alle jaren dat de hoogste politieman van Vichy, René Bousquet, niet werd berecht - in '93 werd hij vermoord door een gestoorde. “Volgens het Franse recht moeten er bewijzen zijn voor de medeplichtigheid aan misdrijven tegen de menselijkheid. Die zijn er niet. Zoals de misdadige opzet ontbreekt. Daarom is dit geen eerlijk proces. De verdachte is de laatste overlevende. Hij kan geen tijdgenoten meer als getuige oproepen. Maurice Papon vrijspreken is niet Vichy vrijspreken.”