Oostenrijk in ban bedrijfsovername

In het Oostenrijkse bedrijfsleven blijken politieke invloeden van belang. Soms worden deals in achterkamertjes bekokstoofd met hulp van politieke relaties. Maar soms zijn er ook kritische journalisten met scherpe vragen.

WENEN, 31 MAART. Het Oostenrijkse bedrijfsleven heeft zo zijn eigen cultuur, waarin politieke invloeden een niet onaanzienlijke rol blijken te spelen. Vorig jaar baarde het spektakel rond de overname van de Credit-Anstalt door de Bank Austria - elk met hun eigen politieke achterban - opzien. Afgelopen week was Oostenrijk in de ban van de overname van autoproducent Steyr Daimler Puch (SDP). Uiteindelijk werd SDP, dat voor 67 procent eigendom was van de Credit-Anstalt, overgenomen door de Canadese groep Magna Internationals Car Parts. Frank Stronach, de Oostenrijks-Canadese Magna-eigenaar, had zijn oorspronkelijke offerte van 3,5 miljard schilling met 500 miljoen verhoogd en daarmee zijn concurrenten uitgeschakeld.

Vooral de afkomst van Stronach wordt in Oostenrijk gezien als garantie voor het behoud van de arbeidsplaatsen. Dat Stronach net als andere buitenlandse ondernemers Oostenrijkse fabrieken naar een voormalig Oostblokland zou kunnen verplaatsen, wordt voor onwaarschijnlijk gehouden.

Toen de deal bijna rond was, versprak Credit Anstalt-directeur Erich Hampel zich tijdens een persconferentie. Hij vreesde “dat nog meer offertes binnen zouden kunnen komen”. Vervolgens bleek Hampel nauwelijks tegen de indringende vragen van de journalisten opgewassen. Hoezo wilde hij - als eigenaar - geen concurrerende offertes? Wat had hij te vrezen? Waarom was de verkoop eigenlijk achter gesloten deuren geschied? Hampel mompelde nog iets over “niet serieuze aanbiedingen die toch allemaal bestudeerd zouden moeten worden”, maar daarmee kon hij de journalisten niet tevreden stellen.

Men begon zich te herinneren dat twee sociaal-democraten, Bank Austria-directeur Gerhard Randa en oud-kanselier Franz Vranitzky, in het bestuur van Stronachs Magna zitten. Randa en Vranitzky waren vorig jaar de drijvende krachten achter de overname van Credit Anstalt door de Bank Austria. Volgens de Oostenrijkse kleurenleer is Bank Austria rood (sociaal-democratisch) en Credit-Anstalt zwart (conservatief). De conservatieven probeerden met alle middelen te voorkomen dat hun bank rood zou worden.

In januari werd bekend dat Stronach, die sterke banden onderhoudt met de sociaal-democraten, een bod op Steyr had gedaan. Magna wilde zowel SDP als Steyr Fahrzeugtechnik voor 1,1 miljard schilling cash kopen, daarnaast zou de Credit Anstalt voor 2,4 miljard Magna-aandelen krijgen. De Credit Anstalt reageerde snel - het bod werd onmiddellijk geaccepteerd. Niemand stelde toen vragen hoe deze deal tot stand was gekomen. Stronach stelde iedereen gerust: hij was een man van overleg die goede contacten met de vakbonden onderhield en hij wilde graag de banden met zijn vaderland weer aanhalen. Inmiddels maken deals zoals de aankoop van SDP door Stronach duidelijk wie nu ook bij de Credit Anstalt - achter de coulissen - aan de touwtjes trekt: de sociaal-democraten die via Bank Austria inmiddels Credit Anstalt in handen hebben.

De acceptatie van één bod, zonder inschrijving of duidelijke waardevaststelling van het te verkopen bedrijf, is niet de beste manier om de belangen van een eigenaar te behartigen. Dat bleek toen concurrerende offertes bij de Credit Anstalt binnenkwamen. De Beierse investeringsgroep GSM, twee Amerikaanse bedrijven, Borg Warner en Dana, en de Oostenrijkse industrieel en oud-minister van Financiën, Hannes Androsch boden duidelijk meer dan Magna. De door de Credit Anstalt “gevreesde” offertes hebben de bank uiteindelijk 500 miljoen extra opgeleverd door het verhoogde bod van Stronach.