Ondernemers vragen veel van overheid

VVD-kopstukken debatteerden gisteren met ondernemers. De directeuren willen een actievere overheid maar kregen weinig van de VVD'ers gedaan.

WASSENAAR, 31 MAART. De VVD is voor veel kiezers dè politieke partij voor de ondernemer - laat de markt zijn werk doen. In het verlengde daarvan streven de liberalen naar een zo klein mogelijke overheid, want hoe groter de overheid, hoe kleiner de markt. Maar laat een club ondernemers los op de top van de VVD en opeens blijken die twee electorale selling points niet samen te gaan.

Twaalf directeuren van middelgrote en grote ondernemingen zaten gisteren in het Wassenaarse kasteel Wittenburg tegenover vijf prominente VVD'ers. Ze bespraken het verkiezingsprogramma van de liberalen, 'Investeren in de toekomst'. Wat de ondernemers betreft is duidelijk wie in die toekomst moet investeren: de overheid. Vooral VVD-minister Jorritsma (Verkeer en Waterstaat) kreeg de infrastructurele problemen waarmee bedrijven kampen voor de kiezen. Meer geld moet de overheid steken in filebestrijding en de bereikbaarheid van bedrijven. “En maakt u ook eens een eind aan de parkeerterreur”, voegde R. van Gelder van baggeraar Boskalis haar toe.

Dat was een loepzuivere voorzet voor open doel waarbij Jorritsma alleen nog maar haar voet tegen de bal voor hoefde te zetten. Want de dure parkeerplaatsen in bijvoorbeeld Amsterdam zijn nou net het resultaat van vraag en aanbod op de markt van ruimte. Die is schaars in hartje hoofdstad. “En daar moet dan ook flink voor worden betaald”, wist oud-locoburgemeester De Grave, thans staatssecretaris Sociale Zaken. “Maar het resultaat is wel dat je ook om drie uur 's middags je auto nog kwijt kunt.”

Een dergelijk gesprekspatroon herhaalde zich enkele malen gisteren: de ondernemers vroegen de overheid in de personen van de bewindslieden Jorritsma, De Grave en minister Zalm (Financiën) om maatregelen en dezen kaatsten de bal terug met de mededeling dat de markt juist zijn werk moet doen. En die markt wordt gevormd door de ondernemers zelf.

Naast de verbetering van de infrastructuur dient de overheid ook de internationale concurrentiepositie en de kwaliteit van het onderwijs te bevorderen, vonden de directeuren. “Wat doet u er zelf aan?”, wilde De Grave van de ondernemers weten. “Het lijkt alsof u uw problemen over de heg gooit en zegt: 'overheid, regel het even'. In Amerika is het bedrijfsleven veel initiatiefrijker.”

Neem het fileprobleem, zo bood Jorritsma de werkgevers de helpende hand. Dat probleem is volgens haar goeddeels betrekkelijk eenvoudig op te lossen als ondernemers in een stad met elkaar afspraken maken over spreiding van werktijden. “Niet te verwarren overigens met flexibele werktijden”, zei de bewindsvrouw. “Maar bij de feitelijke afspraken met werkgevers over die spreiding komen we nooit een stap verder”, klaagde ze.

Verwacht niet te veel van dergelijke afspraken, waarschuwde vakbondsman L. de Waal van de FNV die namens de werknemers voor een beetje tegenwicht moest zorgen. “Als werknemers mogen kiezen, gaan ze toch liever met hun auto in de file staan dan dat ze de trein pakken. Als mensen in de trein zitten, zitten ze voor hun gevoel al op het werk, maar als ze in de auto zitten, zijn ze nog thuis.”

Is thuis telewerken een oplossing? “Daarin is de overheid weer te traag”, vond J. Houwert van Wegener-Arcade. “Wegens de wetgeving inzake arbeidsomstandigheden moeten dan alle werkplekken thuis worden gecontroleerd”, meende hij. Automatiseerder Getronics experimenteerde met telewerken en wat bleek: “De arbeidsproductiviteit zakte naar een onacceptabel laag niveau”, aldus voorzitter T. Risseeuw.

Niet alleen op het gebied van de bereikbaarheid kregen de ondernemers nul op het rekest van de aan hen verwante VVD, ook voor maatregelen die de internationale concurrentiepositie van Nederland zouden moeten waarborgen voelen de liberalen niet erg. Een anti-dumpingclausule, die J. van der Wielen van Nutricia voorstelde om bijvoorbeeld supermarkten ervan te weerhouden producten onder kostprijs te verkopen, vond geen genade in de ogen van de door Zalm en Jorritsma gesouffleerde VVD-leider Bolkestein.

Veel schadelijker nog voor de concurrentiepositie is het volgens de ondernemers dat Nederland geen staatssteun aan bedrijven of bedrijfstakken toestaat. Tot niet geringe verbazing van zijn politiek leider wist de voorzitter van de liberale fractie in het Europese parlement, G. de Vries, te melden dat die staatssteun in de rest van de Europese Unie toeneemt. Maar een Nederlands bedrijf stapt volgens Jorritsma ook weer niet naar 'Brussel' om daar bezwaar te maken tegen oneerlijke concurrentie. “Ja zeg, dat moet je eens proberen. Daar is ook geen doorkomen aan”, wist F. Hetzenauer van Tulip Computers.

Nederland is roomser dan de paus met de terughoudende financiële steun op de markt, vindt het bedrijfsleven. “Wist u bijvoorbeeld”, zei J. Hillege van ingenieursbureau Grontmij, “dat Duitse en Franse overheidsbedrijven op grote schaal afvalverwerkings-, water- en kabelbedrijven in Oost-Europa en België overnemen?” Nee, dat wisten ze bij de VVD niet. Maar Bolkestein hield voet bij stuk. “De overheid moet buitengewoon terughoudend zijn met staatssteun”, doceerde hij. “Al met al kan de overheid betrekkelijk weinig.” De ondernemers bladerden intussen afwezig in de laatste pennenvruchten van de liberale voorman. Titel: 'Het heft in handen'.

    • Robert Giebels