Meer klachten over discriminatie

UTRECHT, 31 MAART. De Commissie Gelijke Behandeling heeft vorig jaar 149 klachten beoordeeld, 25 procent meer dan het jaar ervoor. De meeste klachten hadden betrekking op discriminatie in arbeidssituaties. Dit blijkt uit het jaarverslag van de Commissie, dat vandaag is aangeboden aan de voorzitter van de Sociaal Economische Raad, K.G. de Vries.

De Commissie oordeelde vorig jaar 96 keer dat een regel of handeling in strijd was met de wet. Uitspraken van de Commissie zijn niet bindend, maar worden vaak wel opgevolgd. Gebeurt dat niet, dan kan de rechter ingrijpen. Volgens de Commissie overstijgen steeds meer klachten het individuele belang en worden ze vaker ingediend door vakbonden en belangenorganisaties. Het aantal klachten over discriminatie op grond van ras en nationaliteit steeg vorig jaar van 23 naar 28 procent. Een Surinaamse vrouw werd volgens de Commissie ten onrechte afgewezen voor de functie van receptioniste wegens haar accent. Ook een Iraanse stucadoor die na een proefperiode van drie dagen zonder betaling werd weggestuurd, kreeg van de Commissie gelijk - zij vond de functie-eis 'vijf jaar Nederlandse stucadoorservaring' onevenredig nadelig. Maar een Nederlandse man die werd afgewezen voor een opleiding tot beveiligingsmedewerker wegens voorkeursbeleid voor allochtonen ving bot. Volgens de Commissie had de werkgever voldoende aangetoond dat er een gegronde reden was voor het voorkeursbeleid, namelijk achterstand bij de allochtone werkzoekenden in de branche.

Ruim veertig procent van de klachten ging over ongelijke behandeling van mannen en vrouwen. Een vrouw die geen verlenging kreeg van de geldigheid van haar theorie-examen tot na haar zwangerschap kreeg van de Commissie gelijk. Zij vond het niet aannemelijk dat de vrouw haar theoriekennis na de bevalling zou zijn vergeten. Discriminatie wegens zwangerschap speelde ook een rol in zestien andere zaken, die alle betrekking hadden op werksituaties. In twaalf gevallen handelde de werkgever volgens de Commissie in strijd met de wet.

Vijf mannen dienden een klacht in omdat zij niet in aanmerking kwamen voor kinderopvang en hun vrouwelijke collega's wel. De Commissie vindt voorkeursbehandeling van vrouwen toegestaan, op voorwaarde dat sprake is van een feitelijke achterstand voor vrouwen. Dit wordt van geval tot geval bekeken en hiervan was meestal sprake. Maar een regeling bij de Algemene Rekenkamer ging de Commissie te ver: Als een vrouw haar kind aanmeldde en er was geen plaats, dan moest een man zijn plaats afstaan. Dit maakte volgens de Commissie inbreuk op de rechtszekerheid van mannen. Overigens meldde de Rekenkamer de regeling zelf voor toetsing bij de Commissie aan.

Een klein aantal klachten had betrekking op discriminatie wegens religie en seksuele geaardheid. Een moslim-productiemedewerker die bad tijdens werkpauzes werd volgens de Commissie ten onrechte om die reden ontslagen. Maar een fysiotherapeut die klanten verloor omdat hij psalmen zong tijdens het werk ging volgens de Commissie te ver. Een verbod op een hoofddoekje bij de gymles achtte de Commissie om veiligheidsredenen gerechtvaardigd. Een lesbisch paar werd ten onrechte geweerd bij een 'gratis diner voor twee, alleen voor echtparen', en een homopaar op een 'gezinscamping'. De Commissie boog zich vorig jaar voor het eerst ook over discriminatie van deeltijdwerkers. Een van haar uitspraken was dat ambtenaren in deeltijd een even hoge vergoeding van hun ziektekostenverzekering moeten krijgen als ambtenaren met een hele baan. Dit jaar wordt het werkterrein van de Commissie waarschijnlijk uitgebreid met leeftijdsdiscriminatie.