Korea gaat zelf de 'troostmeisjes' betalen

TOKIO, 30 MAART. De Zuid-Koreaanse regering heeft besloten zelf een vergoeding uit te keren aan de zogeheten 'troostmeisjes', vrouwen die tijdens de Japanse bezetting gedwongen werden als prostitué voor het Japanse leger te werken. De kwestie van de 'troostmeisjes' werpt een permanente schaduw over de Japans-Koreaanse betrekkingen omdat deze vrouwen smartegeld en een formeel excuus van de Japanse regering eisen.

Hetzelfde lot hebben destijds ook vrouwen in Nederlandse-Indië, de Filippijnen, Taiwan en China ondergaan. Ook zij eisen compensatie van Japan. De Japanse regering staat echter op het standpunt dat de oorlogserfenis is afgehandeld met vredesverdragen en herstelbetalingen. Japan kan nu niet alsnog vergoedingen aan individuele personen gaan betalen, zo stelt de regering.

Het probleem voor de vrouwen is dat de regeringen in hun eigen land - waaronder ook de Nederlandse - het onderwerp niet erg hoog op de politieke agenda hebben staan.

In 1996 heeft de Japanse regering een particulier fonds - en dus geen overheidsinstelling - in het leven geroepen dat een vergoeding van zo'n 30.000 gulden aan de vrouwen wil geven, vergezeld van een brief waarin premier Ryutaro Hashimoto uitspreekt dat het land “moreel verantwoordelijk” is voor de gebeurtenissen. Maar dat gaat de meesten niet ver genoeg en de vrouwen weigeren daarom het geld.

Om de diplomatieke onrust in de verhouding met Japan te zuiveren, heeft Zuid-Korea nu besloten volgende maand zelf 50.000 gulden te betalen aan de 155 vrouwen die in het land bekend zijn als slachtoffer. Volgens historici heeft het Japanse leger in heel Oost-Azië ongeveer tweehonderdduizend vrouwen tot prostitutie gedwongen. Maar hun ervaringen waren na de oorlog lange tijd een 'vergeten' hoofdstuk uit de oorlogsgeschiedenis. Enerzijds omdat historici er onvoldoende aandacht voor hadden, anderzijds omdat slachtoffers hun pijnlijke ervaringen wegstopten om een nieuw leven te beginnen. Tot zover onze correspondent.

In een reactie op het bericht uit Korea zegt J. Leenders, vice-voorzitter van de Stichting Japanse Ereschulden, desgevraagd dat de Koreaanse en Nederlandse situatie moeilijk te vergelijken zijn. Leenders zou een schadeloosstelling van de Nederlandse regering “ideaal” vinden, maar benadrukt dat de situatie gecompliceerd is. “De troostmeisjes vormen een deel van de groep die wij aan een schadevergoeding willen helpen.”