DE KANDIDAAT OP CAMPAGNE...

Folders uitdelen, handen schudden - de verkiezingscampagne is begonnen. Maar vinden politici het ook leuk?

Van Frits Bolkestein is bekend dat hij van debatten houdt, maar van joligheid en vluchtige ontmoetingen moet hij niets hebben. Wanneer tijdens de verkiezingsbijeenkomsten van de liberalen zangeres Anita Meijer de zaal verleidt tot inhaken en meezingen, zit de partijleider op de eerste rij doodstil te wachten tot het voorbij is. Maar hij zit er wel, daar tegenover Anita Meijer, want het hoort er nu eenmaal bij. Zelfs Bolkestein, de man van het doorbreken van taboes, heeft de verplichte nummers van het campagne voeren nog niet hardop aan de kaak gesteld. Als er een camera in de buurt is, doet hij zelfs zijn best om er niet al te chagrijnig bij te kijken.

Nee, dan de openhartigheid van Femke Halsema, de nummer drie op de kandidatenlijst van GroenLinks. Een fragment uit het campagne-dagboek dat zij op Internet bijhoudt: “De overheersende emotie is schaamte. Toen ik mezelf terugzag, bijvoorbeeld, op de voorpagina van de Schager Courant. Mijn haar wapperend als een oude krant, mijn veel te zware boekentas voor mijn buik gesjord, mijn gezicht vertrokken in een krampachtige grijns, tussen stralende, prachtige jongeren op een reuze-autoped. Het was een grapje van de organisatie van het 'scholierenparlement' aldaar: GroenLinks haal je niet af met de auto. Ik mis de alertheid om met een in mijn voordeel sprekende spitsvondigheid alsnog in de auto te stappen van de lachende leraren, maar laat me als een mak schaap naar de slachtbank leiden. Geleidelijk, nu de politieke campagnes hun hoogtepunt gaan bereiken, bekruipt me het angstige vermoeden mezelf nog te zullen zien met een kind op schoot (wanhopig roepend om de crèche-baas zodra de camera is verdwenen), in innige omhelzing met een asielzoeker, toostend met de plaatselijke middenstand. Niet uit welgemeendheid, maar omdat ik simpelweg geen geldig excuus heb kunnen verzinnen om het niet te doen.”

Halsema is voor het eerst kandidaat in een verkiezingscampagnes. GroenLinks heeft haar als jong talent gescout bij de Wiardi Beckmanstichting, het wetenschappelijk bureau van de PvdA. Het aantrekken van Halsema, die door het weekblad HP/De Tijd is omschreven als “dat leuke meisje van GroenLinks”, past in de trend dat politieke partijen in toenemende mate buiten de gestaalde kaders naar geschikte Kamerleden zoeken. Wouter Bos, de nummer 39 van de PvdA, is ook zo'n talent van buiten. Hij is weggeplukt bij de Shell, waar hij werkte op het hoofdkantoor in Londen. Ook Bos houdt op verzoek van het tijdschrift Writers Block, dat uitsluitend op Internet verschijnt, een campagnedagboek bij (www.writersblock.net/verkiezingen). Hij is al even enthousiast als Halsema. “Ik had nog de ijdele hoop dat ik als volslagen onbekende de campagnedrukte enigszins kon ontsnappen”, schrijft Bos. Om zichzelf vervolgens toch maar te corrigeren: “Nee, fout, opnieuw beginnen...zo'n houding past een nieuw Kamerlid niet. Nog een keer dus: zelfs voor mij als een nieuw Kamerlid blijkt er een boel te doen. Ook niet zo vreemd natuurlijk, het aantal mensen op de PvdA-lijst met een achtergrond in het bedrijfsleven houdt niet over dus als er ergens iets met werkgevers is, wordt Bos er al snel op afgestuurd.”