Fraude in orthodox-protestantse kringen niet langer met mantel der liefde bedekt; In Gods naam

De eerste grote zaak die naar buiten kwam, was die van de ex-directeur van een streng gereformeerd bejaardenhuis in Rotterdam. Sinds vorige week zit hij vast wegens verduistering van 'enige miljoenen' van de bewoners. Justitie werd geholpen door stichting De Keursteen, die onrecht in orthodox-protestantse kring aan het licht brengt. De gang naar de 'wereldlijke rechter' valt in de gesloten religieuze gemeenschappen helemaal verkeerd.

Zijn oude tante K. is “een halve analfabete”, zegt de boer uit Kruiningen, die lid is van de Gereformeerde Gemeente. Ze heeft alleen een paar jaar lagere school. Plotsklaps beschikte de weduwe over 33.000 gulden, “dankzij gekregen pandbrieven of zo”. Haar andere neef, die ouderling is bij dezelfde gemeente, kreeg daar lucht van. Hij adviseerde haar het geld aan hem te lenen, tegen een leuke rente, vertelt de boer. Maar in de haastig opgestelde overeenkomst - een stuk papier, opgeborgen in een kluis - schreef de ouderling dat er sprake was van een schenking.

Tante K. werd ziek. Een gemachtigde opende namens haar de kluis en las tante K. de overeenkomst voor. Ze schakelde de politie in, maar die kon niets doen. De oude vrouw had het 'contract' immers ondertekend. “We hadden er geen vrede mee”, vervolgt de boer uit Kruiningen met een mooi Zeeuws accent. “Het was een heel minne streek van die ouderling, nota bene een familielid. Zo iemand zit toch vóór in de kerk, hij moet toch het voorbeeld geven?” In een krant hadden ze over De Keursteen gelezen. Ten einde raad besloten ze daar, vorig jaar, aan te kloppen.

Voor het zo ver was riep tante K. de ouderling bij zich, sprak hem boos toe en verfrommelde de overeenkomst voor zijn neus. De ouderling nam de prop mee naar huis. “Bij een schenking is er geen sprake van een tegenprestatie, maar die stond wèl op het papier beschreven”, zegt mr. H. Scholten, die namens De Keursteen als advocaat van de weduwe optrad. “De ouderling heeft misbruik gemaakt van de omstandigheden.” De familievete is opgelost met een schikking. De 33 mille is met rente terug bij tante K.

Stichting De Keursteen bestaat dertien maanden. Ze heeft het doel (financiële) onregelmatigheden in orthodox-protestants Nederland te bestrijden. Vorige week kwam de stichting in het nieuws toen de politie een 76-jarige ouderling uit Urk en diens zoon oppakte. De mannen - vader was ex-directeur van het streng gereformeerde bejaardenhuis Rehoboth in Rotterdam - zouden ten minste twintig bewoners voor in totaal enige miljoenen guldens hebben opgelicht. Een woordvoerder van justitie in Rotterdam bevestigt dat het tweetal “mede dankzij goede informatie van De Keursteen” kon worden aangehouden. “De godsdienst is in dit geval als voertuig voor crimineel gedrag gebruikt”, zegt M. van Hoeven, directeur van De Keursteen. “Met mooie praatjes had die Urker de oudjes een vermogen afgetroggeld voor goede doelen, zoals een opleidingsschool voor dominees.”

Volgens Van Hoeven komt dit soort malversaties in orthodox-protestantse kerken 'vaak' voor, hoewel er in die wereld “vanzelfsprekend ook tal van deugdelijke, eerlijke en democratische mensen” rondlopen. Hij zegt dat hijzelf, als behoudend Nederlands-hervormde, tot die groep behoort. Daarom krijgt hij wel eens iets te horen in de trant van: 'Jij, Van Hoeven, bent lid van onze familie. Als je iets verkeerds ziet gebeuren bij één van ons, moet je de andere kant op kijken.' Diepgelovigen hebben hem wel eens ernstig bedreigd, verzucht hij.

Koningin Wilhelmina

Van Hoeven (57 jaar) 'kerkt' in Delft. Hij studeert theologie als hobby, en omschrijft zichzelf als een 'irenische christen'. Zo'n christen is vredestichtend, bemiddelend. Van Hoeven hangt de ethisch-irenische richting aan: een godsdienstige stroming die de theologische strijd wil opheffen - “à la koningin Wilhelmina”, zegt hij. Hij houdt regelmatig spreekbeurten, ook voor de Staatkundig Gereformeerde Partij.

“Een deel van de geestelijke autoriteiten in onze kring toont zich in spraak en smaak onkreukbaar, schalt van alles van de preekstoel, maar via slimme methoden maakt het gelovigen geld afhandig of misbruikt het zijn macht op een andere manier”, stelt hij. De Keursteen wil dit soort praktijken met wortel en tak uitroeien, licht hij toe.

De meesten van de streng gereformeerden waar de Keursteen zich op richt, maken deel uit van de uiterst rechter flank van zijn eigen Nederlands Hervormde Kerk, en in kerken die daarvan zijn afgescheiden, zegt Van Hoeven. Hij noemt in dit verband de Gereformeerde Gemeenten in Nederland en Noord-Amerika (300.000 gelovigen), de Gereformeerden in Nederland (20.000), Oud-gereformeerde Gemeenten (30.000) ofwel de Ledeboerianen, volgelingen van een dominee uit Rotterdam. Ze wonen in de zogenoemde bible belt. Die begint bij Axel in Zeeuws-Vlaanderen, loopt via de Zuid-Hollandse eilanden naar het Groene Hart en vandaar naar de Veluwe en Rijssen. Bovendien is er een kleine enclave in de Friese Wouden.

Parttime dominee A. van der Meiden, thans communicatie-adviseur van beroep, beschreef genoemde geloofsrichtingen in het boek Zwarte Kousenkerken in Nederland toen hij nog hoogleraar communicatieleer was aan de Universiteit van Utrecht. Hij omschrijft deze groepen als 'bevindelijke gereformeerden'. Van der Meiden vindt dat De Keursteen met een 'goede zaak' bezig is. Deze gereformeerden baseren zich, als zich conflicten voordoen, op een brief van apostel Paulus aan de Korinthiërs, weet hij. “In 1 Korinthe: 6 vers 6, staat letterlijk: 'Hoe durft iemand die een kwestie met een ander heeft, zijn recht te zoeken bij een heidense rechter in plaats van bij hen die God toebehoren?' Maar het probleem is dat het bij de christen-broeders van nu niet alleen gaat om kleine conflicten, maar ook om grote zaken. Het toedekken onder het mom van broederliefde, zoals is gebeurd bij die miljoenenfraude door de ex-directeur van dat Rotterdamse bejaardenhuis kan natuurlijk niet. Dat is ook niet bedoeld door Paulus.”

Wantoestanden

Van Hoeven zorgt met zijn Keursteen voor commotie, zegt Van der Meiden, door misstanden in hun eigen kring voor de 'wereldlijke rechter' te brengen. “Zij willen zich aan de christelijke leer houden, maar de maatschappelijke gevolgen van wantoestanden elders aankaarten. Dat laatste gebeurde vroeger nóóit”, legt hij uit. “En als er toch een schuldige werd gevonden in de kerkleiding, dan betaalde de kerk de boete. Zoals de kerk ook financieel over de brug kwam wanneer haar gelovigen grote schade hadden geleden, bijvoorbeeld door een overstroming. De gelovigen mogen zich niet verzekeren. 'De Goddelozen hebben vele verzekerdheden', staat er immers geschreven.”

Van der Meiden wijst op een andere actuele zaak: het seksuele misbruik op de vrijgemaakt-gereformeerde scholengemeenschap Guido de Brès in Amersfoort, waarvoor een leraar deze week tot twintig maanden celstraf werd veroordeeld. De schoolleiding was al jarenlang op de hoogte van het misbruik. “In de cultuur van die gelovigen hang je niet alle misstanden aan de grote klok, ook om hoongelach en grappen van de heidense wereld te voorkomen. Het is ook een vorm van barmhartigheid tegenover die betrokken leraar.”

Het Vrouwen Pastoraat Seksualiteit Geweld (VPSG), een oecumenische stichting werkend vanuit feministisch theologisch perspectief, beaamt dat met name incestgevallen in de streng christelijke kerken vaak binnen de eigen gesloten gemeenschap worden onderzocht, “maar niet altijd op de goede manier”. Pastoraal werker W. Vogel van VPSG legt uit dat de positie van vrouwen in die kring heel anders is dan in de rest van de samenleving. “De dader, een man, doet in de kerk een openbare schuldbekentenis, waarmee de kous af is. Het vrouwelijke slachtoffer wordt soms nauwelijks serieus genomen. De dader schermt met het feit dat God de kinderen gebiedt de vader van het gezin, als plaatsvervanger van de Heer, te gehoorzamen. Zijn machtspositie is zodanig dat hij daar misbruik van kan maken, door middel van seksualisering van de relatie.”

VPSG heeft ervaren dat het aantal meldingen van incest uit de streng-christelijke niet groter is dan in andere geledingen van de maatschappij. Het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS) heeft daar geen cijfers over. “Bij een aanhouding wordt nooit gevraagd naar de geloofsovertuiging van de betrokkene”, vertelt een woordvoerder.

Een vrijgemaakt-gereformeerd echtpaar uit het Drentse Roden meldde zich ten einde raad bij De Keursteen, met een zaak die leek op de affaire-Lancée. “Mijn dochter begon in 1994 verhalen te vertellen dat ik haar seksueel had misbruikt”, zegt de man, die anoniem wil blijven. Via een bloemenboer uit Hooghalen kwam het verhaal bij onze predikant in ons dorp terecht. Die ging rechercheurtje spelen, aldus de man uit Roden, “zonder mijn dochter - een heftige puber - en mij te spreken. Hij benaderde wel mijn oudste dochter, die ooit is verkracht. Zo van: misschien heeft vader dat ook wel gedaan.”

De Rodenaar raakte overspannen, verloor zijn baan en heeft sinds november een WAO-uitkering. “Mijn vrouw heeft nooit aan mijn gelijk getwijfeld”, zegt hij, “intussen bleef de predikant bezig. Hij liet mijn vrouw een boekje zien, waarin stond waaraan je incest kon herkennen. Als iemand zo en zo reageert, kun je zien dat hij incest pleegt, vertelde hij.”

De kerkenraad schreef ten slotte een rapport waarin staat dat de predikant fout zat. Hij had zich veel te lang in zijn eentje met onze zaak bemoeid. Intussen had het bureau vertrouwensartsen justitie van de vermeende incest op de hoogte gesteld. “Ze deden er niets mee”, zegt de Rodenaar. “Mijn vrouw en ik besloten toen aangifte te doen van valse beschuldiging door onze dochter.” Op aanraden van justitie werd de aangifte ingetrokken, aldus de Roodenaar. Die zou de gezinshereniging in de weg staan.

“Onze dochter heeft spijt betuigd”, vervolgt hij. “Ik heb een klacht ingediend bij de kerkenraad, over de predikant. Maar de predikant zit de kerkenraad voor. Hij heeft dus een dubbele pet op.” De man uit Roden heeft voorts een schikkingsvoorstel gedaan. Hij wil rehabilitatie, door een bericht in het plaatselijke kerkblad met daarin de tekst dat de kerkenraad en de predikant in zijn zaak fouten hebben gemaakt. En hij wil een geldbedrag als vergoeding. Als het voorstel voor 1 april niet is geaccepteerd, gaat hij naar de rechter. Predikant B. van de vrijgemaakt-gereformeerde kerk in Roden weigert op de zaak te reageren. “Ik heb met onze kerkenraad de afspraak gemaakt dat we op dit moment geen commentaar geven”, zegt hij desgevraagd.

Listige constructies

De Keursteen krijgt gemiddeld dertien klachten per week binnen, waarvan het merendeel in de civielrechtelijke sfeer ligt. Het zijn soms geschillen over 'grote geldsommen', maar ook conflicten die “met één telefoontje of een briefje” uit de wereld zijn. Zoals die van een vrouw op de Veluwe. Ze leende haar postzegelverzameling van aanzienlijke waarde aan een geïnteresseerde ouderling. Die man hield die verzameling jaren vast. Ze kreeg haar niet terug, hoewel ze er telkens om vroeg. Ze meldde zich bij De Keursteen. “Eén belletje en de postzegels waren weer bij de eigenares. Dezelfde dag nog”, zegt Van Hoeven.

Hij geeft nog een voorbeeld. “Een boer van de Gereformeerde Gemeente in de Randstad had twee zonen. De één was leraar op een streng gereformeerde school, de ander was boer. De oude heer verkocht zestig hectare grond voor stadsuitbreiding. De opbrengst moest naar de zoon die boer was, vond de vader. De andere zoon had immers een pensioen? Op miraculeuze wijze, via listige constructies, slaagde hij erin de lesgevende zoon buiten te sluiten, te onterven zeg maar.”

De leraar had daarover grote frustraties, vervolgt Van Hoeven. “Maar hij ondernam geen actie, gebonden als hij was door zijn

Pagina 32: Mantel der liefde

godsdienst. Toen hij er toch iets tegen het schoolbestuur over zei, kreeg hij te horen: 'Vergadert u geen schatten op deze aarde, maar zoekt het toekomende leven'. De leraar is in een psychiatrische inrichting opgenomen. De kleinkinderen kaartten de affaire bij ons aan. Helaas, de zaak was verjaard, we konden niks doen.''

De Keursteen onderneemt nooit iets op eigen houtje, ze komt alleen in actie op verzoek. Eens in de twee, drie weken stuit ze op een overtreding die wordt gemeld bij justitie, zegt Van Hoeven. “Het gebeurt zelden dat wij dat zelf doen. We laten het over aan de gedupeerden.”

Van Hoeven neemt het leeuwendeel van het werk op zich. Hij heeft een organisatie/adviesbureau voor handel en industrie, met als specialisme (internationaal) fraude-onderzoek. Hij runt de stichting in zijn vrije tijd, bijgestaan door zo'n vijftig informanten in den lande. Het zijn meestal gepensioneerde rechercheurs van streng gereformeerde gezindte, advocaten in ruste en oud-notarissen. “Mensen, die zich hun hele leven hebben lopen ergeren aan het leed dat zich 'christen' noemende medemensen aanrichten”, zegt Van Hoeven.

Te goedgelovig

Van der Meiden voorspelt dat De Keursteen “in de gesloten christelijke gemeenschappen” op veel meer affaires zal stuiten. “Zeker op het financiële vlak”, zegt hij. “Het hoort een beetje bij de cultuur in die kringen, waar vertrouwen heerst op basis van het geloof. Zo van: 'ik ben boekhouder, mevrouw, ik zorg wel dat uw centjes goed worden belegd'. In werkelijkheid gebeurt het dan soms bij een andere maatschappij of goed doel dan is afgesproken.”

De kerkgangers in die conservatieve kringen zijn “te goedgelovig”, vervolgt dominee Van der Meiden. Predikanten en ouderlingen zijn daar, in tegenstelling tot in modernere kerken, heel lang actief. De doorstroming is slecht. Het gevolg is een bijzonder hechte vertrouwensrelatie, waarbij de dominee elke bemoeienis met zijn werkzaamheden uitlegt als argwaan en achterdocht. Er is een kentering aan de gang. De dominees lang niet altijd meer gerecruteerd uit de vertrouwde kring, maar ze zijn hoger opgeleid en soms zelfs afkomstig uit het bedrijfsleven.”

Van der Meiden kent de woorden uit zijn hoofd, waarmee de opgepakte Urker directeur van het Rotterdamse bejaardenhuis de oudjes benaderde: “O, wat vreselijk, uw man is overleden. Hij daalt af in de groeve der vertering. Zouden we niet de Heere God, die boven woont, om zegen vragen, zodat Hij uw hart wil doen neigen geld ter beschikking te stellen van de opleiding van onze predikanten? Fantastisch, werkelijk ongelooflijk.”

Mooie praatjes - Van Hoeven kan er een boek over schrijven. De Keursteen krijgt tal van vragen over de fondsenwerving binnen de kerken. “De kerken overdrijven vanaf de kansel de vervolging van christenen in China en het vroegere Oostblok schromelijk. Ze doen dat om de werving van fondsen te stimuleren. Ik heb dat zelf in Oost-Europa en China vastgesteld.”

De ernstigste overtredingen kom je bij fondsenwerving tegen, zegt Van Hoeven. “Bij zo'n kerkelijke stichting verdween twee miljoen van het ingezamelde geld in de zakken van de Nederlandse directeur”, meldt hij. “De fraude is meegedeeld aan het stichtingsbestuur, maar dat bedekte hem met de mantel der liefde. Als de fraude aan de grote klok werd gehangen, zou dat de fondsenwerving in gevaar brengen. Een betrokken dominee benaderde me over die zaak en sloeg me met de catechismus om de oren. Hij tartte me de zaak wereldkundig te maken, haalde de tien geboden er bij. 'Gij zult geen valse getuigenis spreken tegen uw naaste', sprak hij.”

De Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak (NVVR) heeft “geen enkele moeite” met het eigenhandig optreden van De Keursteen. “Als zich in bepaalde kring civielrechtelijke conflicten voordoen, hoef je niet naar de rechter. Ook in strafrechtelijke zin hebben burgers de vrijheid zaken zelf op te lossen”, zegt een woordvoerder. Bureaus als Halt en Slachtofferhulp bemiddelen daarin ook. “Je hoeft geen gebruik te maken van de rechter, maar je bij strafzaken kun je hem niet buiten de deur houden.”

De Keursteen doet ook aan nazorg. Van Hoeven zegt gevangenen te bezoeken die door de stichting zijn aangegeven. Momenteel zit een streng gereformeerde vast, wiens naam of woonplaats hij om reden van privacy niet wil prijsgeven. “Hij is een bekende in de reformatorische wereld en hij had functies in landelijke besturen.” Hij verduisterde 'enige miljoenen guldens' binnen de kerk, vertelt Van Hoeven. “In de cel zei hij me dat hij de godsdienst nooit meer zou misbruiken. Maar hij zei nog meer - zoals gebruikelijk in de tale Kanaäns: 'De Heere heeft me nooit tegengehouden; onder de toelatende hand van God is dit geschied'. En: 'Als je nog nooit zonde hebt gedaan, dan weet je ook niet hoe groot Gods genade is'.”

In de eerste maanden van zijn bestaan is De Keursteen volgens Van Hoeven 'enorm tegengewerkt'. Hij kreeg verwensingen naar zijn hoofd, hij werd buitengesloten en “ze trachtten me koud te stellen”. “Ik ben zelfs met de dood bedreigd”, vertelt hij. “Maar het point of return hebben we bereikt, de stichting is niet meer weg te denken. We hebben pas een telefonische peiling laten verrichten onder zo'n zestig streng gereformeerde dominees. De helft van hen zegt: het is goed dat De Keursteen er is.”

De andere helft is radicaal tegen. Van Hoeven: “Zij vinden dat als het vuil in het openbaar komt, daarmee Gods naam wordt aangetast. Mensen die naar Gods naam zijn genoemd - christenen - komen op negatieve wijze in de publiciteit.” Hij toont een commentaar uit het Reformatorisch Dagblad. Daarin staat onder de kop 'Dwaasheid': “(...) dat Van Hoeven gemakkelijk allerlei mensen verdacht maakt zonder adequaat bewijs. (...) Overigens komt het vaker voor dat mensen die gebroken hebben met het godsdienstig milieu waarin ze opgevoed zijn, zich daar vervolgens fel tegen afzetten. Bekende voorbeelden zijn schrijvers als Jan Wolkers en Maarten 't Hart. Wellicht moet het optreden van Van Hoeven ook in dat perspectief gezien worden.”

De schrijver van het commentaar, hoofdredacteur C.S.L. Janse, zegt desgevraagd dat zijn vergelijking met Wolkers en 't Hart “niet inhoudelijk, maar formeel” is bedoeld. Van Hoeven komt uit het SGP-milieu, zegt hij, maar heeft zich toch “enigszins van dat milieu gedistantieerd”. Van Hoeven heeft de neiging wat te overdrijven, vindt Janse, de zaken “dramatischer voor te stellen” dan ze zijn. Een deel van zijn beschuldigingen is volgens hem terecht. “Maar een deel kan hij in mijn ogen niet bewijzen.” Mensen uit orthodox-protestantse kring hebben volgens Janse overigens in de bank- en zakenwereld geen slechte naam. “Onze moraliteit is relatief hoog.”