Ruime blik

In de Rembrandttoren was begin deze week alles in gereedheid gebracht. Ruim anderhalve maand nadat een groep van 90 Philipsmedewerkers de eerste werkdag op het nieuwe Amsterdamse hoofkantoor had beleefd, kon ook de raad van bestuur zijn nieuwe vergader- en werkplek betrekken.

Met een eerste Amsterdamse bestuursvergadering, op de 24ste (niet de hoogste) verdieping van de toren, zou maandag een historische stap zijn gezet. Een stap die bij veel Philipswerknemers gevoelig lag, maar volgens president C. Boonstra noodzakelijk was. Loskoppeling van Eindhoven zou Philips een meer mondiale uitstraling geven. Toppers op het gebied van management en marketing zouden makkelijker de overstap maken naar Amsterdam dan naar Eindhoven.

Maar de nieuwe bestuurskamer in Amsterdam bleef leeg. Er werd in Eindhoven vergaderd. 'Handiger', aldus Philips, omdat een aantal bestuursleden op die dag ter plaatse verplichtingen had. Is de voormalige 'gloeilampenfabriek uit het zuiden des lands' toch met handen en voeten aan Eindhoven gebonden? Die conclusie is voorbarig, meent Philips. Als nu de komende tijd 90 procent van de vergaderingen in Eindhoven wordt gehouden, ja dan is het iets anders.

De kans dat Boonstra, die van de verhuizing zo'n punt heeft gemaakt, dat zal laten passeren is klein. Maar de druk zal er zeker zijn. Vanaf 1 mei wordt Philips' raad van bestuur uitgebreid met vijf directeuren die operationele verantwoordelijkheden hebben voor divisies in Eindhoven en omgeving. Die zullen vaker een afspraak in het zuiden moeten laten varen om vanuit Amsterdam met ruime blik over het concern te delibereren.