'Regeling aandelen is wel te betalen'

DEN HAAG, 27 MAART. Staatssecretaris Vermeend (Financiën, PvdA) houdt de Tweede Kamer verkeerde cijfers voor over de financiële consequenties van werknemersparticipatie in het eigen bedrijf. Dat stelt het Nederlands Participatie Instituut (NPI).

Een meerderheid in de Tweede Kamer van CDA, VVD en D66 wil dat werknemers fiscaal worden gestimuleerd om aandelen te kopen van het bedrijf waar ze werkzaam zijn. Daartoe zou de aandelen- en optieregeling binnen het spaarloon moeten worden verruimd. Deze week bleek dat Vermeend sympathiek tegenover dit voorstel staat, maar hij wees wel op de financiële consequenties. Daarop is het voorstel ingetrokken.

De ruim 1.600 gulden die nu in een spaarloonregeling mag worden gespaard, zou verdubbeld moeten worden als de werknemer besluit daar aandelen voor te kopen, zo stelt het NPI voor, in navolging van het Tweede-Kamerlid Giskes (D66). Een dergelijke regeling wordt voor optie-aankopen binnen het spaarloon op 31 maart wel van kracht.

Staatssecretaris Vermeend liet deze week in het debat over de optieregelingen weten dat een verruiming van de aandelenregeling, zoals voorgesteld door D66-woordvoerder Giskes, de staat jaarlijks zestig miljoen gulden aan misgelopen belastingen zou kosten. De verruiming van de spaarloonregeling voor opties zou daarentegen dankzij de verhoging van de belasting op de opties tien miljoen gulden extra opleveren, aldus de staatssecretaris.

D66 en het NPI bestrijden de berekeningen van Vermeend. De staatssecretaris rekent de bedragen naar zich toe, stelt het NPI. “Stel dat er 5.000 managers voor een optieregeling in aanmerking komen, het zijn er veel meer, maar stel, dan zouden die maximaal een optiepakket van 35.000 gulden mogen ontvangen om aan die tien miljoen extra te komen. Ter illustratie: een portier bij ABN Amro krijgt al een optiepakket van 20.000 gulden. Die tien miljoen is dus veel te laag”, aldus M. van Beusekom van het NPI.

Ook de specialist op het terrein van de werknemersparticipatie, dr. H. Voûte, begrijpt niet hoe Vermeend aan de 60 miljoen gulden inkomstenderving bij werknemersparticipatie komt. Het totale bedrag dat nu in spaarloonregelingen zit bedraagt 9 miljard gulden. Daarvan zit jaarlijks zo'n 17 miljoen in aandelenregelingen. Tegen een tarief van vijftig procent is dat 8,5 miljoen inkomstenderving voor de overheid per jaar. “Hoe kan dat nu ooit 60 miljoen worden, dat zou een verzevenvoudiging betekenen. Ik hoop dat dat gebeurt, vanwege de participatie, maar het lijkt me onwaarschijnlijk.”

Ook Giskes plaatst vraagtekens bij de berekening van Vermeend, maar is meer verbolgen over de houding van de andere partijen. “Ze spreken zich allemaal uit voor een verruiming van de regeling, maar als het geld gaat kosten is de animo ineens verdwenen”, zegt Giskes. Vooral de houding van Van der Ploeg (PvdA), die tegen een verruiming van de regeling is, verbaast haar, omdat Giskes meent dat een aandelenregeling een goede manier is om de inkomensongelijkheid gedeeltelijk op te heffen. De Tweede Kamer stemt dinsdag over de motie van D66 waarbij werknemers fiscaal worden gestimuleerd om aandelen te kopen in het bedrijf waar ze werkzaam zijn.