Filippijnse kandidaten vrezen de filmster

Volgende maand kiezen de Filippijnen een nieuwe president. De belangrijkste kandidaat lijkt Joseph Estrada, een oud-filmster met meer verstand van vrouwen en boksen dan van economie.

MANILA, 27 MAART. Willie Nepomuceno kent sinds kort zijn kernactiviteiten voor de komende maand. De Filippijnse cabaretier, die in Manila volle zalen trekt met imitaties van politieke kopstukken uit zijn land, vernam twee weken geleden welke kandidaten onderling mogen strijden om het presidentschap van de Filippijnen. Van de 83 mannen en vrouwen intekenden als gegadigde, kregen 72 kandidaten van de Kiescommissie te horen dat zij hun campagnes kunnen beëindigen omdat zij niet serieus genomen worden.

“Ik weet nu tenminste op wie ik me moet concentreren”, lacht Nepomuceno, na afloop van een optreden in het prestigieuze Manila Hotel.

Maar ook dat is nog een buitengewoon lastige opgave voor de artiest. Want geen van de 11 presidentiables die de hoofdrol mogen spelen in het 'carnaval der carnavals', zoals de campagnetijd alom wordt omschreven, heeft tot nu toe tot de collectieve verbeelding kunnen spreken van de kiezers, die op 11 mei hun stem mogen uitbrengen op een opvolger van de huidige president Fidel Ramos. Zestig procent van de kiezers weet nog niet op wie men zal stemmen.

Politiek in de Filippijnen lijdt onder een zwak partijensysteem; voor de bijna 70 miljoen Filippijnen draait alles om personalities. Daarom is het niet verwonderlijk dat voormalig filmster Joseph Estrada in de meeste opiniepeilingen bovenaan staat. De 60-jarige Estrada, die de afgelopen zes jaar vice-president was, wil de Ronald Reagan van zijn land worden. “We hebben veel overeenkomsten. Hij is ook voorzitter van de vereniging van filmsterren geweest”, zegt hij doodserieus, 's avonds laat in een restaurant in Manila waar hij bijkomt van een lange dag campagne voeren. In zijn mondhoek bungelt een Lucky Strike onder een zwarte boevensnor.

Zijn tegenstrevers in de campagne leken aanvankelijk een makkie te hebben aan Estrada. Hij is immers de man van de drie 'B's': booze, broads and baccarat: drank, vrouwen en gokken. Hij houdt er meerdere gezinnen op na en hij heeft verkeerde vrienden. Hij maakte zijn school niet af, ontbeert elke kennis van economie, spreekt nauwelijks Engels en zou, zo vrezen diplomaten en analisten massaal, in één klap alle vooruitgang die Ramos met zijn uitgekiende liberaliseringspolitiek de afgelopen jaren boekte, onderuit halen. “Joseph is een goede vriend van me, maar ik vrees de dag dat hij president wordt”, zegt oud-minister en politicoloog Amante Bigornia. “Hij is misschien niet zo dom als zijn kritici zeggen, maar hij is dom. Dat is zeker!”

Estrada lacht de kritieken weg. “Ik heb mijn track-record. Ik ben 16 jaar burgemeester geweest van San Juan, een voorstad van Manila. Daar was ik erg succesvol. Ik kan verandering brengen voor de mensen”, zegt de man die in al zijn films steeds dezelfde rol speelde: kampioen van de armen. “Ze zeggen dat ik een slechte gezondheid heb. Tegelijkertijd beweren mijn opponenten dat ik een rokkenjager ben. Maar zeg nou zelf: dat gaat toch niet samen?” Het leger assistenten dat Estrada overal volgt, lacht enthousiast om de grap die hun baas dagelijks herhaalt. Zo bespeelt Estrada de massa.

Maar als gevraagd wordt naar zijn economische politiek voor de komende zes jaar, valt iedereen stil. Het is de achilleshiel van Estrada's campagne. “Mijn eerste zorg is dat er voedsel moet zijn voor iedereen in dit land. Ik wil meer aandacht geven aan landbouw. In andere landen zijn de boeren rijk, bij ons zijn ze arm. Dat moet veranderen”, vertelt Estrada. Hoe, dat kan hij nog niet zeggen.

Een recente enquete van het Filippijnse Social Weather Station leert dat 53 procent van de kiezers de economie het belangrijkste onderwerp van deze verkiezingen vindt. Maar tussen de 11 kandidaten zijn er maar weinig bij wie de economie een rol speelt in de campagne. “Ik ben de enige met een serieus sociaal-economisch programma”, beweert José de Venecia, voorzitter van het Huis van Afgevaardigden en de kandidaat uit de Lakas-NUCD partij van Fidel Ramos. “Dit land heeft een politieke leider nodig die kan aangeven hoe de economische problemen kunnen worden opgelost. Dus ik maak een goede kans de verkiezingen te winnen”, vertelt de Venecia in zijn luxueuze huis in Dasmarinas Village, een villawijk achter hoge muren in het centrum van de Filippijnse hoofdstad.

Zijn huis is omgebouwd tot hoofdkantoor van zijn campagneteam. Aan de muren hangen foto's van De Venecia waarop hij, als een ware president, een herkenningsteken met de handen maakt. Oud-president Ferdinand Marcos had de overwinnings-'V', zijn opvolgster Cory Aquino maakte de 'L' van Laban (Vecht) met haar duim en wijsvinger en al 6 jaar lang houdt Fidel Ramos zijn duim op. José de Venecia heeft gekozen het beleid van Ramos voort te zetten en hij steekt overal waar hij komt nu twee duimen omhoog.

“Ik heb maar één serieuze tegenstander in de verkiezingen. Dat is de filmster”, zegt De Venecia. Hij denkt Estrada de komende weken in te halen in de opiniepeilingen. Maar analisten twijfelen daar aan. In hun ogen heeft De Venecia een groot imago-probleem. “Hij is een saaie trapo”, zegt Solita Monsod, professor aan de universiteit van Manila, verwijzend naar de Filippijnse uitdrukking voor een traditionele politicus. In de Filippijnen wordt die term gebruikt voor voormalige medewerkers van oud-president Marcos die allen aan hetzelfde euvel lijden: ze zijn onbetrouwbaar.

De Venecia weet dat hij Estrada met gemak zou verslaan in een rechtstreeks debat, maar de filmster weigert publiekelijk te discussiëren met zijn rivaal. Ook de suggestie van De Venecia om samen met Estrada een fitness-test te doen om te kijken wie er fysiek het best aan toe is, is afgeslagen. “Dat is iets voor oude mannen”, vindt Estrada. “Laten we in de boksring maar uitvechten wie de sterkste is”, bood hij kort geleden aan.

Een outsider die de strijd tussen Estrada en De Venecia nog serieus zou kunnen beïnvloeden, is Alfredo Lim, de 68-jarige burgemeester van Manila. Lim weet zich verzekerd van de steun van kardinaal Jaime Sin, Manila's invloedrijke aartsbisschop, en Cory Aquino, van wie zelfs wordt gefluisterd dat zij een relatie met de burgemeester heeft. Onder leiding van de oud-politieman Lim daalde de criminaliteit en de drugshandel in Manila. Zijn eigenzinnige opsporingsmethoden leverden de burgemeester de bijnaam Dirty Harry op, maar riepen tegelijkertijd kritiek op van mensenrechtenorganisaties. Ook is er twijfel of Lim niet te oud is en of hij wel middelen heeft om de dure verkiezingscampagne tot het einde toe te blijven voeren.

De rijkste presidentskandidaat is zonder twijfel Imelda Marcos, de voormalige first lady, berucht om haar extravagante levenswijze. De naar eigen zeggen 68-jarige vroegere schoonheidskoningin van Manila, die namens haar geboorteprovincie Leyte al een aantal jaren in het Filippijnse parlement zit, doet dit jaar een alles-of-niets poging: ze is onlangs veroordeeld tot 12 jaar gevangenisstraf wegens corruptie, maar is op borgtocht vrij. Ze droomt ervan president te worden, zichzelf vrij te spreken van alle aanklachten en haar in 1989 op Hawaï overleden man alsnog een staatsbegrafenis te geven.

De komende weken trekken de 11 verkiezingskaravanen langs alle uithoeken van de eilanden-archipel. Dorpen zullen zich laten fêteren voordat de bewoners een keuze maken. “Stemmen kopen is hier nog steeds een normale gang van zaken. Voor 200 peso's (10 gulden) koop je een stem. Elke kandidaat doet dat. Het is geaccepteerd”, vertelt Solita Monsod. “Maar waar het dit jaar om draait, is dat het echt eerlijke verkiezingen worden. Stemmen kopen is prima, maar stemmen tellen moet eerlijk in zijn werk gaan. Alleen door eerlijke verkiezingen kunnen we bewijzen dat we een serieuze, volwassen democratie zijn”, zegt de professor.