VRAGEN EN ANTWOORDEN

De tien meest gestelde vragen van ouders en leerlingen:

1 Als een leerling twijfelt tussen twee profielen, kan hij/zij dan ook beide volgen?

Makkelijk is het niet, maar onmogelijk evenmin. Een leerling kan alleen een tweede profiel in het vrije deel volgen. Het vrije deel omvat ongeveer twintig procent van het totale programma. In de praktijk zullen de twee gekozen profielen dus erg aan elkaar verwant moeten zijn, zodat de leerling in het eerste profiel een aantal vakken al heeft gehad. Cultuur en Maatschappij gecombineerd met Economie en Maatschappij bijvoorbeeld, of Natuur en Gezondheid, gecombineerd met Natuur en Techniek. Het is ook mogelijk een deel van een tweede profiel in het vrije deel te volgen.

2 Hoe ziet de schooldag eruit zonder het bekende lesrooster? Vroeger bestond een schooldag uit acht lessen van vijftig minuten. Dat zal straks ingrijpend veranderen. Voor het zelfstandig leren zal ook tijd worden ingeruimd. Hoeveel tijd, dat verschilt van school tot school. Het merendeel van de scholen combineert klassikaal onderwijs met zelfwerkzaamheid. Leerlingen kunnen bijvoorbeeld een steunles volgen waarin stof wordt herhaald, of een verdiepingsles waarin nieuwe stof wordt aangeboden. Maar ze kunnen ook vragen om vakbegeleiding: zelfstandig werken, maar wel altijd met een docent in de buurt op wie ze een beroep kunnen doen.

Slechts een enkele school laat het klassikale onderwijs geheel los en laat leerlingen - onder begeleiding van de docent - zelf bepalen wanneer ze een taak doen en wanneer ze klaar zijn voor een toets. Ze krijgen dan taakkaarten waarop de docent de afgewerkte taken en het cijfer van de eindtoets aftekent. Houdt de leerling zich niet aan een minimum aantal taakkaarten, dan is hij/zij verplicht een lagere onderwijsafdeling te gaan volgen.

3 Hoe houdt de docent de voortgang van zijn leerlingen in de gaten? Voortgangstoetsen - tussentijdse toetsen - zijn een handige manier voor de docent om de vorderingen van zijn leerlingen in de gaten te houden. Daarnaast krijgen de meeste scholen een studieplannings- en registratiesysteem (SPRS): een gecomputeriseerd bestand waarin gegevens van leerlingen worden bijgehouden. Naar verwachting zullen scholen meer mentoren aanstellen of een mentorraad opzetten (zo ze die al niet hadden) die voortgangsgesprekken tussen docent en leerling belegt.

4 Wordt het studieprogramma niet te zwaar voor leerlingen? De overheid gaat uit van een studielast van veertig weken van veertig uur, ofwel: 1.600 uur per jaar. Dat is een stuk meer dan de huidige 1.200 à 1.300 lesuren. De doorsneeschooldag wordt daardoor naar verwachting een uur langer dan nu en zelfs een hardwerkende leerling zal stevig moeten aanpoten, wil hij/zij aan die eis voldoen. De vraag dringt zich op of het lesprogramma in de tweede fase niet te zwaar is en onderwijs op termijn geen survival of the fittest wordt. De overheid gaat ervan uit dat het lesprogramma in de praktijk meevalt en dat het gevarieerde onderwijsaanbod leerlingen gemotiveerd houdt.

5 Kun je straks nog blijven zitten? Daar zijn de meeste scholen nog niet uit. Wat gebeurt er wanneer een leerling wel voldoet aan de aardrijkskunde-studielast en niet aan de economie-studielast? Naar verwachting zal het zittenblijven wel blijven bestaan voor vierdeklassers, maar verdwijnt de overgang tussen vijfde en zesde klas op den duur. Op een enkele school is het zittenblijven nu al onmogelijk; als een leerling op zo'n school het minimumtempo niet bijhoudt, daalt hij of zij zonder pardon af naar een lager onderwijsniveau.

6 Kan een leerling nog van profiel veranderen, als hij/zij eenmaal gekozen heeft?

Switchen van profiel is in beperkte mate mogelijk en hangt af van het moment waarop de school de profielvakken aanbiedt: in het begin van de vierde klas, aan het einde daarvan of in de vijfde klas. Algemene regel: hoe langer leerlingen kunnen wachten met hun keuze, des te makkelijker is het om te switchen. Als leerlingen in het vrije deel vakken volgen die verwant zijn aan het nieuw te kiezen profiel, zal de overstap gemakkelijker zijn. Havo-leerlingen hebben nog een ander probleem: hun vrije deel is iets korter dan dat van VWO-leerlingen, waardoor het ook moeilijker is zomaar van profiel te veranderen. Sommige insiders achten het zelfs onmogelijk.

7 Wordt onderwijs straks duurder?

De meningen hierover verschillen. Uitgevers van studieboeken zullen naar verwachting massaal overstappen op fullcolour studiemateriaal. De prijs van boeken zal daardoor een stuk omhoog schieten. En wat te denken van de computers, Internetaansluitingen en videosystemen waarover scholen binnenkort moeten beschikken? Krijgen zij daarvoor extra geld van het ministerie of moeten zij die middelen uit eigen zak bekostigen? In het laatste geval kan een school bijna niet anders dan een deel van de gemaakte kosten doorberekenen aan de consument: de leerling.

8 Als een leerling van school verandert (wegens verhuizing bijvoorbeeld), sluit het systeem van de nieuwe school dan nog wel aan op dat van de oude?

Het idee van het studiehuis is dat leerlingen zelfstandiger worden. Hoe die zelfstandigheid vorm krijgt, hangt af van de individuele school. Scholen zullen daarom het meest van elkaar gaan verschillen op het punt van de zelfwerkzaamheid en de invulling van het vrije deel. De profielen zijn voor iedere school hetzelfde, maar de vakken in het vrije deel zullen van school tot school verschillen. Omdat dit slechts een klein deel van het studieprogramma beslaat, zullen de verschillen tussen scholen (qua lesprogramma) in de praktijk marginaal zijn.

Het is raadzaam bij de oude school te informeren of zij deel uitmaakt van een regionaal scholennetwerk; zogenoemde zusterscholen stemmen hun lesprogramma's namelijk op elkaar af.

9 Is doorstroming van 5-Havo naar 5-VWO straks nog mogelijk? Als een Havo-leerling zijn of haar profiel 'meeneemt' naar het VWO wel. Het is raadzaam voor een Havo-leerling bij de keuze van de vrije vakken rekening te houden met de eisen die op het VWO worden gesteld. Anticiperen dus. De studielast van een VWO-leerling is een stuk zwaarder dan van Havo-leerlingen (meer verplichte vakken bijvoorbeeld), maar daar staat tegenover dat een ex-Havo-leerling vrijstelling kan vragen voor een aantal vakken op het VWO.

10 Krijgen Havo- en VWO-leerlingen een centraal eindexamen? Voor de meeste vakken wel. Er is een aantal vakken waarvoor alleen een schoolexamen hoeft te worden afgelegd, zoals algemene natuurwetenschappen, klassieke culturele vorming en informatica. Bij het centraal eindexamen zal - meer dan voorheen - de nadruk liggen op de vertaling van theoretische kennis naar de praktijk. Voorbeelden: het berekenen van de kinderbijslag voor een alleenstaande moeder of de kans dat een land voldoet aan de toetredingsnormen voor de EMU.