'Zonde der afzijdigheid'; Clinton gaat kort te biecht in Rwanda

KIGALI/KAMPALA, 25 MAART. President Clinton sprak vanmorgen tijdens een bliksembezoek aan Rwanda met overlevenden van de genocide in 1994. Hij erkende dat hij niet snel genoeg heeft gehandeld om het moorden te stoppen.

Nadat president Bill Clinton in Ghana, de eerste etappe van zijn elfdaagse reis door Afrika, het continent in het zonnetje had gezet en een nieuw afro-optimisme uitstraalde, sprak hij gisteren en vandaag in het gebied van de Grote Meren over de schaduwzijden van het verre en nabije verleden. Daarbij betuigde hij spijt over de slavernij in Amerika en over de steun van Washington voor Afrikaanse dictators tijdens de Koude Oorlog. Ook biechtte hij de “zonde der afzijdigheid” van zijn land in recente bloedige conflicten.

Vanmorgen, tijdens een bliksembezoek van drie uur aan Rwanda, sprak Clinton vertrouwelijk met zes overlevenden van de genocide in 1994, waarbij naar schatting 800.000 Rwandezen werden omgebracht. Clinton werd op het vliegveld Kanombe, even buiten de hoofdstad Kigali, opgewacht door de Rwandese president, Pasteur Bizimungu, en vice-president - tevens Rwanda's sterke man - Paul Kagame. Tijdens deze - de kortste - etappe van Clintons Afrikaanse tournee heeft het gezelschap de luchthaven niet verlaten.

Nadat Clinton de tragische getuigenis van de overlevenden had aangehoord, erkende hij dat de wereld niet snel genoeg heeft gehandeld toen het moorden in 1994 begon. “We mogen nooit meer terugdeinzen voor de feiten”, zei hij. “In de hele wereld zaten mensen als ik in hun kantoren zonder de omvang en de snelheid te beseffen waarmee u werd overspoeld door onvoorstelbare terreur”.

Gisteravond kondigde de Amerikaanse onderminister belast met de rechten van de mens, John Shattuck, aan dat Clinton in Kigali vijf initiatieven zou lanceren om te voorkomen dat zich in het gebied van de Grote Meren opnieuw een volkerenmoord voordoet. De VS zullen onder meer 30 miljoen dollar uittrekken voor versterking van de tribunalen die de schuldigen van de genocide moeten berechten en 2 miljoen dollar bijdragen aan het steunfonds voor de overlevenden.

Clinton sloeg gisteren in Oeganda al een boetvaardige toon aan. Tegenover enkele honderden leerlingen van een lagere school in het dorp Mukono, dertig kilometer van Kampala, zei hij: “In de tijd dat wij nog geen natie waren, profiteerden Amerikanen van Europese origine van de vruchten van de slavenhandel. Dat was fout.” De spijtbetuiging was kort en de woorden waren kennelijk zorgvuldig gewogen. Clintons woordvoerder, Mike McCurry, had al voor vertrek naar Afrika aangekondigd dat de president geen 'excuses' zou aanbieden voor de slavernij.

In Mukono zei Clinton ook dat de VS “niet altijd recht hebben gedaan aan Afrika”. Tijdens de Koude Oorlog had Washington de landen van Afrika “eerder beoordeeld naar het kamp waarin ze zich bevonden in de strijd tussen de VS en de Sovjet-Unie dan naar hetgeen zij deden voor hun eigen volk”. Clinton biechtte vervolgens wat hij noemde “de ergste zonde die Amerika ooit heeft begaan tegenover Afrika: die van afzijdigheid en onwetendheid”.

De toehoorders applaudisseerden pas toen de president een programma aankondigde ten bedrage van 120 miljoen dollar voor verbetering van de onderwijzersopleidingen in Afrika. (AFP, Reuters)