Wall Street ziet Aziatische firma's graag komen

Terwijl de crisis in Azië nog altijd niet voorbij is, is de New York Stock Exchange al bezig met voorbereidingen om Aziatische bedrijven naar de beurs te halen.

NEW YORK, 25 MAART. Georges Ugeux, internationaal vice-president van de New York Stock Exchange (NYSE), weet nog precies wanneer de Azië-crisis op de grote beurzen uitbrak. “Op donderdag hadden we de beursgang van China Telecom en daarna zijn we helemaal opgedroogd”, zegt hij in het gebouw van de NYSE, hoek Wall Street en Broad Street. Op vrijdag 24 oktober stortte de beurs van Hongkong in en kregen ook de Amerikaanse beurzen een duw. Het vertrouwen is nog niet zodanig hersteld dat Aziatische bedrijven alweer een notering kunnen krijgen.

Terwijl ver weg in Azie valuta devalueerden, banken in crisis verkeerden en overheden druk overlegden met vertegenwoordigers van het International Monetair Fonds (IMF), kwamen tussen kerst en nieuwjaar in New York vertegenwoordigers van zakenbanken, commerciële banken en de Fed (het Amerikaanse stelsel van centrale banken) bij elkaar. J.P. Morgan. Goldman Sachs, Salomon Smith Barney, Banker's Trust en Citibank waren allemaal partij of adviseur. Ook Italiaanse en Britse bankiers waren aanwezig. Om verdere paniek op de markten te voorkomen moesten banken met hulppakketten komen om de kortlopende-schuldencrisis te bezweren.

Wie anders dan de New-Yorkse banken? Het geld zit immers in de Verenigde Staten. Niet alleen het geld overigens. De Zuid-Koreaanse regering heeft Goldman Sachs en Salomon Smith Barney als adviseurs aangetrokken om hun financiele huizen weer in orde te brengen.

Die banken doen nu de nodige contacten op om straks weer bedrijven uit dat land naar de New-Yorkse beurzen te brengen. Hoewel er nu even een adempauze is ingelast, heeft de NYSE een ambitieus langetermijnprogramma. Daarbinnen beschouwt men Azie als ondervertegenwoordigd. Van de ongeveer drieduizend noteringen aan de beurs zijn er 344 niet-Amerikaans. Van dat aantal zijn er 43 afkomstig uit Azie, inclusief 11 uit Japan, 8 uit China en 9 uit Hongkong. Dat is relatief weinig.

De NYSE redeneert dat tweederde van de wereldeconomie buiten de VS ligt en dat is niet weerspiegeld in de beleggingen. Amerikaanse beleggers hebben maar tien procent van hun kapitaal in buitenlandse bedrijven.

De hoeveelheid verhandelde Aziatische aandelen aan de NYSE is sinds eind oktober verdubbeld. Er is meer aandacht voor Azië. “Als Soeharto iets zegt”, aldus James Shapiro, manager internationale noteringen en later deze maand hoofd van een nieuw kantoor in Japan, “wachtte men hier vroeger totdat de Aziatische markten hadden gereageerd. Die tijd is voorbij en dat komt niet alleen maar omdat we nu middenin de crisis zitten.”

De grootste zorg van de NYSE tijdens de crisis waren mogelijke faillissementen. Tripolita, een bedrijf uit Indonesië, verloor negentig procent van zijn marktwaarde en werd van een bedrijf van 150 miljoen opeens een bedrijf van vijftien miljoen. Inmiddels heeft de koers zich weer hersteld. De beurs verwacht dat in de tweede helft van dit jaar de aandelenemissies uit Azie weer op gang komen. Extra eisen zullen niet worden gesteld aan de bedrijven. Shapiro: “Onze normen zijn streng genoeg.”

Hoewel de NYSE graag noteringen heeft uit Azië is het belangrijk dat de bedrijven zelf - meestal na bemiddeling van een bank - naar de beurs komen, zeggen de medewerkers.

Het effect van de crisis is ook dat over de Japanse banken nu openlijk kritisch gesproken wordt. Het schielijk terugtrekken van de tegoeden en de schandalen die de banken teisteren hebben het aanzien nog verder verminderd. “Wij hebben al zeven jaar een uiterst negatief beeld van de Japanse banken”, zegt Chris Mahoney van kredietwaarderingsbureau Moody's. “We zijn niet verbaasd door hoe ze zich ook nu weer hebben gedragen. Het is een symptoom van wat we al wisten.” En Lawrence Kreicher van Alliance Capital Management, zegt: “Het gedrag van Japan is teleurstellend geweest.”

Een positieve uitkomst van de crisis is groeiend vertrouwen in China. Robert Hormats, vice-voorzitter van Goldman Sachs, spreekt de suggestie tegen dat China de volgende dominosteen is die omvalt. “China is in de huidige crisis een belangrijke stabiliserende factor geweest”, zegt Hormats. “Het hield zijn eigen munt stabiel, het steunde Thailand en speelde internationaal een actieve rol. China's status in de financiële wereld is duidelijk gestegen.” China heeft problemen, maar die zijn niet onmiddellijk van invloed op de gehele Zuidoost-Aziatische regio. “China moet nog steeds zijn banken en bedrijven herstructureren en deels privatiseren”, zegt hij, “maar het land heeft goede mensen, die de problemen heel pragmatisch benaderen.”

Volgens de mensen bij Moody's zijn er geen problemen in China, maar moet het land wel oppassen. “China heeft flinke reserves op het moment, maar die kunnen snel slinken, zoals we in Zuid-Korea zagen”, zegt Tom Byrne. “Er is een aantal onzekere factoren. China heeft een zwak financieel systeem maar betrekkelijk weinig banden met buitenlandse banken. De geïntegreerdheid van de banken met de regio is niet erg groot.”

De omvang en snelheid van de verspreiding van de crisis heeft velen verrast. Het gevolg is dat Amerikaanse beleggers meer informatie en meer openheid eisen. “Als er geen informatie naar buiten komt of er is onduidelijkheid, reageren markten zeer negatief”, aldus James Shapiro van de NYSE. “Men denkt: 'Ze zeggen niets dus het zal wel heel erg zijn.' ”

Moody's is er dan ook toe overgegaan zijn terminologie in het beoordelen van economieën en overheden te veranderen. Het bureau, dat van verschillende kanten is bekritiseerd, wil voorafgaand aan een 'verandering in kredietwaardering' eerst een 'verandering in de vooruitzichten'.

Economen verwachten dat na de hervormingen een land als Zuid-Korea zijn concurrentiepositie alleen maar zal hebben versterkt. De NYSE zal bedrijven op zoek naar kapitaal met open armen ontvangen.