Opnieuw geweld in Kosovo: drie doden

PRIINA, 25 MAART. In Kosovo zijn gisteren een Servische politieman en twee Albanezen - volgens de Serviërs terroristen - gedood bij een treffen.

Volgens de Serviërs viel gisteren een politie-patrouille in een dunbevolkt gebied op 45 kilometer ten westen van Priina in een hinderlaag van Albanese terroristen. Daarbij zou een Servische politieman zijn gedood en zou een tweede ernstige verwondingen hebben opgelopen. Bij een tegenaanval van de politie zouden twee Albanezen zijn gedood. Eerder was gemeld dat vier Albanezen waren gedood. Volgens de politie ging het om leden van het Kosovar Bevrijdingsleger UÇK. De politie zou een omvangrijke hoeveelheid wapens op de 'terroristen' hebben buitgemaakt.

De Albanezen van hun kant meldden dat vier gehuchten door de politie waren omsingeld zonder dat daar een duidelijke reden voor was. Journalisten konden het gebied niet bereiken: ze stuitten op Servische wegversperringen. Fotografen die het gebied wel binnenreden werden beschoten, waarbij één auto met kogels werd doorzeefd en waarbij een andere auto werd geraakt door een granaat zonder dat daarbij overigens gewonden vielen.

De journalisten spraken met dorpelingen die voor het geweld op de vlucht waren geslagen en die zeiden niet te weten waarom er werd geschoten en waar hun familieleden waren.

De belangrijkste partij van de Albanezen, de Democratische Liga van Kosovo (LDK), deed later gisteren een beroep op de internationale gemeenschap om een eind te maken aan “de dramatische situatie” en de “Servische agressie”.

De LDK lijkt - niet onverwachts - af te stevenen op een grote zege bij de verkiezingen van eind vorige week voor het 'parlement' van de door niemand erkende 'Republiek Kosovo'. Tot dusverre zijn de stemmen in twintig van de 26 kiesdistricten geteld.

De LDK van 'president' Ibrahim Rugova heeft tot nu toe 67 van de 130 zetels in het parlement veroverd. Van de 130 zetels worden er honderd proportioneel gevuld. Rugova zelf heeft 99,2 procent van de uitgebrachte stemmen gekregen bij de tegelijkertijd gehouden presidentsverkiezingen. Hij was daarbij overigens de enige kandidaat; zijn belangrijkste rivaal, Adem Demaçi, boycotte de verkiezingen. (Reuters, AFP)