'Leider PDS informeerde Stasi'

BONN, 25 MAART. Gregor Gysi, leider van de PDS, de voormalige communistische partij in de DDR, was een informant van de Oost-Duitse veiligheidsdienst Stasi. Dat heeft een Duitse parlementaire commissie gisteren gezegd in een voorlopige conclusie. Gysi ontkent de aantijging en beschuldigt de commissie van het bedrijven van politiek. Ook verschillende politici, ondermeer van de SPD, hebben gezegd dat de commissie juist nu met haar conclusies komt om de PDS voor de verkiezingen van september in diskrediet te brengen.

Volgens de christen-democraat Andreas Schmidt laat de uitspraak van de commissie zien dat de PDS “een vergaarbak voor Stasi-informanten” is. Schmidt pleit voor een “anti-totalitaire consensus van democraten” en roept politici van alle partijen “rechts zowel als links” op om niet meer met de PDS samen te werken.

Lothar Bisky, voorzitter van de PDS, noemde de aantijgingen een “onvoorwaardelijke poging om (Gysi) in diskrediet te brengen”.

De parlementscommissie heeft Gysi uitgenodigd zich tegen de aanklacht te verweren, voordat ze volgende maand met een definitief oordeel komt. Mocht de commissie blijven bij haar conclusie dat Gysi ten tijde van de DDR als advocaat van dissidenten informatie zou hebben doorgegeven aan de Stasi, dan zou het parlement een procedure kunnen beginnen om Gysi's parlementaire onschendbaarheid op te heffen, waarna de mogelijkheid bestaat hem voor de rechter te brengen.

Het onderzoek naar Gysi begon in 1995, toen parlementariërs de onderzoekers van de Stasi-dossiers vroegen om na te kijken wat er over Gysi in het archief te vinden is. Volgens sommige deskundigen zijn de bewijzen tegen de PDS-politicus bijzonder mager. In 1996 stapte Gysi naar het Constitutionele Hof in Karlsruhe, het hoogste Duitse rechtscollege, omdat hij vond dat de commissie met het onderzoek zijn rechten als parlementariër schond. Het Hof oordeelde echter in juli van dat jaar dat de commissie haar werk mocht voortzetten. (Reuters, AP)