Eis van vijf maanden tegen leider NVU Joop Glimmerveen

ROTTERDAM, 25 MAART. In Nederland mag iedereen zeggen wat hem niet bevalt. Maar die vrijheid van meningsuiting geeft extreem-rechts niet het recht om maar te roepen wat men wil. Dit betoogde officier van justitie P. Notenboom vanmorgen voor de rechtbank in Rotterdam tijdens de zaak tegen Joop Glimmerveen, de leider van de Nederlandse Volksunie (NVU). Hij eiste vijf maanden gevangenisstraf tegen Glimmerveen wegens het aanzetten tot haat, discriminatie en belediging.

Volgens de officier is het bewijs geleverd dat Glimmerveen zich daaraan in de eerste week van november 1996 schuldig heeft gemaakt. De beledigingen betroffen zowel individuen als groeperingen.

De NVU-leider deed zijn uitlatingen tijdens twee bijeenkomsten, waar ook een geselecteerd aantal journalisten aanwezig was. Dat maakte de samenkomsten volgens de officier openbaar. Op een vergadering van CP'86 in Rotterdam-Zuid, waar Glimmerveen zoals hij zelf zei als gastspreker optrad, ging de NVU-leider tekeer tegen buitenlanders en vooral tegen het Tweede-Kamerlid Singh Varma (GroenLinks). Glimmerveen noemde haar een bedriegster en oplichtster, die in een werkkamp hoort.

Een week later, op een bijeenkomst waar ook neonazi's uit Duitsland en België aanwezig waren, herhaalde hij die woorden. “Vorig jaar heb ik ook nog zoiets gezegd over die voetballer Kuitert of hoe heet hij ook weer? Precies, Kluivert”, aldus Glimmerveen. Na de bijeenkomsten werden twee voorbijgangers met een donkere huidskleur door de neonazi's in elkaar geslagen. Volgens justitie een direct gevolg van de opruiende taal van onder anderen Glimmerveen. Die vond dat het biergebruik tijdens de vergadering een belangrijker rol had gespeeld.

Eind 1996 had Glimmerveen ook bedreigingen geuit jegens hoofdredacteur J. Schinkelshoek van de Haagse Courant, die in een commentaar justitie had opgeroepen om stappen te ondernemen tegen extreem-rechtse activiteiten. Uitspraak over 14 dagen.