Eenvoud geeft kracht aan voorstelling van Carver over een stel

Voorstelling: De Verbouwing door Theatergroep Carver. Regie: Helmert Woudenberg. Decor: Edwin Kolpa. Muziek: Truus Melissen en Louis ter Burg. Spel: René van 't Hof, Beppie Melissen, René Groothof, Jim van der Woude. Gezien: 21/3 De Toneelschuur, Haarlem. Tournee t/m 6/6. Inl. (020) 627 75 55.

Theatergroep Carver heeft een zwak voor mensen die schutterend en brokken makend door het leven gaan, voor mensen dus als wij. Alledaags en zeer herkenbaar zijn de situaties waar Carver theater van maakt. De verbouwing, Carvers nieuwste productie, gaat werkelijk over een doodgewone verbouwing: met werklui over de vloer, een ontregeld huishouden en een stel verzenuwde opdrachtgevers.

Die opdrachtgevers, een vrouw en een man, willen hun huis in tweeën laten splitsen om elkaar wat minder te hoeven zien. Maar tijdens de werkbesprekingen komen zij elkaar onvermijdelijk tegen en door de aanwezigheid van de timmerlieden wordt hun toch al moeizame onderlinge communicatie nog ingewikkelder.

De vrouw dwingt haar man trammelant te maken over een deurtje - niet omdat het deurtje op zich er zoveel toe doet maar omdat zij de vent met wie ze getrouwd is een slappeling vindt die nu eens aan iedereen moet bewijzen dat hij niet over zich heen laat lopen. En hij, de sul, doet braaf wat zij hem zegt.

Totdat ook de werklui ruzie krijgen over het deurtje. Dan is de puinhoop compleet en neemt de man een radicale beslissing.

Juist de eenvoud van dit verhaaltje geeft de door Helmert Woudenberg geregisseerde voorstelling kracht. Heel onnadrukkelijk groeit de verbouwing uit tot een metafoor voor al het vergeefse geknutsel aan een niet-werkend huwelijk, en zo wint het treurspel het van de klucht. Wat niet wil zeggen dat lachen verboden is. Net als in Fred zet Carver het menselijk onvermogen te kijk met behulp van een lichamelijke acteerstijl die zowel grotesk is als subtiel en aandoenlijk.

Beppie Melissen, in een huis met papieren muren waarop het licht grote schaduwen werpt, heeft een scheve, schichtige huppel waardoor de tirannie van de vrouw die zij speelt iets erg onzekers krijgt. René Groothof als de echtgenoot weet zijn lijf zo in elkaar te persen dat er niets anders van overblijft dan een knokig hoopje ellende.

Jim van der Woude is een aannemer vol verbale remmingen en zelfverwijten en René van 't Hof, het hulpje, straalt ondanks aanvallen van assertiviteit een ontzaglijke verslagenheid uit. Vier gelijkwaardige spelers, elk met hun persoonlijke tics en toch perfect op elkaar afgestemd: dat is een genot om te zien.