Boys on the Side

Boys on the Side (Herbert Ross, 1995, VS). Belg.2, 20.30-22.25u.

Mannen zijn bijgerechten. Af en toe zet je er een vork in. Zo heet het althans in Boys on the Side.

Deerniswekkende bijgerechten zijn het bovendien. De één is een drankzuchtige drugsdealer die blindelings zijn vriendin kort en klein pleegt te slaan. De ander een steile politie-agent die zo onwaarschijnlijk recht in de leer is, dat hij hoogstpersoonlijk zijn toekomstige vrouw arresteert. Beklagenswaardige mannetjes à la James Cameron, de regisseur van Titanic, die zichzelf eerder deze week bij de Oscar-uitreiking in een vlaag van masculiene openhartigheid uitriep tot King of the World.

Toch is Boys on the Side geen anti-mannenfilm, eerder een ode aan het verschijnsel female bonding, die kameraadschappelijke solidariteit onder vrouwen.

Scenarist Don Roos (eerder goed voor Single White Female) bracht drie zeer verschillend geaarde vrouwen samen: Whoopi Goldberg als zwarte rockzangeres, Mary-Louise Parker als blanke makelaar met een voorliefde voor The Carpenters en de speelfilm The Way we were, en Drew Barrymore als een spring-in-het-veld uit een drugsmilieu. Hun vriendschap zal alles overwinnen, al liegen de struikelblokken er niet om.

Wat begint als een road movie blijft na een half uurtje steken in Arizona. De één is zwanger en heeft de dood van haar vriendje op haar geweten, de ander blijkt aids te hebben en de derde is gewoon lesbisch.

Melodrama, tear jerker, soap, smartlap: Boys on the Side is het allemaal. Maar dan wel een smartlap boordevol relativerende, even ironische als wijze kwinkslagen over vriendschap en de menselijke psyche. Bovendien wist de kleurloze vakman Herbert Ross (The Turning Point, Steel Magnolias) de drie actrices te inspireren tot ideaal spel.

Tot de vele onweerstaanbare scènes behoort die waarin Whoopi Goldberg aan Mary-Louise Parker uitlegt hoe bevrijdend het is om hardop 'kut' te zeggen. Op dat soort momenten merk je dat vrouwen inderdaad leuker zijn dan mannen.