VN: Nederland laks over discriminatie

DEN HAAG, 24 MAART. Politie en justitie moeten actiever worden in het opsporen en bestrijden van rassendiscriminatie en een effectiever vervolgingsbeleid voeren.

Dat is een van de aanvelingen van de commissie van de Verenigde Naties die toeziet op de naleving van de conventie inzake eliminatie van rassendiscriminatie. De commissie verwacht ook van de Nederlandse regering dat zij rassentegenstellingen, met name in de grote steden waar 'blanke' en 'zwarte' scholen en buurten zijn ontstaan, zoveel mogelijk zal bestrijden en het multiculturele karakter van wijken probeert te handhaven.

De VN-commissie, die de afgelopen weken in Genève bijeenkwam, maakt zich ernstig zorgen over de situatie op de arbeidsmarkt waar leden van minderheden slechte kansen hebben en bij sollicitaties moeilijkheden ondervinden. De Nederlandse regering moet beter toezien op gelijke rechten in het sociale en economische verkeer, en dan vooral op het gebied van onderwijs en het krijgen van een baan, aldus de slotconclusie van de 52ste bijeenkomst van de commissie.

Het baart de commissie grote zorgen dat slechts twee procent van alle studenten in het hoger onderwijs afkomstig is uit etnische minderheden. Ook wordt het feit gehekeld dat er zo weinig leraren en wetenschappelijke ambtenaren afkomstig zijn uit minderheidsgroepen. De commissie pleit ervoor leerlingen en studenten afkomstig uit minderheden onderwijs te geven in hun eigen taal.

Bij het toelaten van vreemdelingen worden in Nederland en op de Nederlandse Antillen en Aruba gevallen van rassendiscriminatie gesignaleerd.

De commissie spreekt haar onvrede uit dat Nederland acht jaar lang geen rapporten in Genève heeft gepresenteerd en na al die jaren ook geen recente gegevens heeft ingeleverd over voorvallen van rassendiscriminatie bij het plegen van strafbare feiten en bij incidenten waarbij de hulp van de politie is ingeroepen.

Niet bekend