Over invoering computers; Adviesraad: tweedeling in scholen dreigt

ROTTERDAM, 24 MAART. De selectie van zogeheten 'voorhoedescholen', die als eerste geld krijgen om computers in te voeren, kan leiden tot een tweedeling in het onderwijs op het gebied van informatie- en communicatietechnologie (ICT). Dit staat in een advies dat de Onderwijsraad gisteren heeft uitgebracht aan minister Ritzen van Onderwijs.

Eind vorig jaar zijn 120 van de 710 middelbare scholen en 104 van de 8.000 basisscholen geselecteerd als 'voorhoedeschool'. Zij zijn gekozen op grond van de activiteiten en faciliteiten die ze al hebben op het gebied van ICT. Ze krijgen dit jaar geld om computers en software te kopen en om zich aan te sluiten bij het landelijke computernetwerk voor scholen, Edunet. Bedoeling is dat de overige scholen over een paar jaar ook geld krijgen. De eerste investering in ICT op scholen, in 1997 en 1998, bedraagt 270 miljoen gulden.

De Onderwijsraad waarschuwt in zijn advies aan minister Ritzen (Onderwijs) dat de voorsprong die voorhoedescholen al hebben, groter zal worden als de minister geen extra geld uittrekt om de achterblijvers te steunen. De raad wijst erop dat het “actieplan van de minister geen (financiële) zekerheid biedt” voor de toekomst.

De raad schrijft ook: “De verschillen tussen scholen zullen nog groter worden. Die moeten in de vervolgstappen ongedaan worden gemaakt. Dit zou kunnen betekenen dat er meer middelen moeten worden vrijgemaakt voor de andere scholen.” Ook bepleit de Onderwijsraad uitbreiding van de begroting van scholen zodat leraren krijgen wat ze nu niet hebben: “de tijd en kennis om lessen te ontwikkelen waarin ICT wordt gebuikt”.

Minister Ritzen onderschrijft de kritiek, dat het nog onzeker is of de benodigde 670 miljoen gulden extra voor het ICT-plan zullen worden uitgetrokken door toekomstige kabinetten, zo laat hij weten.

Maar Ritzen verwacht dat het kabinet bij de formatie na de verkiezingen van 6 mei aanstaande dat bedrag wel zal veiligstellen.

Ritzen erkent dat er een kloof bestaat tussen voorhoedescholen en achterblijvende scholen, maar volgens hem is die kloof “slechts tijdelijk”, omdat de bedoeling is dat alle scholen binnen drie jaar een computer per tien leerlingen krijgen. De achterblijvende scholen zullen volgens Ritzen dus hun achterstand inhalen en leren van de ervaringen van voorhoedescholen.