'Nationaal politiekorps, één minister'

GRONINGEN, 21 MAART. Er moet in Nederland een centraal geleid landelijk politiekorps komen waarvoor slechts één minister verantwoordelijk is. De manier waarop de vroegere rijkspolitie was georganiseerd, is een goed voorbeeld van hoe de politie in Nederland zou kunnen werken.

Dit heeft de in januari afgetreden korpschef van de regiopolitie Groningen, J. Veenstra, gisteren bepleit. Hij sprak tijdens zijn officiële afscheidsbijeenkomst. “Een landelijk politiekorps kan heel goed. Het is niet functioneel dat het kleine Nederland 25 regionale politiekorpsen telt. We moeten veel meer een nationale organisatie vormen, zoals dat in andere landen gebruikelijk is. De recente ervaringen in Groningen hebben duidelijk gemaakt dat een situatie met meer dan één kapitein op een schip onwerkbaar is.”

Veenstra diende op 8 januari zijn ontslag in na het uitlekken van het onderzoeksrapport van het adviesbureau Bakkenist. Dat ging in op de slechte verhoudingen in de politieregio Groningen naar aanleiding van de affaire-Lancée, de politiecommissaris van Schiermonnikoog die ten onrechte was aangehouden wegens incest. De onderzoekers uitten zware kritiek op de korpschef. Veenstra blijft overigens als adviseur in dienst van de Groningse politie.

Volgens de ex-korpschef had hij zelf aan de voorbereiding van het rapport-Bakkenist meegewerkt, maar zag de eindversie er volstrekt anders uit dan het concept dat hij eerder onder ogen kreeg. Justitie in Groningen was niet voor het afscheid uitgenodigd, wel voormalig burgemeester Ouwerkerk. Hij stapte vorige maand op in de nasleep van de rellen in de Oosterparkbuurt, kort voor de jaarswisseling. (ANP)