Autonome groei valt Aegon tegen AEGON IN 1997

De autonome groei van Aegon viel vorig jaar wat tegen, maar de beleggingen zorgden voor ruime compensatie. De verzekeraar zit goed bij kas, maar rekent niet op grote acquisities.

Hoofdkantoor: Den Haag

Aantal werknemers: 23.400

Omzet: 31,3 miljard gulden

Nettowinst: 2,21 miljard gulden

DEN HAAG, 20 MAART. De grote Kees Storm-show kon gisteren weer ongehinderd plaatsvinden. De brede grijns op het gezicht van de bestuursvoorzitter van Aegon hoefde tijdens de toelichting op 'het beste resultaat uit de geschiedenis' geen moment te wijken.

Zelfs niet toen het enige smetje van 1997 aan de orde kwam. De premie-inkomsten namen weliswaar met een kwart toe tot 21 miljard gulden, maar de autonome groei bedroeg slechts 9 procent. “En ons streven is altijd 10 procent geweest, dus daar zijn we niet tevreden over”, gaf financieel directeur H. van Wijk gisteren aan.

Vooral in Nederland stegen de premie-inkomsten voor de schadeverzekeringen slechts minimaal, met 2 procent. Volgens de Aegon-directie is dit mede het gevolg van het scherpe selectiebeleid, waardoor het lastige segment 'schade' een lichte winstgroei kon laten zien. Omdat de verzekeraar in het verleden voor pensioen- en levensverzekeringen als kernbedrijf heeft gekozen hoeft zij zich nauwelijks zorgen te maken over het relatief kleine schadesegment (974 miljoen gulden). In Nederland kreeg de 'leven-poot' 8 procent meer premie binnen, tot een totaal van ruim 5 miljard gulden.

De tegenvallende groei aan premie-inkomsten werd verder gecompenseerd door de beleggingen van de verzekeraar, die in het succesvolle beleggingsjaar 1997 met ruim een derde toenamen tot 8,8 miljard gulden. De aanhoudende hausse op de aandelenmarkten zorgden ook voor een forse versterking van het eigen vermogen van Aegon: ook door de uitgifte van nieuwe aandelen nam het beschikbare kapitaal met 60 procent toe tot ruim 18 miljard gulden. In tegenstelling tot bank-verzekeraar ING neemt Aegon een deel van de waardestijging van de beleggingen mee in de berekening van de winst.

Die beleggingen zijn in het afgelopen jaar opgelopen tot 275 miljard gulden, tegen 71 miljard vijf jaar geleden. Voor eigen rekening belegt Aegon 129 miljard, en bijna 90 procent daarvan zit in (risico-arme) vastrentende waarden zoals obligaties. “Wij moeten altijd aan onze verplichtingen kunnen voldoen, maar je ziet dat de polishouders zelf een steeds hoger risicoprofiel kiezen. Van de 110 miljard die wij voor de klanten beheren zit maar liefst de helft in aandelen.”

Met het ruim beschikbare vermogen kan Aegon gemakkelijk grote acquisities plegen, maar op gekke sprongen hoeft niemand te rekenen. “Natuurlijk kijken we bijvoorbeeld goed naar het Verre Oosten, maar met uitzondering van Japan zijn daar geen grote markten. Een grote overname is in de andere landen niet eens mogelijk”, aldus Storm.

Verder gaan de ontwikkelingen in landen als Mexico, de Filippijnen en India langzaam. Te langzaam voor Aegon. “Het kost allemaal veel geld en tijd, dus we hebben afgesproken om aan de nieuwe landen niet meer dan 3 procent van de nettowinst te besteden.” Over twee weken mag Storm de vertegenwoordiging in China openen, maar “van ervaringen van collega's weten we dat het nog wel even kan duren voordat we daar echt kunnen beginnen”, deelde hij een plaagstoot in de richting van ING uit. Dichter bij huis, in Duitsland, draaien de activiteiten na een moeizame start na twee jaar quitte.

De belegger reageerde gisteren teleurgesteld op de 'bescheiden' winstprognose van Aegon voor het lopende jaar. Maar Storm leek zich daar gisteren weinig van aan te trekken. Zijn gedachten gingen wellicht terug naar de presentatie van de derde-kwartaalcijfers, nauwelijks 4 maanden geleden, toen het aandeel slechts 158 gulden bedroeg. Geen reden tot klachten, zal Storm gisteren heimelijk hebben gedacht. Over 1997 voorspelde hij vorig jaar een winstgroei van 15 procent.

    • Erik van der Walle