ANTI-EURO

Alle marktideologie ten spijt zijn ze er nog, academici die zich afzetten tegen de macht van het financierskapitaal en die pleiten voor het alternatief van een groen, sociaal Europa. Radicale economen hebben zich in een platform tegen de euro verenigd. Naar hun mening vormt de euro de overwinning van het neo-liberalisme.

Aanstaande maandag wordt in het Amsterdamse centrum voor cultuur en politiek De Balie de Vereniging Democratisch Europa opgericht. Het is een bundeling van linkse tegenstanders van de Economische en Monetaire Unie. Bij die gelegenheid wordt ook het boek 'De prijs van de euro' met kritische artikelen over 'de gevaren van de Europese monetaire unie' gepresenteerd. De artikelen zijn voortgekomen uit de verklaring die een 'Groep van 70' Nederlandse economen tegen de EMU vorig jaar februari uitgaf. De auteurs zijn onder anderen de hoogleraren De Beus, Klamer, Kleinknecht en Soete.“De EMU stelt haar lidstaten eisen die noch economisch, noch sociaal, noch ecologisch verantwoord zijn”, luidt de samenvatting. De oproep is om de euro “minstens over de komende recessie heen te tillen”.

De bezwaren zijn in zeven punten samen te vatten:

De toelatingscriteria voor de EMU zijn economisch dubieus en dienen een politieke doel: institutionalisering van de neo-liberale markt-ideologie.

De Europese Centrale Bank krijgt zeggenschap zonder democratische controle over de munt en daarmee over de macro-economische politiek.

De EMU-begrotingsnormen werken 'pro-cyclisch'. Elkaar versterkende bezuinigingsrondes kunnen een depressie à la jaren dertig veroorzaken.

De EMU uniformeert de munt en de overheidstekorten, maar niet de belastingstelsels. Nog scherpere beleidsconcurrentie zal het gevolg zijn.

De EMU brengt groeiende werkloosheid en druk op de lonen met zich mee. Vooral vrouwen zullen hiervan de nadelen ondervinden.

De EMU levert sociale en politieke strijd op.

De poging om via de EMU politieke eenheid te forceren in Europa is riskant. Toen vorig jaar de Verklaring van de Groep van 70 uitkwam, riep die overwegend negatieve reacties op. Deze verguizing was deel van een samenzwering: de critici hadden het gewaagd om de bezweringsformules van het politieke en economische establishment in twijfel te trekken. Als 'afvalligen' werden ze niet serieus genomen met hun kritiek op het heersende neo-liberale economische denken, schrijft Ed Lof in zijn inleiding.

Hoewel de auteurs uit verschillende links-politieke richtingen komen, delen ze de overtuiging dat de euro de culminatie is van het verfoeilijke neo-liberalisme, de verheerlijking van de markt en het orthodoxe monetarisme dat vanaf de jaren tachtig (Reagan, Thatcher) de wereld heeft veroverd. De euro-kritici zijn, in meerdere of mindere mate, te bestempelen als (neo-)Keynesianen. Dat wil zeggen: voorstanders van een actieve overheid via een ruimhartig bestedings- en monetair beleid.

Het aardige van het boek is dat het de 'linkse' economische kritiek op de EMU in 200 pagina's bundelt. Er is namelijk ook 'rechts' kritiek op de EMU, samen te vatten onder de vrees dat de euro niet hard genoeg zal worden en dat de zuidelijke landen de benodigde begrotingsdiscipline niet kunnen opbrengen.

Maar dit boek zal euro-voorstanders niet overtuigen. Dat komt deels door de manier waarop de auteurs de EMU interpreteren als een politiek project. Daaronder verstaan ze een ideologische constructie, en niet de politieke context van de Europese eenwording of van de na-oorlogse Europese geschiedenis. Die krijgt geen enkele aandacht.

Zij wijzen het 'neo-liberalisme' af en kiezen voor 'neo-keynesianisme'. Deze verhanging van bordjes garandeert geen groter gelijk. Om een detail te noemen: in de landen die gaan deelnemen aan de EMU is geen sprake van recessie maar van aantrekkende groei. Daar komt bij dat de monetaire unie for all practical purposes al lang is begonnen, in de financiële markten maar ook in de coördinatie van de ministers van financiën of in de monetaire samenwerking van de centrale banken. In de waarschuwingen over afbraak van de sociale zekerheid, het einde van overheidsingrijpen of het failliet van de macro-economie schieten de argumenten door. De Europese verzorgingsstaat bestaat nog.

Als tegenwicht voor de wervelende pr-campagne die vanaf mei iedereen in Nederland rijp moet maken voor de euro, is een dissident geluid in elk geval welkom. (RCJ)

    • Mathijs Smit